Het rapport kwam er in opdracht van minister van Mobiliteit François Bellot (MR), die door de Brusselse rechtbank verplicht werd zo'n studie te laten maken.

Envisa is niet mals voor het beleid en laakt het 'ondoorzichtige, arbitraire, ongecoördineerde, versnipperde en partijdige karakter van de regelgeving en het beheer' van het probleem van de geluidsoverlast op Brussels Airport, dat tot zoveel juridische claims en grote ontevredenheid bij het publiek heeft geleid.

Verbied nachtvluchten

De onderzoekers hebben dan ook een niet mis te verstane boodschap aan het adres van de politici. 'Wij geloven niet dat de nachtactiviteiten coherent zijn met deze luchthaven. Het elimineren of aanzienlijk verminderen van de nachtelijke activiteiten in de loop van de tijd, zou naar onze mening een belangrijke bijdrage leveren aan het herstel van het vertrouwen en respect tussen de luchthaven en de omringende gemeenschap. Veel luchthavens in Europa met een vergelijkbaar karakter verbieden nachtvluchten volledig. Er is veel gelegenheid om een uitstekend bedrijf te ontwikkelen op basis van de vraag naar toegang tot de Belgische en EU-hoofdstad. Uiteindelijk is dit echter een politieke beslissing.'

Verantwoordelijkheid van Brussels Airport

Ook voor de luchthavenbeheerder Brussels Airport hebben de Envisa-onderzoekers een advies: de luchthaven moet het voortouw nemen bij het beheer van de problemen die het gevolg zijn van het lawaai dat wordt veroorzaakt door de vliegtuigen die opstijgen en landen op hun luchthaven. 'Hoewel skeyes en de federale regering het beheer van de activiteiten in de luchtvaart effectief op zich nemen, zou het in het eigen belang van de luchthaven zijn om het probleem proactiever aan te pakken. Het is heel goed denkbaar dat de regionale politieke bescherming die zij nu geniet, niet eeuwig zal duren en dat zij vroeg of laat verantwoordelijk zal worden gehouden voor de milieueffecten die haar activiteiten hebben', zo stellen de onderzoekers van Envisa.

Luchthaven geluidsvriendelijker maken

Envisa vindt dat de infrastructuur van de luchthaven kan worden verbeterd om het vertrek en de aankomst op de luchthaven geluidsvriendelijker te maken. 'Waarom worden deze investeringen niet gedaan? (In vergelijking met aanzienlijke investeringen in commerciële verkooppunten op de luchthaven bijvoorbeeld). Infrastructuurwijzigingen in de start- en landingsbanen, zoals de aanleg van meer taxibanen en de installatie van nieuw materieel zouden leiden tot meer flexibiliteit in het omgaan met de vraag naar verkeer, het aanpassen aan alle weersomstandigheden, het verhogen van de capaciteit en de veiligheid en het verminderen van de geluidsoverlast.'

Nationale geluidswet

Daarnaast pleit Envisa ook voor een nationale geluidswet waarin dezelfde normen voor iedereen zijn vastgelegd.

'De Belgische belanghebbenden moeten instemmen met de oprichting van een federaal adviesorgaan voor een coherente strategie, beleid, regulering en planning inzake vliegtuiglawaai, dat doelstellingen nastreeft, en een voldoende geschoolde en voldoende toegeruste federale toezichthouder voor vliegtuiglawaai of het toewijzen van de taken aan een al bestaande toezichthouder', stelt het rapport.

'Het is aan de Belgische belanghebbende partijen om het algemeen welzijn boven de lokale of regionale politiek te stellen en boven het welzijn van de individuele bevolking, waar de meerderheid van de bevolking baat bij heeft', aldus nog het studiebureau.

Iedereen gelijk

Tot slot raadt Envisa aan om de geluidsregels uit te breiden tot andere luchthavens, teneinde een gelijk commercieel speelveld in stand te houden. 'Bestaande organisatievoorbeelden zoals ACNUSA (Frankrijk) kunnen dienen als een goed voorbeeld voor wat nodig is in België', zo stelt het - Franse - studiebureau vast.

Het eerste deel van de studie, over de impact van de activiteiten van de luchthaven, was al in januari overgemaakt aan federaal Mobiliteitsminister François Bellot (MR). Ook daarin somde Envisa een waslijst op van de vele kwalen die het Belgische luchtvaartbeleid de voorbije jaren parten hebben gespeeld. Zo was er kritiek op de macht die de ministers van Mobiliteit hebben om in te grijpen in de vliegroutes. Dat zijn operationele beslissingen die in veel andere landen genomen worden door administraties, klonk het. Het gevolg is dat veel aanpassingen in België gebeuren op een arbitraire manier, vooral gebaseerd op onvrede van omwonenden en zonder grondige analyse van de bredere impact.