Ik wil me niet inschrijven in de gewoonte om elke reeks die Netflix produceert de hemel in te prijzen, maar ik ben me toch weer erg aan het vermaken met Dear White People. Het is een amusante remake van een naar het schijnt vervelende film over zwarte studenten op een elitaire universiteit in de VS. Zo'n Amerikaanse campus lijkt in niets op de gebouwen waar ik mijn universitaire jaren sleet. Het is eigenlijk een miniatuurversie van de echte wereld waarin enkel jonge en aantrekkelijke mensen rondlopen - perfect geschikt voor een...

Ik wil me niet inschrijven in de gewoonte om elke reeks die Netflix produceert de hemel in te prijzen, maar ik ben me toch weer erg aan het vermaken met Dear White People. Het is een amusante remake van een naar het schijnt vervelende film over zwarte studenten op een elitaire universiteit in de VS. Zo'n Amerikaanse campus lijkt in niets op de gebouwen waar ik mijn universitaire jaren sleet. Het is eigenlijk een miniatuurversie van de echte wereld waarin enkel jonge en aantrekkelijke mensen rondlopen - perfect geschikt voor een televisiereeks. Maar het gaat dus over zwart zijn. De zwarte studenten wijzen elkaar met de vinger na als een van hen een relatie begint met een blanke jongen, ze doen allemaal hun uiterste best om de zwartste van de groep te zijn en hebben allemaal hun eigen ideeën over hoe racisme moet worden bestreden. Het zijn zware onderwerpen die passeren: de strijd van de zwarten in de VS is zelfs onder Barack Obama alleen maar verhevigd. Als iemand onder schot wordt gehouden door de campuspolitie, doet dat elke kijker denken aan de zwarten die de voorbije jaren door de politie zijn neergeschoten. Maar het is een comedy! De reeks is veel lichter dan de grimmigheid van het echte leven. 'Ironie', zo zei Kees Van Kooten ooit niet geheel belangeloos, 'is de hoogste vorm van intelligentie.' Of zo heb ik het toch onthouden. En als er in Vlaanderen iets ontbreekt in het debat over de multiculturele samenleving, is het dat wel. Wanneer een schooldirecteur de knutselwerkjes voor Moederdag afvoert, is dat meteen 'een aanslag op onze hele beschaving'. Wanneer een student van Jong-N-VA een wansmakelijke cartoon op Facebook post, zit daar een leger van internettrollen achter dat 'links kapot probeert te maken'. Als er al wordt gelachen, is het enkel met de tegenstander. En die grappen zijn meestal niet heel goed. Ik voel me er zelfs wat ongemakkelijk en sullig bij om tijdens die cultuuroorlog te pleiten voor wat meer humor. Kunst zou goed voor die relativering kunnen zorgen. Alleen valt dat wat tegen in Vlaanderen. Enkel de films Kassablanka uit 2002 en Turquaze uit 2010 schieten me te binnen. De verhalen zijn wat gelijklopend: telkens is het de liefde die twee culturen met elkaar in contact brengt. Maar een televisiereeks over het samenleven van moslims en niet-moslims in een stad als Antwerpen? Ik kan niets bedenken - en al helemaal niet om te lachen. Nochtans een van de grootste thema's van deze tijd. Als Netflix dan toch van Sven Gatz geld moet investeren in Vlaamse fictie, is zo'n reeks een uitstekend idee.