Dat schrijven De Standaard, Het Nieuwsblad, Het Belang van Limburg en Gazet van Antwerpen vrijdag.

Elke dag rijden ruim 75.000 mensen langs de E40 in het oosten of via de A12 in het noorden de hoofdstad binnen. Nu doen ze dat tegen een snelheid van maximaal 120 kilometer per uur. Maar daar komt verandering in.

Al vanaf volgende week zijn de E40 en de A12 op Brussels grondgebied officieel geen autosnelweg meer. Ze worden omgevormd tot 'stadsboulevards' en de snelheidslimiet zal er stelselmatig dalen tot 50 kilometer per uur. Beide segmenten, telkens goed voor ongeveer anderhalve kilo­meter, zullen ook smaller worden.

De E40 krimpt richting de hoofdstad van zes naar vier rijstroken. De capaciteit van de A12 neemt in beide richtingen af van drie tot twee rijstroken. Als compensatie komt er in het noorden een grote overstapparking, met aansluitingen op het Brusselse tramnet. 'Door ­files voortaan buiten onze stadsgrenzen te houden, sluiten we aan bij tal van Euro­pese steden. Dit zal niet alleen de levenskwaliteit, maar ook de luchtkwaliteit ten goede komen. De snelwegen zijn littekens op Brussel', zegt Brussels minister van Mobiliteit Pascal Smet (SP.A).

Weerstand

Tegen de plannen komt heel wat weerstand vanuit Vlaanderen. Gevreesd wordt dat er meer files zullen komen voor wie vanuit Leuven komt, en dat automobilisten alternatieven zullen zoeken, waardoor het verkeer op de Ring zal toenemen.

Onder ondernemersorganisatie Voka liet al weten geen goed oog te hebben in het voorstel.

Touring: 'Overstapparking ter hoogte van metro zou ideaal zijn'

Mobiliteitsorganisatie Touring is bezorgd dat de files zich zullen verplaatsen na de komst van de stadsboulevards op de stukken van de E40 en de A12 op Brussels grondgebied. Er is dringend nood aan overstapparkings en een gegrond alternatief voor de auto, vindt Touring.

'We zijn niet a priori tegen zo een voorstel, maar je moet via een proefopstelling wel de impact meten zodat er kan bijgestuurd worden. Het kan natuurlijk niet zijn dat je door die wegen te versmallen het probleem gaat verplaatsen naar de buitenrand. En het kan niet zijn dat er hierdoor nog meer files ontstaan die nog vervuilende emissie veroorzaken', vertelt Danny Smagghe, woordvoerder van Touring.

Simulaties van de vernieuwde verkeerssituatie kreeg de mobiliteitsorganisatie nog niet onder ogen en ook in de regionale commissie mobiliteit werd geen officieel advies gevraagd aan Touring. 'Je gaat mensen niet overtuigen om de auto achter te laten en op een overvolle tram te gaan zitten. Daarom blijft het spijtig dat de metro nooit is doorgetrokken tot aan de rand van Brussel. Een overstapparking ter hoogte van een metrohalte zou ideaal zijn', verklaart Smagghe.

'Bovendien moet je er eerst voor zorgen dat de overstapparking klaar is voor je de weg versmalt en de rijstroken wegneemt. Ter hoogte van de E40 wordt er niet gesproken van een overstapparking en dus is het koffiedik kijken wat er daar zal gebeuren met de toestroom', besluit Smagghe.

'Autostrades zijn een relict van de autostad'

Burgerorganisatie Bral is tevreden met de komst van stadsboulevards op de stukken van de E40 en de A12 op Brussels grondgebied, want 'deze autostrades zijn een relict van de autostad.' De investeringen in alternatieven kunnen volgens Bral nu in een stroomversnelling geraken.

'Wij staan positief tegenover de plannen. We hopen alleen dat het deze keer niet bij aankondigingspolitiek blijft, en dat de omschakeling naar stadsboulevards er nu effectief komt', zegt Tim Cassiers van Bral. De omschakeling naar stadsboulevards is voor de burgerorganisatie logisch in 'een stad waar leven en mensen centraal staan'.

Het aanzuigeffect moet verkleind worden om Brussel te laten ademen. 'Daarenboven is voor de A12 in termen van capaciteitsnood het verschil tussen drie rijstroken en twee minimaal. En voor de E40 kom je van twee maal twee rijstroken aan de brug over de R0, waarna er een onlogische uitwaaiering gebeurt. Hierdoor geef je extra capaciteit op een plaats waar die net afgebouwd moet worden om te veranderen in het stedelijk wegennet', stelt Cassiers.

De tijd van de alternatieven is aangebroken, ook al is het aanbod ervan momenteel nog niet volledig uitgerold. 'Uiteraard moet er in de alternatieven geïnvesteerd worden. Maar dat is geen reden om te wachten. Dit project kan net de aanleiding om een tandje bij te schakelen voor het S netwerk, voor Brabant Net, voor het fietsGEN, en voor verhogen van tramfrequenties in Brussel', aldus Cassiers.