Weer geen stoute kinderen in Vlaanderen dit jaar. Dat beweerde Sinterklaas afgelopen weekend toch bij zijn blijde intrede in Antwerpen. Over árme kinderen repte hij met geen woord. Het moest uiteindelijk een beetje feestelijk blijven allemaal. Nochtans lijkt het me sterk dat de Sint niet op de hoogte zou zijn van het feit dat er in die bonte menigte die hem opwachtte ook kinderen stonden die gretig van de rondgestrooide pepernoten en letterkoekjes snoepten om hun knagende honger te stillen. In al die rode postbussen waar dezer dagen een baard en mijter op zijn geplakt, moeten tientallen zo niet honderden brieven zijn gedeponeerd van kinderen die hem niet vragen om Playmobil-ridders, een kwispelend speelgoedhondje of een iPad Mini maar wel om centen voor een schoolreis, dik besmeerde boterhammen, een nieuwe winterjas of een warme flat om samen met hun ouders in te wonen.

De Vlaamse regering speelt Sinterklaas (en kijkt de andere kant op).

Afgelopen week liet de nieuwste armoedebarometer zien dat meer dan 10 procent van de bevolking in armoede leeft. 1 op de 7 Vlaamse peuters groeit in een arm gezin op en steeds meer jongeren kloppen bij de daklozenopvang aan. U leest het goed: in ons rijke Vlaanderen zijn er meer en meer mensen die met een lege maag en zonder dak boven hun hoofd aan hun leven moeten beginnen. Nog los van de mentale littekens die ze daar haast onvermijdelijk bij oplopen, is de kans ook aanzienlijk dat ze op een dag hun eigen kinderen met een lege brooddoos naar school zullen moeten sturen.

Tenzij we nu ingrijpen natuurlijk. En velen van ons doen dat ook. Overal in Vlaanderen zijn er leerkrachten die elke ochtend extra boterhamen smeren voor leerlingen die zelf geen lunch meebrengen, mensen die inzamelingsacties opzetten zodat Sinterklaas ook bij kansarme kinderen kan langsgaan, vrijwilligers die zich inzetten voor een voedselbank of daklozenopvang. Naar aanleiding van de Warmste Week die er weer aan komt, worden ontelbare initiatieven opgezet ten voordele van armoedeorganisaties. Enthousiastelingen verkopen plantjes, pannenkoeken en boodschappentassen, wassen auto's of organiseren een quiz. Dat kun je afdoen als liefdadigheid of druppels op een hete plaat. Dat is het in wezen ook, maar dat wil niet zeggen dat al die inzet geen verschil zou kunnen maken.

In ons rijke Vlaanderen zijn er meer en meer mensen die met een lege maag en zonder dak boven hun hoofd aan hun leven moeten beginnen.

Maar het volstaat natuurlijk niet. Om de generatiearmoede écht aan te pakken, hebben we de hulp van onze overheid nodig. Nu zijn er wel heel wat lokale besturen die ontzettend hun best doen om de armoede in hun gemeente te bestrijden, maar de Vlaamse regering geeft niet thuis. Net als Sinterklaas afgelopen zondag blijft ze doen alsof haar neus bloedt. Over armoedebestrijding reppen de excellenties met geen woord, de passage daarover in het regeerakkoord oogt mager en aan streefdoelen wagen ze zich al helemaal niet meer. Wellicht omdat ze bang zijn in dezelfde val te trappen als de vorige Vlaamse minister van Armoedebestrijding, Liesbeth Homans (N-VA), die zich sterk maakte dat ze de kinderarmoede zou halveren. Daar mochten we haar zelfs op afrekenen. Zwaar gebuisd is ze ondertussen naar het parlement verkast. Nu is het dus aan haar opvolger, Wouter Beke (CD&V), om zijn collega-ministers er alsnog van de overtuigen dat er werk moet worden gemaakt van een doordacht, efficiënt en moedig armoedebestrijdingsplan. Niet alleen omdat de maatschappelijke kost anders hoog zal oplopen, maar ook simpelweg uit goed fatsoen.

In het rijke Vlaanderen zijn er dit jaar dus geen stoute kinderen. Alleen kinderen die niet naar verjaardagsfeestjes kunnen omdat hun ouders zich geen cadeautje kunnen veroorloven, nooit meegaan op schooluitstap, geen verwarmde kamer hebben waar ze in alle rust huiswerk kunnen maken en aan wier huisje Sinterklaas altijd voorbijgaat. Arm, arm Vlaanderen.