Het is de derde nacht van mijn reeks op de corona-afdeling. Een man wordt opgenomen. 72 jaar, hij ziet er nog erg kwiek uit. Een groene broek, een rood truitje. Een witte baard en ook nog mooie witte haren. Een zachte gelaatsuitdrukking. De Kerstman is gearriveerd op onze afdeling, denk ik. Hij vertelt dat hij covid samen met zijn dochter heeft opgelopen tijdens een etentje. Onze Kerstman heeft geen onderliggende ziektes. Hij is twee keer gevaccineerd. Hij heeft gewoon dikke pech.

De dagen verstrijken. De koortsopstoten komen sneller bij onze Kerstman, de zuurstofnood neemt toe. Hij heeft een heel rood gelaat. Zijn bolle neus blinkt van het zweet. Hij is niet meer helder van geest. Bij aanvang van mijn volgende shift stap ik de gang door, zoals gewoonlijk richt ik mijn blik op de patiënten die me het best bijgebleven zijn. Ik zie dat zijn bed leeg is. Geen lakens meer op het bed. De moed zakt weg in mijn schoenen. Bij de dienstoverdracht vraag ik wat er met de kerstman gebeurd is. Hij is naar intensieve gebracht. De kerstman viert Kerst op intensieve zorgen? Ik hoop van niet. Hopelijk komt het goed met hem.

De pandemie is het vergrootglas op uitholling van ons zorgsysteem.

Ik ben de eerste golf in Sint-Trudo nog niet vergeten. Zoveel patiënten op korte tijd moeten afgeven. Hier is toch niemand voor gemaakt?

Ik denk ook daaraan, de sector te verlaten

Weldra komt de Kerst eraan. Een heerlijke periode. Maar niet voor wie in het ziekenhuis ligt of werkt. We zijn dan diep in de vierde coronagolf. Ik sta dus weer op de corona afdeling. Deels gevraagd, deels geen keuze. Ik ben zenuwachtig. Alweer samenwerken met andere collega's die een heel andere werkwijze hebben. Aanpassen, aanpassen, aanpassen. Ik voel er niets voor. 'Komaan Mieke, wijzig je mindset!'... Het lukt gewoon niet.

Maximum twee jaar kan ik dit nog. Ik ben droevig, bang, gestrest. Gebruikt, onbegrepen. Ik voel me als een elastiek die volledig uitgerekt is en teruggeschoten wordt. De flexibiliteit is er uit. Het is een kwestie van tijd dat de elastiek knapt of helemaal verstorven is. Van respect is er weinig sprake: geen dertiende maand, maar 56% loon op zon en feestdagen (in een fabriek verdien je meer!), zielige vergoeding voor woon werk verkeer, terwijl sommige collega's geen 14 euro bruto per uur verdienen...

Collega's steunen op elkaar maar verliezen ook de moed bij elkaar. Het is werken en verzuipen. We willen helpen maar wij worden niet geholpen. Wij draaien maar mee. We zijn de marionetten van een zorgsysteem dat niet meer om de mensen draait. We blijven geven, en krijgen niets. We krijgen niets méér. Sinds de 3e golf nemen heel wat collega's medicatie om te kunnen functioneren op de werkvloer. Meerdere wimpelen dit af met: 'Ja maar die heeft in de thuissituatie ook al problemen'. Welnu, hoe zou dat toch komen denk je.

Kwaliteit staat hoog in het vaandel geschreven voor de gezondheidszorg. Is het zo moeilijk te begrijpen dat werken met minder personeel, de kwaliteit van de zorg er op achteruit doet gaan? Je kan enkel het beste van jezelf geven als je goed in je vel zit. Het gaat hier niet om de entrecote die niet a point gebakken is. Het gaat hier wel degelijk om mensenlevens. Je kan niet van verpleegkundigen verwachten dat ze zich stante pede omscholen om de tekorten aan te vullen. Je kan ook niet van zorgkundigen en logistieke assistenten verwachten dat ze constant taken van ons overnemen, zonder daarvoor noch betaald noch opgeleid voor te worden. Stop met de uberflexibiliteit. Kleine incidenten zijn gebeuren. Nog meer tegenwerking zal grotere ongelukken met zich mee brengen.

Hoe durft men nog langer kwaliteitslabels aan deuren van ziekenhuizen te hangen? Tussen het willen geven en kunnen geven van kwaliteit zit een gigantische kloof. Een die net zo groot is als de kloof tussen de werkmens en ministers. Verpleegkundigen zijn van goede wil. Maar blijf ze niet tergen,... want ook de beste verpleegkundige onder ons kent zijn grenzen.

Zal de regering iets willen leren van de pandemie?

Boos ben ik ook. Deze vierde golf, wat een prachtcadeau van onze regering. Iedereen in Brussel lijkt momenteel terug bezorgd over de ziekenhuizen. Gelukkig ook nog. Maar waarom was er een vierde golf voor nodig? Golf of geen golf: het is elke dag druk, elke dag vallen collega's ziek uit.

Na elke shift kom ik leeg thuis met het gevoel dat ik zelf niet kan doen waarvoor ik mijn beroep graag doe: echt voor de mensen zorgen. Gaan ze nu eindelijk erkennen dat we het water al jaren aan de lippen hebben? De pandemie is het vergrootglas op de tekortkomingen in de zorg. Het legt jaren van uitholling van het zorgsysteem bloot. En toch hebben ze het afgelopen jaar geen enkele nieuwe steunmaatregel genomen voor het zorgpersoneel. Integendeel. Als A2 verpleegkundige hoor ik dat ik binnenkort tweederangs verpleegkundige word. En we gaan ook nog afscheid moeten nemen van de enkele collega's die tegen 1 april niet gevaccineerd zullen zijn. Dit werkt zo ontmoedigend. Denken ze echt in Brussel dat we met te veel op de werkvloer staan?

Dit had voorkomen kunnen worden. Zodra het beter gaat, laten ze alle remmen los. Een schip met 11 miljoen Belgen dat lijkt te kapseizen. En nog veel erger: er zijn geen enkele structurele verbeteringen gekomen aan ons gezondheidssysteem. We zijn in België goed om mensen te genezen die ziek zijn geworden. Maar we zijn heel slecht in het voorkomen dat mensen ziek worden. We hebben meer preventiemedewerkers nodig. Waar blijft de versterking op dat vlak. De huisartsen laten toch duidelijk genoeg weten dat ze het niet meer aankunnen. De tracing draait helemaal vierkant,... waarom heeft men dat laten gebeuren? De testcapaciteit afbouwen is misschien goed nieuws om de druk te verlagen op de labo's. Maar het eigenlijk helpt het niemand vooruit op gezondheidsvlak.

Deze vierde golf leert ons allemaal dat we nog meerdere nieuwe golven gaan meemaken. Ga er maar aan staan.

Laatst las ik nog een Facebook-bericht van een collega. Ze vroeg goedkeuring, dankbaarheid, erkenning, positieve energie... aan collega's, niet aan de overheid. Want de regering kijkt toch -met de neus hoog in de lucht- de andere kant op als wij hulp vragen.

Mieke Paelinck (39) heeft 18 jaar ervaring in de zorg. Ze werkte als verpleegkundige al in algemene ziekenhuizen, thuiszorg, psychiatrie, medische centra en woonzorgcentra.

-

Het is de derde nacht van mijn reeks op de corona-afdeling. Een man wordt opgenomen. 72 jaar, hij ziet er nog erg kwiek uit. Een groene broek, een rood truitje. Een witte baard en ook nog mooie witte haren. Een zachte gelaatsuitdrukking. De Kerstman is gearriveerd op onze afdeling, denk ik. Hij vertelt dat hij covid samen met zijn dochter heeft opgelopen tijdens een etentje. Onze Kerstman heeft geen onderliggende ziektes. Hij is twee keer gevaccineerd. Hij heeft gewoon dikke pech.De dagen verstrijken. De koortsopstoten komen sneller bij onze Kerstman, de zuurstofnood neemt toe. Hij heeft een heel rood gelaat. Zijn bolle neus blinkt van het zweet. Hij is niet meer helder van geest. Bij aanvang van mijn volgende shift stap ik de gang door, zoals gewoonlijk richt ik mijn blik op de patiënten die me het best bijgebleven zijn. Ik zie dat zijn bed leeg is. Geen lakens meer op het bed. De moed zakt weg in mijn schoenen. Bij de dienstoverdracht vraag ik wat er met de kerstman gebeurd is. Hij is naar intensieve gebracht. De kerstman viert Kerst op intensieve zorgen? Ik hoop van niet. Hopelijk komt het goed met hem. Ik ben de eerste golf in Sint-Trudo nog niet vergeten. Zoveel patiënten op korte tijd moeten afgeven. Hier is toch niemand voor gemaakt?Weldra komt de Kerst eraan. Een heerlijke periode. Maar niet voor wie in het ziekenhuis ligt of werkt. We zijn dan diep in de vierde coronagolf. Ik sta dus weer op de corona afdeling. Deels gevraagd, deels geen keuze. Ik ben zenuwachtig. Alweer samenwerken met andere collega's die een heel andere werkwijze hebben. Aanpassen, aanpassen, aanpassen. Ik voel er niets voor. 'Komaan Mieke, wijzig je mindset!'... Het lukt gewoon niet. Maximum twee jaar kan ik dit nog. Ik ben droevig, bang, gestrest. Gebruikt, onbegrepen. Ik voel me als een elastiek die volledig uitgerekt is en teruggeschoten wordt. De flexibiliteit is er uit. Het is een kwestie van tijd dat de elastiek knapt of helemaal verstorven is. Van respect is er weinig sprake: geen dertiende maand, maar 56% loon op zon en feestdagen (in een fabriek verdien je meer!), zielige vergoeding voor woon werk verkeer, terwijl sommige collega's geen 14 euro bruto per uur verdienen... Collega's steunen op elkaar maar verliezen ook de moed bij elkaar. Het is werken en verzuipen. We willen helpen maar wij worden niet geholpen. Wij draaien maar mee. We zijn de marionetten van een zorgsysteem dat niet meer om de mensen draait. We blijven geven, en krijgen niets. We krijgen niets méér. Sinds de 3e golf nemen heel wat collega's medicatie om te kunnen functioneren op de werkvloer. Meerdere wimpelen dit af met: 'Ja maar die heeft in de thuissituatie ook al problemen'. Welnu, hoe zou dat toch komen denk je.Kwaliteit staat hoog in het vaandel geschreven voor de gezondheidszorg. Is het zo moeilijk te begrijpen dat werken met minder personeel, de kwaliteit van de zorg er op achteruit doet gaan? Je kan enkel het beste van jezelf geven als je goed in je vel zit. Het gaat hier niet om de entrecote die niet a point gebakken is. Het gaat hier wel degelijk om mensenlevens. Je kan niet van verpleegkundigen verwachten dat ze zich stante pede omscholen om de tekorten aan te vullen. Je kan ook niet van zorgkundigen en logistieke assistenten verwachten dat ze constant taken van ons overnemen, zonder daarvoor noch betaald noch opgeleid voor te worden. Stop met de uberflexibiliteit. Kleine incidenten zijn gebeuren. Nog meer tegenwerking zal grotere ongelukken met zich mee brengen.Hoe durft men nog langer kwaliteitslabels aan deuren van ziekenhuizen te hangen? Tussen het willen geven en kunnen geven van kwaliteit zit een gigantische kloof. Een die net zo groot is als de kloof tussen de werkmens en ministers. Verpleegkundigen zijn van goede wil. Maar blijf ze niet tergen,... want ook de beste verpleegkundige onder ons kent zijn grenzen.Boos ben ik ook. Deze vierde golf, wat een prachtcadeau van onze regering. Iedereen in Brussel lijkt momenteel terug bezorgd over de ziekenhuizen. Gelukkig ook nog. Maar waarom was er een vierde golf voor nodig? Golf of geen golf: het is elke dag druk, elke dag vallen collega's ziek uit. Na elke shift kom ik leeg thuis met het gevoel dat ik zelf niet kan doen waarvoor ik mijn beroep graag doe: echt voor de mensen zorgen. Gaan ze nu eindelijk erkennen dat we het water al jaren aan de lippen hebben? De pandemie is het vergrootglas op de tekortkomingen in de zorg. Het legt jaren van uitholling van het zorgsysteem bloot. En toch hebben ze het afgelopen jaar geen enkele nieuwe steunmaatregel genomen voor het zorgpersoneel. Integendeel. Als A2 verpleegkundige hoor ik dat ik binnenkort tweederangs verpleegkundige word. En we gaan ook nog afscheid moeten nemen van de enkele collega's die tegen 1 april niet gevaccineerd zullen zijn. Dit werkt zo ontmoedigend. Denken ze echt in Brussel dat we met te veel op de werkvloer staan? Dit had voorkomen kunnen worden. Zodra het beter gaat, laten ze alle remmen los. Een schip met 11 miljoen Belgen dat lijkt te kapseizen. En nog veel erger: er zijn geen enkele structurele verbeteringen gekomen aan ons gezondheidssysteem. We zijn in België goed om mensen te genezen die ziek zijn geworden. Maar we zijn heel slecht in het voorkomen dat mensen ziek worden. We hebben meer preventiemedewerkers nodig. Waar blijft de versterking op dat vlak. De huisartsen laten toch duidelijk genoeg weten dat ze het niet meer aankunnen. De tracing draait helemaal vierkant,... waarom heeft men dat laten gebeuren? De testcapaciteit afbouwen is misschien goed nieuws om de druk te verlagen op de labo's. Maar het eigenlijk helpt het niemand vooruit op gezondheidsvlak. Deze vierde golf leert ons allemaal dat we nog meerdere nieuwe golven gaan meemaken. Ga er maar aan staan. Laatst las ik nog een Facebook-bericht van een collega. Ze vroeg goedkeuring, dankbaarheid, erkenning, positieve energie... aan collega's, niet aan de overheid. Want de regering kijkt toch -met de neus hoog in de lucht- de andere kant op als wij hulp vragen.Mieke Paelinck (39) heeft 18 jaar ervaring in de zorg. Ze werkte als verpleegkundige al in algemene ziekenhuizen, thuiszorg, psychiatrie, medische centra en woonzorgcentra. -