Veertig inwoners telt Plieux, een onooglijk dorpje in Occitanië. Het dorpsschooltje ging begin dit schooljaar niet meer open bij gebrek aan kinderen. Dertig jaar geleden deed schrijver en publicist Renaud Camus zijn Parijse appartement van de hand. Met de opbrengst kocht hij het vervallen veertiende-eeuwse kasteel van Plieux, dat hij restaureerde en bewoonbaar maakte - de vervulling van een oude droom. Camus woont er met zijn vaste partner, de flink jongere Pierre. Ze vousvoyeren elkaar, want ouderwetse beleefdheid staat hier hoog aangeschreven. In de zomer staat het kasteel open voor het publiek. Er worden ook tentoonstellingen gehouden.
...

Veertig inwoners telt Plieux, een onooglijk dorpje in Occitanië. Het dorpsschooltje ging begin dit schooljaar niet meer open bij gebrek aan kinderen. Dertig jaar geleden deed schrijver en publicist Renaud Camus zijn Parijse appartement van de hand. Met de opbrengst kocht hij het vervallen veertiende-eeuwse kasteel van Plieux, dat hij restaureerde en bewoonbaar maakte - de vervulling van een oude droom. Camus woont er met zijn vaste partner, de flink jongere Pierre. Ze vousvoyeren elkaar, want ouderwetse beleefdheid staat hier hoog aangeschreven. In de zomer staat het kasteel open voor het publiek. Er worden ook tentoonstellingen gehouden. Enkele jaren na zijn verhuizing naar Plieux had Camus naar eigen zeggen 'een plotse openbaring' toen hij gesluierde vrouwen zag bij een middeleeuwse fontein in zijn afgelegen streek. Die ervaring leidde in 2011 tot Le Grand Remplacement ('De Grote Vervanging'). In dat boek waarschuwt hij ervoor dat de oorspronkelijke Europese bevolking door lage geboortecijfers langzaam verdwijnt en wordt vervangen door migranten. 'Genocide door substitutie' noemt hij het ook. In de ogen van Camus vormen immigranten, zeker in grote aantallen, geen verrijking maar het doodvonnis van de Europese beschaving. De zogenoemde omvolkingstheorie is inmiddels gemeengoed in extreemrechtse en identitaire kringen, ook al beweert Camus tot de ene noch de andere groep te behoren. Radicaal-rechtse politici van diverse pluimage bedienen zich wereldwijd van de instantbegrijpelijke term om de angst van blanke mensen voor migranten, en zeker voor moslimmigranten, aan te wakkeren. Bij ons verspreidde zelfs een kandidaat-voorzitter van de CD&V, Walter De Donder, een filmpje waarin hij zegt dat bepaalde wijken in onze steden 'volledig ontvolkt zijn van onze eigen mensen'. Nationalistische witte terroristen, die het boek van Camus hoogstwaarschijnlijk niet kennen maar zich de term via internet eigen hebben gemaakt, richten bloedbaden aan met verwijzingen naar ' The Great Replacement'. Camus zelf verafschuwt geweld. Sommigen zien Le Grand Remplacement ook als de inspiratiebron voor de succesroman Soumission van Michel Houellebecq, politieke fictie waarin Frankrijk in 2022 in handen raakt van de Moslimbroederschap. In het boek wordt Renaud Camus opgevoerd als de ghostwriter van Marine Le Pen, voorzitter van Front National (vandaag Rassemblement National). Gezeten in zijn indrukwekkende bibliotheek, met uitzicht op verlaten velden tot aan de horizon, vertelt Camus dat hij 'intellectueel en cultureel geen enkele band heeft met Marine Le Pen of haar partij' - Le Pen heeft de Grote Vervanging overigens een complottheorie genoemd -, maar zijn verschijning in Soumission hoogst amusant vindt. 'Eén boek van Houellebecq zegt meer over onze tijd dan duizend sociologische studies.' Voor ons op tafel liggen de twee nieuwe boeken van veelschrijver Camus zelf: een turf genaamd Le Petit Remplacement, over het culturele verval waaraan de Europese beschaving onderhevig zou zijn -'700 pagina's en geen woord over migratie!' - en zijn op 500 pagina's verzamelde Tweets. Op een zilveren dienblad komt vriend Pierre koffie serveren. Waarop de heer des huizes van wal steekt: ' Le Grand Remplacement is eigenlijk heel simpel: de vervanging, in één of twee generaties tijd, van Europese inheemse volken en culturen door migranten uit Afrika, de Maghreb en Azië.' Maar zelfs met een ruime definitie van niet-Europese migranten en hun nakomelingen kom je aan maximaal 12 procent van de Franse bevolking. Van een 'vervanging' lijkt geen sprake. Renaud Camus: Ik noem zelf nooit enig cijfer. Dat zou ik ook niet kunnen, want ik heb niet het minste idee. Maar de sociologie en de demografie zijn wel de allerlaatste vakgebieden die je mag vertrouwen. Geen van beide disciplines heeft deze Grote Vervanging, het belangrijkste historische fenomeen van de voorbije 1500 jaar, voorspeld. Ook terwijl de omvolking zich onder onze ogen voltrekt, blijven veel sociologen en demografen haar ontkennen. Misschien denkt u nu: deze man is knettergek, hij beweert al die dingen zonder ook maar één cijfer te noemen. Maar op geen enkel moment in de geschiedenis hebben mensen van belangrijke gebeurtenissen een cijferdiscussie gemaakt. Toen Jeanne d'Arc tegen Karel VII ging zeggen dat die Engelse bezetting toch niet eeuwig kon blijven duren, heeft hij haar niet gevraagd: welke cijfers hebt u eigenlijk? Bovendien beginnen nu zelfs demografen toe te geven dat er iets gaande is op ons grondgebied. Maar we worden geacht dat leuk te vinden. En straks wordt het ongetwijfeld strafbaar om ook nog maar enige kritiek te uiten op de vervanging van het Franse volk. De Grote Vervanging is niet alleen een zogenaamd objectieve vaststelling die bij nader inzien niet op feiten is gesteund, Camus schrijft migranten ook de intentie toe de oorspronkelijke inwoners van Europa hun cultuur en godsdienst te willen opleggen. Hij acht bovendien economische en politieke elites achter de schermen verantwoordelijk voor de massa-immigratie die tot de afschaffing van de Europese volken leidt. Uw Grand Remplacement geldt als een waanidee en een - extreemrechtste - complottheorie. Camus: 90 procent van de dingen die over mij worden verteld, is onjuist. De Grote Vervanging is om te beginnen geen theorie maar gewoon een naam voor een gebeurtenis, zoals Grote Depressie of Grote Oorlog. En het is zeker geen complottheorie. Nergens in mijn boek heb ik het over een kleine groep mensen die in het geheim een mondiaal plan zouden hebben gesmeed om de Grote Vervanging uit te voeren. Ik zeg wél dat de economische en politieke machten, de belangengroepen van wat ik de Davos-cratie noem (naar de plaats in Zwitserland waar elk jaar het World Economic Forum plaatsheeft, nvdr), dat proces actief aanmoedigen. Zowel om de lonen laag te houden, door de import van goedkope arbeidskrachten, als om nieuwe consumenten binnen te halen. Los daarvan heb ik overigens wel een theorie. Ze heet Le Remplacisme Global. Maar ook die kun je op geen enkele manier als een complottheorie bestempelen. En wat houdt Le Remplacisme Global in? Camus: De meest wezenlijke karaktertrek van de postmoderniteit is dat alles wordt vervangen. Doorgaans door een goedkope imitatie van het origineel. De stad en het platteland door de voorstad, de voorstad door de bidonville, Venetië door een namaak-Venetië in Las Vegas, Las Vegas op zijn beurt door een nep-Las Vegas in Castilië, marmer door spaanplaat, steen door cellenbeton, oevers door aangelegde stranden, bergen door skipistes, textiel door plastic. Soms zijn vervangingen positief, denk aan een kunsthart. Vaak zijn ze niet beter maar gewoon verleidelijker. Kinderen die alleen gesuikerde ananas uit blik kennen, houden niet van echte ananas. Namaak is overal, vandaag. Alles wordt vals. De eenentwintigste eeuw is de eeuw van de rommel, het rijk van de dingen die weliswaar sterk lijken op wat ze oorspronkelijk waren, maar het in wezen niet meer zijn. En dat Remplacisme is volgens u dus ook aan het werk bij volken en naties? Camus: Inderdaad, volken met een lage demografische groei worden nu vervangen door volken met een hoge groei. Wat uiteraard ecologische waanzin is en leidt tot het ontstaan van een mondiale krottenwijk en algemeen verval. Alles wordt lelijk. Uw vervangingsconcept is een van oorsprong nazistisch complotidee, zeggen sommigen. Uit angst voor omvolking ondernamen de nazi's hun grote raszuiveringsprogramma's. Camus: Met het nazisme heeft de Grote Vervanging werkelijk niets te maken. Antiremplacistes zoals ikzelf zijn juist heel consequent antinazi en antitotalitair. Wij vechten tegen een neoliberaal systeem dat fundamenteel inhumaan is. Waarom zouden westerse samenlevingen er niet meer in slagen nieuwkomers met een andere cultuur of godsdienst op te nemen? Camus: Je kunt in in alle Europese landen een prestigieuze lijst opstellen van migranten die een schitterende bijdrage aan onze cultuur hebben geleverd. Maar het gaat al lang niet meer over het integreren van individuen. Het gaat over hele volken. En geen enkel volk kan een ander volk integreren. Ofwel verdwijnt dat volk in een ongedifferentieerde smeltkroes. Ofwel bezwijkt het onder de druk van een sterkere en vitalere cultuur. Franse leraren in de voorsteden durven nu al onze nationale cultuur niet meer te onderwijzen in klassen met overwegend migrantenkinderen. Ze krijgen alleen misprijzen terug. Volgens Camus voelen Fransen met een migratieachtergrond zich steeds minder Frans, 'tenzij om juridische, administratieve of sociale redenen'. Hoe hij dat kan beoordelen, vanuit zijn kasteeltoren? Waar hij die wetenschap vandaan haalt? 'Ik correspondeer met duizenden mensen', zegt hij. 'En vaak helpt afstand juist om de dingen scherper te zien.' Het feit dat een genaturaliseerde Fransman wettelijk even Frans is als om het even welke andere Fransman, stuit hem tegen de borst. Dan rijst de vraag wie zich echt Frans mag noemen. Volgens menig waarnemer is de Grote Vervanging in essentie racistisch - tenslotte bepaalt iemands etnische afkomst of iemand een vervanger is of net vervangen wordt. Hoe definieert Camus de Franse identiteit? 'Om te beginnen: u zult geen spoor van racisme in mijn boeken vinden. Termen als blanke of christelijke beschaving gebruik ik zelden of nooit', zegt hij. 'Maar wie is Frans? Wat houdt de Franse identiteit in? Dat kun je niet zomaar definiëren. Dachten de Franse soldaten tijdens de Eerste Wereldoorlog in de loopgraven: we verdedigen hier de Franse identiteit? Dat zou nooit bij ze opgekomen zijn. Ze vochten omdat ze Frans waren, ze vochten voor hun land.' 'En natuurlijk kan elk individu Frans worden, ongeacht zijn huidskleur of afkomst, zoals dat in het verleden duizenden keren is gebeurd. Maar dan op de eerste plaats uit liefde. Het is niet omdat iemand juridisch de Franse nationaliteit heeft, dat hij Frans is. Vandaag is bovendien iedereen genaturaliseerd. Wie hier geboren wordt, krijgt automatisch de Franse nationaliteit. Je kunt de Grote Vervanging dus ook omschrijven als het feit dat er gewoon geen vreemdelingen meer zijn.' Vanwege zijn radicale ideeën is Camus een intellectuele outcast geworden, en toch sporen zijn boeken met de gemoedstoestand van een land dat volgens sociologen in een collectieve depressie verkeert en een nationale obsessie met verval heeft. Verwant aan Le Grand Remplacement is de bestseller Le suicide français ('De Franse zelfmoord') van de controversiële essayist Éric Zemmour. Ook de bekende filosoof Alain Finkielkraut, een van de weinige Parijse intellectuelen die Camus niet is afgevallen, schreef verschillende boeken over de teloorgang van de Franse grandeur. Een teloorgang die wordt toegeschreven aan een dodelijke mix van egalitarisme, feminisme, multiculturalisme, islamisering en globalisering. In de jaren 70 en 80 gold Renaud Camus niet als de (onrechtstreekse) ideoloog van witte, extreemrechtse nationalisten maar als een vrijgevochten icoon van de homoliteratuur. De krant Libération noemde zijn succesvolste werk, Tricks, bij de publicatie 'een boek vol sperma en schaamhaar' dat menigeen zou choqueren. Het is een openhartige beschrijving van vijfentwintig seksuele ontmoetingen in homobars in Parijs, Milaan, New York en San Francisco, met een voorwoord van de beroemde semioticus Roland Barthes. Camus verkeerde in die jaren in kringen van linkse Franse intellectuelen, was bevriend met de Amerikaanse popartkunstenaar Andy Warhol en kreeg lof van dichter Allen Ginsberg. Hij was lid van de socialistische partij, stemde voor François Mitterrand, en was een regelmatige gast op radio en televisie. Vandaag is hij een paria geworden. Tot voor kort vond hij zelfs geen uitgever meer voor zijn boeken. U hebt een lange ideologische weg afgelegd, zo lijkt het. Camus: Ik voel me anders niet rechts en zeker niet extreemrechts. Je kanten tegen een zuiver economische, financiële opvatting van de wereld lijkt me eerder links te zijn. Wat het remplacisme zo sterk en bijna niet te bekritiseren maakt, is juist dat het de belangen van rechtse economische machthebbers combineert met het linkse ideaal van antiracisme. Pleiten voor open grenzen oogt namelijk veel sympathieker, ook als het je eigenlijk om goedkoop werkvee te doen is. Renaud Camus heeft al verschillende politieke partijtjes opgericht. 'De kans is groot dat ze in het Guinness Book of Records worden opgenomen als allerkleinste aller tijden', zegt hij lachend. Het centrale programmapunt van die partijtjes: een pleidooi om elkaar op geen enkele manier te storen. Naast een hoog geboortecijfer is overlast creëren volgens Camus namelijk een beproefde strategie van heel wat migranten om 'inheemse' Fransen uit hun buurten te verjagen. Uitspraken daarover kwamen u op een gerechtelijke veroordeling te staan wegens aanzetten tot racisme. Camus: We wonen steeds dichter op elkaar gepakt. De constant krimpende ruimte is een van mijn obsessies en een wezenlijk aspect van deze tijd. Daardoor kan de overlast - lawaai, vuilnis, straatcriminaliteit, de eigen godsdienst, cultuur en manier van leven opleggen aan anderen - ook exponentieel toenemen. Overlast wordt gebruikt als een strijdmiddel: je buren het leven onmogelijk maken en ze zo dwingen om te vertrekken. In een stad als Malmö in Zweden zijn er geen Joden meer. Maar evengoed slaan heel wat inheemse Fransen rond de grote steden voor overlast op de vlucht. En wat mij een veroordeling heeft opgeleverd is de uitspraak dat de boefjes onder de moslimmigranten de gewapende arm zijn in de verovering van ons grondgebied. De uitdrukking 'gewapende arm' was kennelijk te spitsvondig voor de rechters. Als je de arm bent, kun je niet tegelijk het hele lichaam zijn; ik heb dus nooit gezegd dat alle moslims boeven zijn. Ik ben onterecht veroordeeld. Ook uw uitspraken over verovering, bezetting en Europa, dat vandaag op zijn beurt zou worden gekoloniseerd door met name mensen uit zijn ex-kolonies, zijn extreem verregaand. Rationeel zijn ze nauwelijks te bevatten. Camus: En toch neem ik er geen woord van terug. Europa is vandaag veel meer gekoloniseerd dan het zelf ooit heeft gekoloniseerd. De oorspronkelijke betekenis van koloniseren is 'het verplaatsen van volken'. Frankrijk heeft dat bijvoorbeeld gedaan in Noord-Amerika in de zeventiende eeuw en in Algerije in de negentiende eeuw. Hoe omvangrijker zo'n demografische kolonisatie, hoe minder omkeerbaar ze dreigt te worden - in tegenstelling tot een administratieve, politieke kolonisatie, die je van de ene dag op de andere kunt beëindigen. Samen met de tot het christendom bekeerde moslim Karim Ouchikh, die een tijdlang actief was bij Front National, richtte Camus in 2017 de Conseil National de Résistance Européenne op in Colombey-les-Deux-Églises, de woonplaats en laatste rustplaats van de bewonderde generaal Charles de Gaulle. Die politieke organisatie pleit ervoor mensen met een migratieachtergrond massaal te repatriëren, 'behalve als ze echt goed geïntegreerd zijn en gehecht aan de Franse cultuur, zoals mijn vriend Karim'. Ook de gewezen Tsjechische president Václav Klaus en Vlaams Belang-kopstuk Filip Dewinter zijn lid. Wil hij dus grote aantallen Franse en Europese staatsburgers terugsturen naar hun veronderstelde thuislanden? 'Geen enkele kolonisatie is ooit gestopt zonder het vertrek van de kolonisatoren', zegt Camus. 'Om daarvoor te zorgen zul je, zoals bij elke dekolonisatie, ook het juridische systeem van de kolonisatie moeten veranderen. Andere nationaliteitswetten, andere internationale verdragen en ga zo maar door. Dat gezegd zijnde: een dekolonisatie kan vreedzaam verlopen, en ik ben een veel grotere bewonderaar van Gandhi dan van Ben Bella (de revolutionair die in 1963 de eerste president van Algerije werd, nvdr).' Hoewel Camus desgevraagd geweld uitdrukkelijk afwijst, impliceert de alarmistische ondertoon in Le Grand Remplacement volgens sommigen een oproep tot geweld. De extreemrechtse Brenton Tarrant, die in maart 51 moslims de dood in joeg bij een aanslag op twee moskeeën in Nieuw-Zeeland, plaatste net voor zijn raid een manifest online. De titel: The Great Replacement. Tijdens een reis door Frankrijk had Tarrant gezien 'dat de invallers overal zijn' en was hij overtuigd geraakt van de noodzaak om tot actie over te gaan. Ook Patrick Crusius, die deze zomer 20 mensen doodschoot in een winkelcentrum in Texas nabij de Mexicaanse grens, was bezeten door het idee van 'witte genocide', een term die in alt-rightkringen rondgaat. Geradicaliseerde blanke nationalisten vinden bij u de inspiratie voor terreuraanslagen tegen migranten. Voelt u daar geen morele verantwoordelijkheid voor? Camus: Als iemand mijn vage terminologie in verband met bezetting en strijd overneemt om persoonlijke rekeningen te vereffenen of bloedbaden aan te richten, voel ik me niet verantwoordelijk. Die mensen doen precies het tegenovergestelde van wat ik aanbeveel. Het is alsof je Christus de Bartholomeusnacht zou verwijten (de nacht van 23-24 augustus 1572, waarop in Frankrijk duizenden hugenoten vermoord werden, nvdr). Als witte supremacisten scanderen: ' Jews, you will not replace us', antwoord ik dat voor mij geen enkel ras superieur of inferieur is. Maar als mensen demonstreren met de slogan ' You will not replace us', als een uiting van vreedzaam verzet? Dan vind ik dat prima.' De estheet Camus, die behalve schrijft ook schildert - vooral zelfportretten - en die een voorliefde heeft voor vormelijk en bij momenten pompeus taalgebruik, is weleens de missing link genoemd tussen beschaafd en extreem rechts. Zelfs beschouwt de kasteelheer zich als een ziende in het land der blinden. Hij heeft er vrede mee dat hij altijd als een gevaarlijke zonderling zal worden weggezet. 'Mijn interviews met journalisten zouden een mooi onderwerp voor een toneelstuk kunnen zijn', zegt hij lachend. 'Ze verlopen steevast aangenaam en uiterst hoffelijk. Maar beide spelers, de gastheer én de journalist, weten perfect wat de subtekst van het stuk is en hoe dit gaat eindigen - namelijk: afschuwelijk. Ik zal achteraf worden afgebeeld als een complottheoreticus, een vuile fascist, een neonazi en een monster dat kinderen opeet. Maar ik ben het intussen gewend.'