Daina Ashbee: 'Het Engelse 'to pour' betekent 'stromen'. Elke vrouw kent menstruele pijn, maar we leren vooral hoe we die moeten verbergen. Toch is die pijn deel van wie we zijn.'
...

Daina Ashbee: 'Het Engelse 'to pour' betekent 'stromen'. Elke vrouw kent menstruele pijn, maar we leren vooral hoe we die moeten verbergen. Toch is die pijn deel van wie we zijn.'Is dat de essentie van uw werk, dat u het taboe rond pijn tracht te doorbreken? Ashbee: Dat klopt. In Unrelated, mijn debuut uit 2014, vertaalde ik het lot van de MMIW ( Missing and Murdered Indigenous Women: vermiste en vermoorde inheemse vrouwen - zoals Inuit en indianen - in Canada en de VS, nvdr) naar een duet waarin ik hedendaagse en traditionele dans verwerkte. Mijn roots zijn deels inheems, dus dat stuk ging ook over wie ik ben. In 2016 maakte ik de solo When the Ice Melts, Will We Drink the Water? waarin een naakte danseres het uitgeputte lichaam van Moeder Natuur vertolkt. Vervolgens maakte ik Pour. Die creatie ontstond deels uit een herinnering. Ik was in de dansschool en voelde dat mijn menstruatie begon. Dus ging ik naar het toilet. Daar ontmoette ik een vriendin die toevallig hetzelfde meemaakte. We giechelden en vergeleken onze menstruatiecups. Dat creëerde een fijn gevoel van verbondenheid. Ik vond het jammer dat we dat niet eerder deelden met elkaar. Gaat u op de scène aan de slag met bloed of cups? Ashbee: Ik speelde met het idee maar besloot om het niet te doen. Ik stelde een inventaris samen van de bewegingen die ik met die menstruatiepijn verbind. Repeteren is voor mij in alle rust, bijna meditatief zoeken naar de juiste bewegingen. Die monteerde ik tot een choreografie die door Paige Culley gedanst wordt. Paige ligt naakt op een witte scène. Haar pulserende bewegingen weerspiegelen de pijn die door haar lichaam vloeit. Af en toe klinkt er cellomuziek van Jean-François Blouin, maar de dans voltrekt zich grotendeels in stilte. Je kijkt naar een golvend, soms in elkaar krimpend of kermend lichaam. Pijn is een wonderlijke energie die door ons lijf stroomt, maar toch zien we dat nooit zo. Met Pour hoop ik pijn van dat louter negatieve imago te bevrijden. Waarom bent u zo gefascineerd door pijn? Ashbee: Mogelijk heeft het te maken met mijn belangstelling voor yoga. Ik gaf yogales en merkte hoe het erkennen van pijn therapeutisch werkte. Die yoga beïnvloedde ook mijn danstaal. Ik plaats een lichaam altijd in een zo eenvoudig mogelijk decor. Elk detail - van een lichtstraal tot de positie van de vingertoppen - moet kloppen. Daarin speelt misschien ook de invloed van mijn vader, Phil Ashbee. Hij is beeldhouwer. Hij werkt met een beitel, ik beeldhouw lichamen met licht en bewegingen. Correctie: u beeldhouwt vrouwenlichamen. Ashbee: Dat is geen bewuste keuze. Ik was 22 toen ik debuteerde, ik besefte amper wat ik deed. Uit die eerste creatie groeide de volgende. Nu werk ik aan J'ai pleuré avec les chiens, dat wordt een stuk met en over een tiental danseressen. De première is gepland in 2020. Daarna maak ik een stuk met mannen. De aandacht voor de kracht en de kwetsbaarheid van de vrouw is deel van de tijdgeest. Met mijn werk wil ik mensen liefdevoller naar hun eigen en elkaars lichaam laten kijken. Als iedereen dat doet, wordt de #MeToo-beweging overbodig en kan ik eindelijk mijn grootste droom realiseren: een enorm huis kopen en een hondenasiel beginnen. (lacht)