Om de discriminatie tussen Belgische en buitenlandse sportbeoefenaars de wereld uit te helpen, heeft de wetgever in 2007 het fiscaal statuut van bezoldigde sportbeoefenaars aangepast. Clubs kregen een vrijstelling van 80 procent van de bedrijfsvoorheffing die werd ingehouden op de lonen van hun sporters-werknemers. Het voordeel kost de staat ongeveer 70 miljoen euro per jaar en is vooral ten gunste van de voetbalsector, aangezien zij de hoogste lonen betalen. Profsporters krijgen ook een verminderde RSZ-bijdrage. De voordelen moesten ervoor zorgen dat clubs investeren in jeugdopleidingen. Professor arbeidsmarkteconomie Stijn Baert pleit vandaag in De Standaard voor het afschaffen van de voordelen. "De voetbalwereld heeft een jaar de tijd gehad om zichzelf te reguleren en is daar niet in geslaagd. Het is nu aan de politiek", stelt Baert in de krant. Een volledige afschaffing van de belastingvoordelen en RSZ-kortingen wil CD&V niet. "We vinden het uitermate belangrijk dat elk voorstel ervoor zorgt dat investeringen in de jeugdsector mogelijk blijven. Met ons wetsvoorstel proberen we het evenwicht te bewaren tussen Belgische sportsectoren die competitief blijven zonder fiscale uitwassen", zegt fractieleider Servais Verherstraeten. "We willen de bestaande voordelen herijken naar hun oorspronkelijke doel en opnieuw een rechtvaardige spanning creëren ten aanzien van andere jobs. Daarbij raken we niet aan de kleinere clubs, de andere sporten en de minder verdienende sporters die de steunmaatregelen wel degelijk nodig hebben", zegt CD&V-Kamerlid Leen Dierick. (Belga)