Joëlle Milquet heeft haar ontslag ingediend. De Franstalige minister met de gigantische portefeuille (Onderwijs en Cultuur) zet een stap opzij om zich te verdedigen en blijft de aantijgingen aan haar adres ontkennen. Ze wordt nochtans in verdenking gesteld voor "illegale belangenneming" krachtens artikel 245 van het Strafrechtelijk Wetboek. De rechterlijke procedure volgt op onthullingen uit Le Vif/ L'Express in februari 2014 over spookmedewerkers die haar ministerieel kabinet in dienst nam om campagne te voeren in Brussel, met het oog op de stemming van 25 mei 2014. Ondanks wat de minister beweert, lijken de feiten verpletterend. Justitie zal de knoop doorhakken.
...

Joëlle Milquet heeft haar ontslag ingediend. De Franstalige minister met de gigantische portefeuille (Onderwijs en Cultuur) zet een stap opzij om zich te verdedigen en blijft de aantijgingen aan haar adres ontkennen. Ze wordt nochtans in verdenking gesteld voor "illegale belangenneming" krachtens artikel 245 van het Strafrechtelijk Wetboek. De rechterlijke procedure volgt op onthullingen uit Le Vif/ L'Express in februari 2014 over spookmedewerkers die haar ministerieel kabinet in dienst nam om campagne te voeren in Brussel, met het oog op de stemming van 25 mei 2014. Ondanks wat de minister beweert, lijken de feiten verpletterend. Justitie zal de knoop doorhakken.Het is een wezenlijk hoofdstuk van de Franstalige politiek die afgesloten wordt, want we zien Joëlle Milquet niet naar een eerstelijnsfunctie terugkeren. De vrouw die de PSC redde door de cdH te stichten heeft geleidelijk aan haar krediet verloren bij haar rivalen en daarna binnen haar eigen partij. Ze baande zich een weg in de politiek door een duurzaam verbond met Elio Di Rupo te sluiten. In Vlaanderen werd ze met de bijnaam "Madame Non" opgescheept omwille van haar houding tijdens de institutionele onderhandelingen van 2007-2008 en vandaag kunnen bepaalde nationalisten dan ook geen sarcastisch lachje onderdrukken. In haar eigen rangen werd haar vooral haar autoritaire en slordige houding verweten en was men ook ongerust over haar communautaristische neigingen in Brussel. Ze heeft de humanistische partij voor alle religies open getrokken en dat ging niet zonder problemen, ook al ontkende ze dat altijd. De rechtszaak waarover ze nu valt is daar een afspiegeling van. Ook al was haar ontslag verwacht sinds de huiszoekingen in juni in het kabinet van Onderwijs, toch komt het als een aardschok voor de cdH waarvan Benoît Lutgen momenteel voorzitter is. De partij zit op al een dieptepunt in de peilingen en nu wordt haar imago ook beschadigd. De cdH verliest ook een belangrijk stemmencanon want er is bijna niemand om het over te nemen van Milquet. Paradoxaal genoeg kan het wel een goede zaak zijn voor de voorzitter die volop een nieuw programma aan het uittekenen is. De volgende verkiezingen zijn pas binnen twee of drie jaar, het is dus de ideale kans om jongeren in het Waalse en Brusselse bad te lanceren. Door de werknemers van een ministerieel kabinet van hun eerste functie af te wenden, te weten het algemeen belang te beheren, bevestigt Milquet de rampzalige indruk dat de politici vooral aan hun persoonlijke carrière denken. Ook al gaat het niet om een algemene praktijk, toch bevestigt de zaak dat het cliëntelisme nog een mooie toekomst heeft. De vraag zal zich voortaan weer stellen: moeten de ministeriele kabinetten verdwijnen? Er was niet veel meer nodig om de groeiende aversie van politiek te voeden. In een tijd waarin de Panama Papers en de terreurdreiging het nieuws met donkere wolken vullen, ontketent de zaak Milquet de woede van de burgers. Dit gezegd zijnde, is er eentje die vast zijn vuistje lacht. Premier Charles Michel is waarschijnlijk niet ontevreden dat de aandacht naar de Franstalige meerderheid PS-CDH gaat op een moment dat de oppositie zijn laatste budgettaire controle en de aangekondigde hervorming van de arbeidsmarkt met de grond gelijk maakt. De wraak tegen die de vrouw die de MR jaren van de Franstalige macht weghield is zoet. Maar dat is eigenlijk een anekdote vergeleken met de schade die dit vertrek aan de democratie in haar geheel kan toebrengen.