Vakbonden en werkgevers hebben een ontwerp van interprofessioneel akkoord bereikt voor 2017 en 2018. De lonen mogen 1,1 procent stijgen bovenop de index.

Die loonmarge, de eerste serieuze loonsverhoging in tijden, was het belangrijkse punt van discussie voor dit en volgend jaar.

De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) had in een voorlopig rapport een marge van 0,9 à 1,2 procent voor loonsverhogingen aangegeven, maar een voorspelling door het Planbureau dat de inflatie in 2017 hoger zal uitkomen dan verwacht zorgt voor bijkomende discussie. De vakbonden wilden zo dicht mogelijk bij de bovenlimiet van 1,2 procent uitkomen. Uiteindelijk werd het 1,1 procent.

Belangrijk voor de werkgevers is dat het om een maximale stijging van de lonen gaat, zegt Pieter Timmermans, gedelegeerd bestuurder van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO). "Dit geeft rust voor de bedrijven. Geen discussies meer over overschrijdingen". Dat geluid klinkt ook bij ondernemersorganisatie Unizo. "De maximale marge is een goede zaak. Het brengt vertrouwen, stabiliteit en sociale vrede. Er komen geen ontsporingen meer en de stijging met 1,1 procent is ook goed voor de consumptie en de economie", aldus Unizo-topman Karel Van Eetvelt.

'Niet blij, wel tevreden'

ACV-voorzitter Marc Leemans noemt de overeengekomen loonmarge een compromis. "Blij ben ik niet met 1,1 procent. Wel tevreden. Het is een compromis dat kan worden voorgelegd".

"Het was geen gemakkelijke onderhandeling, maar we hebben 1,1 procent extra koopkracht uit de brand kunnen slepen", verklaarde ABVV-voorzitter Rudy De Leeuw aan de VRT. "Dat is goed voor de economie, dat is goed voor de mensen, en bovendien zal ons indexmechanisme de komende twee jaar gewaarborgd worden.".

Mario Coppens, voorzitter van de liberale vakbond, toonde zich tevreden over de marge. "Perfect te verdedigen", aldus de liberale vakbondsvoorman, die het akkoord een belangrijke stap naar sociale vrede noemt.

De sociale partners stappen vandaag donderdag met het ontwerpakkoord naar de regering. Ze gaan de komende dagen en weken ook hun achterban consulteren. Michèle Sioen, voorzitter van de Groep van Tien, sprak van een "evenwichtig akkoord".

Volgens VBO-topman Timmermans gaat het om een "akkoord met visie" dat de bedrijven rechtszekerheid biedt over lonen en brugpensioenen. "Dit brengt rust en voorspelbaarheid".

Het is uiteindelijk die achterban die zal beslissen of het een goed akkoord is, aldus ABVV-voorzitter De Leeuw.

Alleenstaande ouders, brugpensioen

Behalve over de lonen is er ook een akkoord over de besteding van de zogenaamde welvaartsenveloppe. Alle laagste uitkeringen gaan omhoog, zowel voor zieken, invaliden, gepensioneerden als werklozen. De hoogste stijgingen zijn bestemd voor die uitkeringen die het verst onder de armoedegrens liggen. Opvallend daarbij is de verhoging van de uitkeringen voor thematische verloven bestemd voor alleenstaande ouders met kinderen ten laste. Die uitkeringen stijgen met meer dan dertig procent. Het gaat om een groep waarvan het armoederisico erg hoog is, verduidelijkt Pieter Timmermans van het VBO de ingreep.

Ook over de SWT- of brugpensioenregelingen is een akkoord. Alle SWT-regelingen gaan met een jaartje omhoog in 2018. Uitzondering is brugpensioen voor bedrijven in moeilijkheden. In 2016 was brugpensioen voor die bedrijven nog mogelijk op 55 jaar. Dat stijgt naar 56 jaar in 2017, maar dat is minder streng dan de eerder geplande verhoging naar 57 jaar. De sociale partners kwamen ook overeen samen te zitten rond maatschappelijke uitdagingen zoals burn-out of digitalisering.

Ook is afgesproken om een discussie op te starten over de herinvoering van de proefperiode, aldus Unizo-topman Karel Van Eetvelt.

Vakbonden en werkgevers hebben een ontwerp van interprofessioneel akkoord bereikt voor 2017 en 2018. De lonen mogen 1,1 procent stijgen bovenop de index. Die loonmarge, de eerste serieuze loonsverhoging in tijden, was het belangrijkse punt van discussie voor dit en volgend jaar. De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) had in een voorlopig rapport een marge van 0,9 à 1,2 procent voor loonsverhogingen aangegeven, maar een voorspelling door het Planbureau dat de inflatie in 2017 hoger zal uitkomen dan verwacht zorgt voor bijkomende discussie. De vakbonden wilden zo dicht mogelijk bij de bovenlimiet van 1,2 procent uitkomen. Uiteindelijk werd het 1,1 procent.Belangrijk voor de werkgevers is dat het om een maximale stijging van de lonen gaat, zegt Pieter Timmermans, gedelegeerd bestuurder van het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO). "Dit geeft rust voor de bedrijven. Geen discussies meer over overschrijdingen". Dat geluid klinkt ook bij ondernemersorganisatie Unizo. "De maximale marge is een goede zaak. Het brengt vertrouwen, stabiliteit en sociale vrede. Er komen geen ontsporingen meer en de stijging met 1,1 procent is ook goed voor de consumptie en de economie", aldus Unizo-topman Karel Van Eetvelt. ACV-voorzitter Marc Leemans noemt de overeengekomen loonmarge een compromis. "Blij ben ik niet met 1,1 procent. Wel tevreden. Het is een compromis dat kan worden voorgelegd". "Het was geen gemakkelijke onderhandeling, maar we hebben 1,1 procent extra koopkracht uit de brand kunnen slepen", verklaarde ABVV-voorzitter Rudy De Leeuw aan de VRT. "Dat is goed voor de economie, dat is goed voor de mensen, en bovendien zal ons indexmechanisme de komende twee jaar gewaarborgd worden.". Mario Coppens, voorzitter van de liberale vakbond, toonde zich tevreden over de marge. "Perfect te verdedigen", aldus de liberale vakbondsvoorman, die het akkoord een belangrijke stap naar sociale vrede noemt. De sociale partners stappen vandaag donderdag met het ontwerpakkoord naar de regering. Ze gaan de komende dagen en weken ook hun achterban consulteren. Michèle Sioen, voorzitter van de Groep van Tien, sprak van een "evenwichtig akkoord". Volgens VBO-topman Timmermans gaat het om een "akkoord met visie" dat de bedrijven rechtszekerheid biedt over lonen en brugpensioenen. "Dit brengt rust en voorspelbaarheid". Het is uiteindelijk die achterban die zal beslissen of het een goed akkoord is, aldus ABVV-voorzitter De Leeuw.Behalve over de lonen is er ook een akkoord over de besteding van de zogenaamde welvaartsenveloppe. Alle laagste uitkeringen gaan omhoog, zowel voor zieken, invaliden, gepensioneerden als werklozen. De hoogste stijgingen zijn bestemd voor die uitkeringen die het verst onder de armoedegrens liggen. Opvallend daarbij is de verhoging van de uitkeringen voor thematische verloven bestemd voor alleenstaande ouders met kinderen ten laste. Die uitkeringen stijgen met meer dan dertig procent. Het gaat om een groep waarvan het armoederisico erg hoog is, verduidelijkt Pieter Timmermans van het VBO de ingreep. Ook over de SWT- of brugpensioenregelingen is een akkoord. Alle SWT-regelingen gaan met een jaartje omhoog in 2018. Uitzondering is brugpensioen voor bedrijven in moeilijkheden. In 2016 was brugpensioen voor die bedrijven nog mogelijk op 55 jaar. Dat stijgt naar 56 jaar in 2017, maar dat is minder streng dan de eerder geplande verhoging naar 57 jaar. De sociale partners kwamen ook overeen samen te zitten rond maatschappelijke uitdagingen zoals burn-out of digitalisering. Ook is afgesproken om een discussie op te starten over de herinvoering van de proefperiode, aldus Unizo-topman Karel Van Eetvelt.