In juni 2015 stond voor koning Filip en koningin Mathilde het eerste officiële staatsbezoek buiten Europa op het programma. Bestemming: China. De voorbereiding van dat belangrijke bezoek begon in 2014. Programma samenstellen, wie reist mee, met welke Chinese excellenties wordt gepraat en waarover zal het gaan: business as usual. Maar ook: welke plechtig te ondertekenen akkoorden zouden er gesloten kunnen worden?
...

In juni 2015 stond voor koning Filip en koningin Mathilde het eerste officiële staatsbezoek buiten Europa op het programma. Bestemming: China. De voorbereiding van dat belangrijke bezoek begon in 2014. Programma samenstellen, wie reist mee, met welke Chinese excellenties wordt gepraat en waarover zal het gaan: business as usual. Maar ook: welke plechtig te ondertekenen akkoorden zouden er gesloten kunnen worden? De toenmalige vicerector Internationaal Beleid van de VUB, hoogleraar Jan Cornelis, wilde dat zijn universiteit een Confucius Institute zou oprichten, en dat het contract tussen de Chinese overheid en de VUB plechtig zou worden ondertekend in China in aanwezigheid van de vorst. Dat verhaal ging niet helemaal door. De Staatsveiligheid stuurde Vlaams onderwijsminister Hilde Crevits (CD&V) een negatief advies - niet zozeer over de ondertekening in China maar over de oprichting van het instituut zelf. De dienst had er zeer veel vragen bij. Het Cunfucius Institute werd eind juni 2015 alsnog opgericht in kasteel Hertoginnedal, in aanwezigheid van premier Charles Michel (MR), minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR), staatssecretaris voor Buitenlandse Handel Pieter De Crem (CD&V) en de Chinese premier Li Kequiang, minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi en ambassadeur Qu Xing. De Staatsveiligheid wil geen commentaar geven over de inhoud van het advies. Minister van Onderwijs Crevits bevestigt dat ze een negatief advies kreeg, maar over de inhoud geeft ze geen commentaar. Wel zegt ze dat ze de VUB daarover heeft geïnformeerd, en ze wijst erop dat de VUB 'autonoom een beslissing heeft genomen' om het instituut dan toch op te richten. Crevits: 'De overheid kan kritisch staan tegenover zo'n samenwerking, maar ze kan dat niet verbieden zolang er geen sprake is van strafbare feiten. Het aanbod van die instituten wordt niet door de Vlaamse overheid erkend of gefinancierd. De regeringscommissaris die toezicht houdt op de VUB waakt er mee over dat er geen financiële stromen van overheidsmiddelen opgezet worden naar dit instituut. Het instituut wordt enkel gefinancierd met Chinees geld, Vlaanderen komt daar niet in tussenbeide. Er is dus geen sprake van gemengde financiering.' Wereldwijd bestaan er een paar honderd Confucius Institutes, zowel binnen als buiten universiteiten. Ook de ULB heeft er een opgericht. De doelstellingen hebben altijd te maken met de Chinese taal en cultuur, waarover opleidingen, onderzoek, symposia en andere academische activiteiten worden georganiseerd. Het VUB-instituut wijkt daarvan af, omdat het vooral focust op politieke, diplomatieke, sociale en economische ontwikkelingen van het moderne China. Het draait dus rond beleidskwesties. Dat blijkt ook uit voorbije evenementen rond het negentiende partijcongres van de Communistische Partij, de relaties tussen de EU en China, de brexit, de kwestie Taiwan enzovoort. Ook opvallend is dat de VUB-instelling twee Chinese directeuren heeft: VUB-hoogleraar Chang Zu en hoogleraar Xinning Song (Renmin-universiteit in China), die volgens China-experts bij inlichtingendiensten te boek staat als een 'communistische hardliner die dicht bij de partij staat'. Waren die inhoudelijke elementen en directeur van Xinning Song voldoende redenen voor de Staatsveiligheid om zich te verzetten tegen de oprichting van het Confucius Institute aan de VUB? 'Geen commentaar', blijft het antwoord van de Staatsveiligheid. Chinakenners en internationale veiligheidsexperts wilden alleen met Knack praten als hun anonimiteit werd gegarandeerd. Zij beschouwen het Confucius Institute als één schakel in een langere ketting van inmenging (één bron noemt het ronduit 'infiltratie') van China in academische kringen, vooral bij de VUB. Zo werd aan de VUB in 2014, een paar jaar voor het Confucius Institute, de Brussels Academy for China and European Studies (BACES) opgericht. Initiatiefnemer was hoogleraar Jan Cornelis. BACES is een samenwerkingsverband tussen de VUB en drie Chinese universiteiten, en is bedoeld als kenniscentrum en platform voor de uitwisseling van 'academische ideeën' en 'de bevordering van begrip tussen de Chinese en Europese bevolking'. BACES presenteert zich als 'critical think tank in support of the high level people-to-people dialogue'. De academie werd geïnaugureerd in Peking door toenmalig EU-commissaris Androulla Vassiliou en de Chinese vicepremier Liu Yandong. Ronkende woorden en ronkende namen, maar één China-expert wijst vooral op de hoofdsponsor van BACES, die door Cornelis werd aangebracht: de Chinese technologiegigant Huawei. In de periode van de oprichting van BACES liep bij toenmalig EU-commissaris Karel De Gucht (zelf VUB-alumnus en VUB-docent) al enige tijd een onderzoek tegen Huawei wegens zogenaamde 'unfair trade', zeg maar concurrentievervalsing met dumpprijzen en illegale subsidies. Daarbij ging het niet om de bekende smartphones van Huawei, maar om de hardware voor basisstations waarop mobiele netwerken draaien. Eind 2014 werd het EU-onderzoek stopgezet na een compromis met de Chinese overheid. Vooral de Verenigde Staten zijn bezorgd over het in de EU, en zeker in België, groeiende marktaandeel van Huawei, zowel in de smartphonesector als in hardware voor netwerken. Proximus gebruikt Huawei-antennes voor zijn netwerk en laat ze ook upgraden door dat bedrijf. In april voerde Huawei samen met Proximus tests uit voor het nieuwe 5G-netwerk. Telecomminister Alexander De Croo (Open VLD) kondigde een veiling aan voor het 5G-netwerk, waarvoor Huawei nu al in poleposition lijkt te liggen. Op de consumentenmarkt staat Huawei in België op nummer drie met ongeveer 20 procent marktaandeel. Begin dit jaar waarschuwden de Amerikaanse inlichtingendiensten het Congres voor Huawei omdat het een 'risicobedrijf' zou zijn. De directeur van de FBI raadde consumenten zelfs af om nog Huawei-producten te kopen. De inlichtingendiensten zijn bezorgd over afluisterpraktijken en (industriële) spionage door een niet-beursgenoteerd en dus minder gecontroleerd privébedrijf. Bovendien werd Huawei opgericht door een oud-militair, en volgt het bepaalde consignes van de Chinese overheid. Eén expert formuleert het zo: 'Huawei verwerft sluipend steeds meer controle over de Belgische netwerkinfrastructuur. Dat is niet alleen economisch ongezond, het is ook een potentieel veiligheidsrisico in een strategisch belangrijke sector. Welk democratisch land geeft de sleutels van zijn informatiesnelweg in handen van een bedrijf dat nauwe banden onderhoudt met en zelfs nog steeds onder controle staat van een communistisch land als China? Het academische milieu dat gewillig zo'n bedrijf binnenhaalt, lijkt me veeleer naïef.' Is dit allemaal geen ouderwetse paranoia van experts en inlichtingendiensten over 'het gele gevaar' dat onder andere via de VUB binnensluipt? Nee, zeggen verscheidene bronnen, want er is méér gaande dan potentiële dekmantels zoals Confucius en BACES. De samenwerking van VUB met de Northwestern Polytechnical University (NPU) in Xi'an baart sommigen steeds meer zorgen - ook al dateert de samenwerking al van begin de jaren negentig. VUB-hoogleraar Cornelis legde in 1992 de eerste contacten met de NPU. Die Chinese topuniversiteit werd opgezet door de National Defense Science and Technology Commission. Opvallend is dat de NPU niet ressorteert onder het Chinese departement Onderwijs, maar onder directe controle staat van het ministerie van Industrie en Informatietechnologie. De NPU is als universiteit cruciaal voor het veiligheidsbeleid van China. Ze ontwikkelt geavanceerde classified technology, die voor defensie wordt gebruikt, maar ook wordt ingezet bij controle van en repressie tegen minderheden of bij zogenaamde 'binnenlandse onrust'. Cornelis is sinds 1997 consultant-hoogleraar aan de NPU. In zijn spoor volgden researchers van de VUB, en omgekeerd kwamen Chinese onderzoekers aan de VUB kennis opdoen. Cornelis was korte tijd adjunct-kabinetschef op het Vlaamse departement van Innovatie onder toenmalig minister Ingrid Lieten (SP.A). Hij is ingenieur, met als specialisaties onder andere digitale beeldverwerking en video- en beeldcompressie, maar hij werkte ook rond gezichtsherkenning, emotiedetectie en computervisie. Al die toepassingen worden ingezet als bewakings- en observatietools in China. De banden tussen de NPU en de Chinese veiligheidsdiensten vallen nauwelijks te ontkennen. Een NPU-professor is tegelijk ook directeur van het National Classified Information System Security Evaluation Centre. Er wordt gewerkt aan speciale camera's voor onbemande bewaking vanuit de lucht, zogenaamde deep learning, spraakherkenning, videotracking van bewegende doelen, geavanceerde drones enzovoort. Hoogleraren van de NPU zoals Jiang Dongmei, specialist in emotieherkenning op camera, was gastdocent aan de VUB. Professor Lei Xi werkt bij de NPU aan ' security related projects' en was tussendoor ongeveer twee jaar aan de slag bij de VUB. Heel wat van die geavanceerde systemen worden in het kader van de nationale veiligheid ingezet in Xinjiang, een autonome regio in Noordwest-China waar de Oeigoeren leven, een Turkssprekende moslimminderheid. Amnesty International en Human Rights Watch publiceerden vernietigende analyses over mensenrechtenschendingen en harde repressie tegen de Oeigoeren, met massaal gebruik van ' classified technology'. Of daar ook technologie tussen zit die samen met de VUB werd ontwikkeld, valt niet te controleren, net omdat ze in China 'classified' is en blijft, zeggen de experts. Sommigen noemen het gebied een 'bigbrotherproeftuin', anderen vinden dat overdreven. Maar dat classified technology er intensief wordt gebruikt staat vast. Vanwege de rol van de NPU bij de ontwikkeling van de geheime technologie en de banden met het Chinese veiligheidsapparaat en het departement Defensie hebben de Verenigde Staten de universiteit op een watchlist geplaatst. Er mag alleen nog onder zeer strikte voorwaarden en voor een beperkt aantal onderwerpen mee worden samengewerkt. In 2005 werd de samenwerking tussen de NPU en de VUB nog nauwer, en werd een joint research group opgericht. In maart 2014 werd tussen de VUB en de NPU ook een Privileged Partnership (PIP) ondertekend in het Egmontpaleis, in aanwezigheid van toenmalig premier Elio Di Rupo (PS) en de Chinese president Xi Jinping. Cornelis, toen vicerector, kreeg in september 2014 tijdens een plechtigheid in Peking de National Friendship Award voor zijn voortrekkersrol in de samenwerking met de NPU. De award is de hoogste onderscheiding die China aan buitenlanders kan geven. Betekent dit dat Cornelis aan het handje loopt van Chinese veiligheidsdiensten. Of nog erger: bewust hand- en spandiensten levert? Het antwoord van de experts varieert van 'misschien' over 'wellicht onbewust' tot 'niet te achterhalen'. Eén expert wijst erop dat Cornelis vaak met veel egards ontvangen wordt: 'Onderschat die rodeloperbehandeling van de Chinezen niet. Ze hebben snel door wie daar gevoelig voor is.' Over gevoelige technologie die door de researchpartners VUB en NPU wordt ontwikkeld, zegt minister Crevits: 'Wij hebben geen weet van die technologie, maar in elk geval mag er niet meegewerkt worden aan strafbare feiten zoals technologiediefstal of onvergunde uitvoer van gevoelige technologie.' VUB-rector Caroline Pauwels bevestigt dat er een interne evaluatie loopt naar de werking van het Confucius Institute. 'Het instituut had een contract van twee jaar. Die zijn nu om, en de afspraak was dat de werking dan zou worden doorgelicht.' Dat gebeurt op basis van een zogenaamd zelfevaluatierapport, maar Pauwels heeft daarnaast ook een onafhankelijk onderzoek gevraagd. Dat wordt uitgevoerd door Rosette S'Jegers, oud-hoogleraar economie aan de VUB en voormalig secretaris-generaal van de Vlaamse Interuniversitaire Raad (VLIR). Caroline Pauwels: Er was van bij de start kritiek op de onafhankelijke werking van het instituut, en die bestaat vandaag nog steeds. Vandaar de evaluatie. Ik ben eind 2016 tot rector verkozen toen het instituut al bestond, en ik heb weet van de vraagtekens bij de oprichting, maar ik wist niet dat de Staatsveiligheid daarbij tussenbeide is gekomen. Dat negatieve advies zou ik graag inzien, zodat er eventueel rekening mee kan worden gehouden bij onze evaluatie. Cornelis heeft ook nauwe banden met de NPU, die een sleutelrol speelt in het interne veiligheids- en defensiebeleid van China. De NPU heeft als opdracht internationale experts in informatietechnologie en netwerkbeveiliging aan te trekken, zoals Cornelis. Pauwels: De VUB heeft inderdaad een geprivilegieerd partnershipakkoord met de NPU. Is dat problematisch voor u? In de Verenigde Staten staat de NPU op een watchlist van verdachte instellingen. Pauwels: Het is belangrijk om ook die samenwerking mee onder de loep te leggen. Jan Cornelis is sinds vorig jaar met emeritaat, en heeft alleen nog een beperkte opdracht voor zijn faculteit. Het klopt dat hij de intense contacten met China altijd heeft gepromoot. Mogelijks beschouwt hij de doorlichting als een desavouering van het gevoerde beleid. Maar de doorlichting was gepland. Omdat vicerector Internationalisering Sonja Snacken een tijdje afwezig is, heb ik het hele dossier naar me toegetrokken. Cornelis was ook de promotor van BACES, en haalde daarvoor de Chinese multinational Huawei als sponsor binnen. In die periode liep er een Europees onderzoek naar dubieuze praktijken van Huawei. Pauwels: BACES vind ik een wat ongemakkelijke constructie die beleidsmatig eigenlijk niet thuishoort binnen onze dienst Internationalisering. Ook dat maakt deel uit van de lopende doorlichting. Ik vraag me, samen met anderen, ook echt af of we wel met een bepaald soort financiers moeten werken. Alle universiteiten zoeken vandaag naar bijkomende financiering, ook de VUB, maar we moeten daarbij heel goed de ethische grenzen bewaken. De VUB moet zorgvuldiger bekijken hoe en met wie ze samenwerkt in China, nog steeds een autoritair regime dat het niet altijd nauw neemt met de mensenrechten? Pauwels: De VUB is uiteraard voor academische samenwerking, ook met China. Je moet de opportuniteit van elke samenwerking vooraf goed afwegen, en dat vervolgens ook permanent blijven doen. Als uit de evaluatie blijkt dat het scherper moet, zullen we dat opnemen. Emeritus professor Jan Cornelis is niet ingenomen met wat hij 'ongemotiveerde kritiek' noemt op zowel het Confucius Institute, BACES als zijn samenwerking met de NPU. Hij zegt dat hij als vicerector de drijvende kracht was achter de oprichting van het Confucius Institute en BACES, en al sinds begin de jaren negentig als vorser goed samenwerkt met de NPU. Jan Cornelis: Confucius-instituten zijn vooral bezig met de Chinese taal en cultuur. Het VUB-instituut is speciaal, omdat het gericht is op het hedendaagse China en de sociaaleconomische en politieke ontwikkelingen. De projecten worden door VUB-promotoren gekozen en begeleid. De Chinese overheid zorgt voor een deel van de financiering. Ik ken de precieze cijfers niet uit het hoofd, maar veel meer dan 150.000 euro is het totale budget niet. Ongeveer de helft daarvan wordt bijgepast door de VUB, vooral in natura voor het gebruik van infrastructuur, lokalen en materiaal. Tot nu toe hebben we geen enkele censuur of inhoudelijke inmenging ondervonden. Waarom denkt u dat we het instituut hebben opgericht binnen de VUB? Precies omdat we dan kunnen controleren wat er gebeurt, en de kwaliteitsnormen hanteren die in de hele VUB gelden. Buiten de VUB heb je die controle níét. In de overeenkomst met de Chinese overheid is het principe van het vrij onderzoek letterlijk opgenomen. Bovendien staat wat het Confucius Institute doet ver af van mijn onderzoeksdomein als ingenieur. Uw samenwerking met de NPU is wel gelinkt aan uw specialismen. De NPU is een cruciale universiteit die classified technology ontwikkelt, die voor defensie wordt gebruikt, maar ook ingezet wordt bij de controle van en repressie tegen minderheden. Cornelis: Mijn vroegere vakgroep werkte rond zulke specialismen, en zij hebben niets met Confucius Institute te maken. Als het over spionage gaat, kan ik u geruststellen. Ik ben daarover zelf naar een seminarie van de Staatsveiligheid geweest. U bent geen spion? Cornelis: Wie beweert dat ik een spion ben, moet met feiten en bewijzen komen. Ach, ik weet wel waar dat vandaan komt: van mensen die zelf graag in de kijker lopen met boude uitspraken over de risico's van samenwerking met Chinezen. Over wie hebt u het? Collega's aan de VUB? Cornelis: Ik noem geen namen. De NPU staat in de VS op een lijst van verdachte instellingen. De VUB onthaalt NPU-professoren als visiting researchers, die gelinkt zijn aan Chinese veiligheidsdiensten. Cornelis: Wat zijn de strafbare feiten? Ik ken ze niet. Ik heb ook geen weet van links met Chinese veiligheidsdiensten. Het enige project dat misschien een beetje in delicaat vaarwater zit, ging over innovatie met technologietransfers, en dat wordt meegefinancierd door het Brussels Gewest. De VUB en de NPU hebben een joint research group over beeldverwerking, beeldanalyse en ook herkenning van emoties en affective computing. Dat zijn perfect legitieme onderzoeksdomeinen. Speelt die legitimiteit een rol bij wat er nadien met de onderzoeksresultaten gebeurt? De technologie wordt blijkbaar ingezet tegen bijvoorbeeld de Oeigoeren. Cornelis: De aard van die gezamenlijke onderzoeksresultaten leent zich niet voor zulke toepassingen. Dat technologie wordt gebruikt voor zulke toepassingen spijt me zeer. Ik keur dat niet goed. Je kunt naar China kijken vanuit een helikopter en besluiten om daarom níét meer samen te werken. Ik werk samen met lokale wetenschappers en nauwelijks met de Chinese overheid. Alle universiteiten ter wereld hengelen naar beurzen en financiering voor studenten en projecten. We hebben onze activiteiten ook nooit verstopt. We hebben uiteenzettingen bijgewoond van Belgische veiligheidsdiensten over waar we op moesten letten bij samenwerking met de Chinezen. Ik heb toen gevraagd om ons te waarschuwen als er verdachte dingen gebeurden. Ik heb nooit meer iets gehoord. De Staatsveiligheid gaf een negatief advies. Tegen dat advies in hebt u het instituut toch opgericht. Cornelis: Ik heb over dat negatieve advies van de Staatsveiligheid gehoord, maar ik heb het nooit gezien. Kijk, de oude Confucius-instituten waren inderdaad echte propagandamachines van het regime, en in de VS zijn er conflicten geweest rond hun werking. (In de VS en Zweden werden al Confuciusinstituten opgedoekt, nvdr) Wij zijn niet over één nacht ijs gegaan, en hebben dat allemaal goed bekeken. Het instituut is trouwens ingehuldigd in aanwezigheid van premier Michel en minister van Buitenlandse Zaken Reynders. Zij zagen blijkbaar geen obstakels. Of ze wisten niets over het negatieve advies dat Vlaams minister Crevits had gekregen? Cornelis: Aan de ULB is ongeveer in dezelfde periode ook zo'n Confucius-instituut opgericht, en daar heeft de Staatsveiligheid blijkbaar geen negatief advies over gegeven. Hoe komt dat? Omdat de Franstalige overheid geen advies gevraagd heeft? Nogmaals, mijn samenwerking met de NPU heeft niets te zien met het Confucius Institute noch met BACES, die vooral met humane wetenschappen bezig zijn. U bent wel de verbindende factor tussen al die samenwerking. Is dat wat de Staatsveiligheid zorgen baart? Cornelis: Tja, ik heb nu eenmaal veel verschillende functies gehad sinds ik in 1973 aan de VUB begon. Ik heb Chinese doctoraatsstudenten begeleid, en ik ben vicerector Internationaal Beleid geweest. Uiteraard heb je dan contacten met China. Ik ben zeker niet de enige binnen de VUB. Komt de kritiek voor u dan neer op paranoia van de veiligheidsdiensten over Chinese inmenging in het academische milieu? Cornelis: Ik weet dat er argwaan bestaat tegenover China, ook bij studenten. Ik deel die argwaan, want ik ben uiteraard geen voorstander van de totalitaire trekken van het regime. Het is een land in transitie en een opkomende economische wereldmacht. Daar kun je als academicus niet naast kijken, maar dat moet je onderzoeken. Ik doe dat als ingenieur door ter plaatse samen te werken met lokale mensen. Dat lijkt me een gezondere attitude dan de zaken van een afstand en enkel door een macro-economische bril te bekijken. Dan is het begrijpelijk dat je een ultranegatieve visie op dat land krijgt.