Beste minister De Block,

Mijn papa is 54 jaar en heeft het lotje uit de loterij gewonnen. Zijn prijs? Jongdementie. 'Veel succes', zou hij dan zelf zeggen. Daarmee bedoelt hij eigenlijk: 'Proficiat'.

Zijn taal is jammer genoeg niet het enige dat verdwijnt. Onze buren en zelfs zijn beste vrienden herkent hij niet meer. We moeten hem steeds overtuigen zich te wassen, kleine wondjes van het werk op de boerderij te verzorgen, maar bovenal: dat hij geen dommerik is.

Dementie is een verzamelnaam voor een groep stoornissen waarbij de hersenen steeds minder goed werken. Er treden problemen op met onder andere het geheugen, het leervermogen, de taal en het uitvoeren van zowel complexe als dagelijkse handelingen. Bij jongdementie zijn de eerste symptomen en de diagnose al voor de leeftijd van 65 jaar vastgesteld. Het functioneren van de hersenen gaat bovendien sneller achteruit dan wanneer de ziekte zich op latere leeftijd ontwikkelt.

Een medicijn om die achteruitgang af te remmen of zelfs om te keren bestaat er niet. Mijn papa hoopt wél om te genezen met 'blokjes'. Zo noemt hij de pillen die hij inneemt.

Beste Maggie De Block, waarom doet België zo weinig om mensen met jongdementie te helpen?

U weet ook dat dit (nog) niet mogelijk is. Logopedie daarentegen is één van de weinige middelen waarmee hij de grip op onze talige wereld kan behouden. Het is ook één van de enige middelen die de achteruitgang enigszins kan afremmen. Een verbetering van de communicatie bevordert een sociale, actieve levensstijl. De prikkels die voortvloeien uit die sociale omgang, bevorderen zijn geheugen. En toch wordt het belang hiervan nog niet erkend.

Mevrouw de minister, wij zijn niet alleen. Nog 2.000 andere Vlaamse gezinnen (over-)leven met jongdementie. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) ziet dementie als prioriteit nummer 1. Mede door de vergrijzing en de meer nauwkeurige diagnostiek verwacht men dat het aantal mensen met dementie tegen 2050 zal verdriedubbelen. De WHO dringt erop aan om in te zetten op de levenskwaliteit van deze mensen en hun omgeving. De organisatie pleit voor betaalbare, kwaliteitsvolle zorg en vraagt de lidstaten om in te zetten op het optimaliseren van het welzijn, het functioneren en de fysieke en mentale gezondheid van deze groep mensen.

Waarom doet België dan zo weinig? Logopedie bij dementie wordt nog steeds niet terugbetaald. Het sluipende begin van de aandoening maakt het onmogelijk de precieze startdatum ervan vast te pinnen, waardoor de goedkeuring niet binnen de zes maanden na de start kan aangevraagd worden. Nochtans heeft de jongere groep, door de hogere mentale eisen die hen vanuit de omgeving gesteld worden, een beter ziekte-inzicht en zijn ze zich meer bewust van hun beperkingen. Ze zijn doorgaans meer gemotiveerd om de behandeling te starten en kunnen deze beter volhouden.

Een tweede punt voor verbetering zijn de woonzorgcentra. Deze zijn onvoldoende aangepast aan de zorg voor deze doelgroep. Mensen met (jong-)dementie hebben behoefte aan lichaamsbeweging. De prikkels die hierdoor ontstaan verbeteren de cognitieve toestand, het welzijn en de stemming van deze mensen. De activiteiten in de bestaande voorzieningen zijn daarentegen minder op beweging gebaseerd. Ook het stimuleren van zelfstandig gedrag (waar soms enig geduld voor nodig is) en het benutten van hun resterende vaardigheden zijn belangrijke therapeutische handvaten die niet steeds in een woonzorgcentrum kunnen aangeboden worden.

Door de vergrijzing en de nauwkeurigere diagnostiek verwacht men dat het aantal mensen met dementie tegen 2050 zal verdriedubbelen.

Logopedie voor taalstoornissen bij dementie terugbetalen

Door het grote leeftijdsverschil met de andere bewoners voelen personen met jongdementie zich er vaak niet thuis. De woonzorgcentra zijn bovendien quasi onbetaalbaar voor een gezin met één kostwinner en studerende kinderen. De partners, die meteen in de rol van mantelzorger geduwd worden, moeten alleen instaan voor het inkomen, maar worden tegelijkertijd belast met de zware zorgtaak, waardoor ze over het algemeen net minder gaan werken.

Bij ons is dit niet anders. Mijn mama ziet haar steun en toeverlaat uitdoven, en krijgt er heel wat financiële zorgen bij. In plaats van dat papa ons, zijn kinderen, helpt ons leven op de rails te zetten, zorgen wij dat het zijne niet ontspoort. Wilt u ons daarbij helpen? Kunt u ervoor zorgen dat logopedie voor taalstoornissen bij (jong-)dementie terugbetaald wordt?

Mijn papa hoopt dat u 'het positief stelt in uw arbeidstaken'. Dat is zijn manier om te zeggen dat hij hoopt dat het lukt. De woorden om 'dankuwel' te zeggen, is hij al verloren.

Vriendelijke groet,

Jessie Everaert

Jessie Everaert is 23 jaar en werkt als logopediste.