De twee piloten die betrokken waren bij de crash van een F-16 in Frankrijk, zijn ongedeerd. "Ik heb een van de twee aan de lijn gehad en die zei me dat ze zich allebei goed voelen", zei luchtmachtchef Frederik Vansina op een persconferentie.

De twee zijn ervaren gevechtspiloten, aldus Vansina. Ze gebruikten hun schietstoel op ongeveer 500 meter hoogte. De ene piloot kwam op de grond terecht, de tweede moest gered worden uit een hoogspanningslijn. Ze werden naar het ziekenhuis gebracht voor controle, maar stellen het goed. "Ze hebben wellicht wat spierpijn en misschien een schram, maar ze voelen zich goed." Er was wel materiële schade aan een huis. Het gevechtsvliegtuig uit 1983 voerde een navigatietraining uit van de basis in Florennes naar het Franse Lorient. Het was in de buurt van die laatste basis dat het vliegtuig in de problemen kwam. "

De piloot heeft mij bevestigd dat hij een motorprobleem had opgemerkt. We gaan nu de exacte oorzaak onderzoeken", aldus Vansina. Het toestel was volgens Defensie in goede staat. Operationele vluchten gaan gewoon door, zei Vansina.

De Belgische luchtmacht is onder meer actief in Litouwen.

Reynders blij dat piloten zich hebben kunnen redden

Minister van Defensie Didier Reynders zegt "heel blij" te zijn dat de twee piloten van de F-16 die donderdag in Frankrijk neerstortte, zich hebben kunnen redden. Op Twitter meldt hij dat Defensie zich over hen en hun familie ontfermt.

"Er zijn gelukkig ook geen slachtoffers op de grond. er komt een onderzoek naar de oorzaak van de crash", aldus nog Reynders.