Ook in de nieuwe beheersovereenkomst blijft de VRT het maken van radio en tv koesteren, maar de omroep kan niet negeren dat de Vlaming media op een andere manier consumeert, klinkt het. 'Er is een onwaarschijnlijk snelle evolutie bezig, en daarin willen we onze medewerkers meekrijgen', zei CEO Frederik Delaplace tijdens een persconferentie. Daarvoor krijgt de omroep dus een extra toelage van 16 miljoen euro.

Of dat transformatieplan ook betekent dat er jobs zullen sneuvelen, zoals bij vorige VRT-transformatieplannen het geval was? Dat wilde Delaplace niet gezegd hebben, al sloot hij tegelijk de mogelijkheid niet uit. 'Het goede nieuws is dat we de middelen krijgen om met de transformatie om te gaan, zodat we kansen kunnen creëren om ervoor te zorgen dat de VRT over vijf of tien jaar nog steeds relevant is.'

'Beslissen wat we niet meer doen'

Maar Delaplace zegt zich bewust te zijn dat er keuzes zullen gemaakt moeten worden. 'En we moeten stoppen met die keuzes uit te stellen', aldus Delaplace. 'We moeten efficiënter worden, en ook: beslissen wat we niet meer doen. Overal dezelfde lineaire besparing, bijvoorbeeld, dat gaan we niet meer doen. We zullen de komende maanden bekijken welke keuzes we gaan maken.'

Een van die keuzes werd al gemaakt, zei de CEO. 'Door mee te stappen in Streamz, het Vlaamse streamingplatform, kunnen we bijvoorbeeld fictie van internationaal niveau, zoals 'Undercover', blijven produceren. Er wordt vaak gepraat over de centen, maar de belangrijkste boodschap is dat we dit bedrijf meenemen in de ingrijpende systemische evolutie die de media doormaken.'

In die omslag naar het digitale wordt VRT NU 'essentieel', zei de CEO. Hij omschreef dat platform als 'de grootste plus in de nieuwe beheersovereenkomst'. 'We krijgen voor dat kanaal de middelen om het te ontwikkelen', zei de CEO. 'De enige afspraak is dat het niet de anti-Streamz wordt.' Dat betekent vooral dat internationale reeksen er niet meer volledig zullen aangeboden worden voor de 'lineaire' uitzending van de eerste aflevering.'

Samenwerken vanuit eigen sterkte

Vlaams minister van Media Benjamin Dalle (CD&V) beklemtoonde samen met Delaplace het belang van samenwerking in deze beheersovereenkomst. 'Samenwerken, maar iedereen - de private omroepen, de externe productiehuizen... - doet dat vanuit de eigen sterkte', zei Dalle, die het vaak over een 'marktversterkende' overeenkomst had.

Dat samenwerken zal er onder meer, ietwat verrassend, komen op het vlak van reclame. De VRT ging akkoord met een reclameplafond van 78 miljoen euro, maar er komt een marktindex in overleg met de private media. Als de marktindex stabiel blijft of daalt, wordt het plafond van de VRT op hetzelfde niveau gehouden. Stijgt de index, dan mag de VRT extra inkomsten werven, maar minstens een derde daarvan moet worden geïnvesteerd in externe productie. Volgens Dalle zit de concurrentie op reclamevlak vooral internationaal, en niet tussen de VRT en andere mediabedrijven.

Een laatste opvallend element uit de beheersovereenkomst is de controle op de partijdigheid. In de loop van volgend jaar gaat een 'academische partner' daarmee aan de slag. 'Maar daarvoor hebben we geen schrik', zegt de CEO. 'We zijn daar nogal zelfzeker over.'

Ook in de nieuwe beheersovereenkomst blijft de VRT het maken van radio en tv koesteren, maar de omroep kan niet negeren dat de Vlaming media op een andere manier consumeert, klinkt het. 'Er is een onwaarschijnlijk snelle evolutie bezig, en daarin willen we onze medewerkers meekrijgen', zei CEO Frederik Delaplace tijdens een persconferentie. Daarvoor krijgt de omroep dus een extra toelage van 16 miljoen euro.Of dat transformatieplan ook betekent dat er jobs zullen sneuvelen, zoals bij vorige VRT-transformatieplannen het geval was? Dat wilde Delaplace niet gezegd hebben, al sloot hij tegelijk de mogelijkheid niet uit. 'Het goede nieuws is dat we de middelen krijgen om met de transformatie om te gaan, zodat we kansen kunnen creëren om ervoor te zorgen dat de VRT over vijf of tien jaar nog steeds relevant is.' Maar Delaplace zegt zich bewust te zijn dat er keuzes zullen gemaakt moeten worden. 'En we moeten stoppen met die keuzes uit te stellen', aldus Delaplace. 'We moeten efficiënter worden, en ook: beslissen wat we niet meer doen. Overal dezelfde lineaire besparing, bijvoorbeeld, dat gaan we niet meer doen. We zullen de komende maanden bekijken welke keuzes we gaan maken.' Een van die keuzes werd al gemaakt, zei de CEO. 'Door mee te stappen in Streamz, het Vlaamse streamingplatform, kunnen we bijvoorbeeld fictie van internationaal niveau, zoals 'Undercover', blijven produceren. Er wordt vaak gepraat over de centen, maar de belangrijkste boodschap is dat we dit bedrijf meenemen in de ingrijpende systemische evolutie die de media doormaken.' In die omslag naar het digitale wordt VRT NU 'essentieel', zei de CEO. Hij omschreef dat platform als 'de grootste plus in de nieuwe beheersovereenkomst'. 'We krijgen voor dat kanaal de middelen om het te ontwikkelen', zei de CEO. 'De enige afspraak is dat het niet de anti-Streamz wordt.' Dat betekent vooral dat internationale reeksen er niet meer volledig zullen aangeboden worden voor de 'lineaire' uitzending van de eerste aflevering.' Vlaams minister van Media Benjamin Dalle (CD&V) beklemtoonde samen met Delaplace het belang van samenwerking in deze beheersovereenkomst. 'Samenwerken, maar iedereen - de private omroepen, de externe productiehuizen... - doet dat vanuit de eigen sterkte', zei Dalle, die het vaak over een 'marktversterkende' overeenkomst had. Dat samenwerken zal er onder meer, ietwat verrassend, komen op het vlak van reclame. De VRT ging akkoord met een reclameplafond van 78 miljoen euro, maar er komt een marktindex in overleg met de private media. Als de marktindex stabiel blijft of daalt, wordt het plafond van de VRT op hetzelfde niveau gehouden. Stijgt de index, dan mag de VRT extra inkomsten werven, maar minstens een derde daarvan moet worden geïnvesteerd in externe productie. Volgens Dalle zit de concurrentie op reclamevlak vooral internationaal, en niet tussen de VRT en andere mediabedrijven. Een laatste opvallend element uit de beheersovereenkomst is de controle op de partijdigheid. In de loop van volgend jaar gaat een 'academische partner' daarmee aan de slag. 'Maar daarvoor hebben we geen schrik', zegt de CEO. 'We zijn daar nogal zelfzeker over.'