De humanisten van CDH-CD&V, de liberalen van MR-Open VLD en de Vlaams nationalist van N-VA hamerden allemaal op het zelfde punt. Bijna 95 procent van het budget gaat naar de burgemeester en zijn schepenen van PS en One.Brussels. Er blijven slechts een vijftal procent over voor de schepenen van de fractie Ecolo-Groen en slechts een half procentje voor DéFI-schepen Fabian Maingain. 'Dit toont overduidelijk dat alle zware portefeuilles en budgetten bij rode schepenen zitten. De groene kiezer is met een kluitje in het riet gestuurd en Défi is helemaal quantité négligeable,' zegt N-VA-gemeenteraadslid Mathias Vanden Borre.

Burgemeester Philippe Close countert de beschuldigingen en spreekt van investeringen over de bevoegdheden heen: 'Je moet niet enkel naar één bepaald budget kijken van één bepaalde schepen. Er zijn verschillende subtiliteiten en zaken die overlappen. De participatie bijvoorbeeld heeft geen uitgesproken competentie of een budget, maar heeft wel een grote invloed en is van symbolisch belang. Ik kijk naar de begroting als een budget waar het hele college over beschikt', verduidelijkt de Brusselse burgervader.

Schuldenberg verdubbeld

Het valt de oppositieleden daarnaast op dat de schuldenlast van de stad Brussel sterk stijgt, met maar liefst 40 procent in de afgelopen twee jaar. 'Dat is nooit gezien', benadrukt Geoffroy Coomans van MR. 'Na analyse van de begroting kan de stad Brussel op deze manier 550 miljoen euro aan schulden hebben eind 2020 en waarschijnlijk 650 miljoen in 2022. In vier jaar zal de schuldenberg zo verdubbeld zijn', zegt het liberaal oppositielid.

Geen staaltje van goed financieel beheer, vindt de oppositie en dus rijst er twijfel over de haalbaarheid van deze begroting in evenwicht van 852,6 miljoen euro. Aan enkele ingeschreven inkomsten, zoals die uit de parkeerboetes, wordt getwijfeld. 'De vraag is natuurlijk of dit niet louter een cosmetisch evenwicht is dan wel een reëel begrotingsevenwicht', gaat CD&V-gemeenteraadslid Bianca Debaets verder.

Oppositielid Vanden Borre stelt het zelfs nog straffer: 'Ik vrees voor de rand van het faillissement, want lenen kost ook geld.'

Beursgebouw en Biertempel

Een oplopende investering die nog steeds de wenkbrauwen doet fronsen bij de oppositie van MR is de 43 miljoen die volgens hen naar de renovatie van het Beursgebouw en de creatie van een Biertempel gaat. 'Dit zijn geen investeringen voor de inwoners, maar wel voor de culturele en toeristische ambities van de burgemeester', vindt MR-gemeenteraadslid David Weytsman. Ook bij PTB-PVDA zijn ze niet opgezet met deze investering. 'Dat project draagt niets bij aan de noden van de Brusselaars', vervolgt Mathilde El Bakri, fractieleidster van PTB-PVDA. Al zagen ze bij de extreemlinkse partij ook enkele lichtpunten in de begroting. Zo zijn ze erg tevreden met de voortzetting van het budget voor de renovatie en isolatie van sociale woningen en de aanval op de leegstand in de stad. In de verdere investering in de personeelskosten kan PTB-PVDA zich als enige oppositiepartij wel vinden, maar dat moet dan wel tegemoet worden gegaan met 'een verbetering van de werkomstandigheden. Denk maar aan de stakingen waarbij het personeel buiten aan het administratief centrum stond', aldus El-Bakri.

In totaal stijgen de begrote uitgaven in 2020 met 2,3 procent ten opzichte van de begroting van 2019. Net zoals in de voorgaande jaren, omvatten de uitgaven voor personeel net niet de helft van het budget, ofwel meer dan 400 miljoen euro. De stad Brussel is zo met 9.000 werknemers de tweede grootste werkgever van het Brussels gewest. 'Moeten we wel de tweede grootste werkgever in Brussel zijn?', vraagt Weytsman zich af. De liberaal had veel liever investeringen gezien in de handel in de buitenwijken van het stadscentrum. 'Er is geen enkel commerciële investering, terwijl de handelaars in Neder-Over-Heembeek, Laken en de Marollen het moeilijk hebben door een gebrek aan investeringen en aan een slechte bereikbaarheid.'

Voor Didier Wauters van CDH hadden de werkingskosten, die met vier miljoen stijgen, ook beter bekeken kunnen worden, en dat ten voordele van de participatie in de stad Brussel. 'Een besparing hier had ten voordele kunnen zijn van de Brusselaars. Zo hadden we voor elke van de acht wijk al een miljoen euro kunnen voorzien voor de oprichting van hun wijkraden. Terwijl dit er nu maar één zal zijn', besluit Wauters.

De humanisten van CDH-CD&V, de liberalen van MR-Open VLD en de Vlaams nationalist van N-VA hamerden allemaal op het zelfde punt. Bijna 95 procent van het budget gaat naar de burgemeester en zijn schepenen van PS en One.Brussels. Er blijven slechts een vijftal procent over voor de schepenen van de fractie Ecolo-Groen en slechts een half procentje voor DéFI-schepen Fabian Maingain. 'Dit toont overduidelijk dat alle zware portefeuilles en budgetten bij rode schepenen zitten. De groene kiezer is met een kluitje in het riet gestuurd en Défi is helemaal quantité négligeable,' zegt N-VA-gemeenteraadslid Mathias Vanden Borre. Burgemeester Philippe Close countert de beschuldigingen en spreekt van investeringen over de bevoegdheden heen: 'Je moet niet enkel naar één bepaald budget kijken van één bepaalde schepen. Er zijn verschillende subtiliteiten en zaken die overlappen. De participatie bijvoorbeeld heeft geen uitgesproken competentie of een budget, maar heeft wel een grote invloed en is van symbolisch belang. Ik kijk naar de begroting als een budget waar het hele college over beschikt', verduidelijkt de Brusselse burgervader. Schuldenberg verdubbeldHet valt de oppositieleden daarnaast op dat de schuldenlast van de stad Brussel sterk stijgt, met maar liefst 40 procent in de afgelopen twee jaar. 'Dat is nooit gezien', benadrukt Geoffroy Coomans van MR. 'Na analyse van de begroting kan de stad Brussel op deze manier 550 miljoen euro aan schulden hebben eind 2020 en waarschijnlijk 650 miljoen in 2022. In vier jaar zal de schuldenberg zo verdubbeld zijn', zegt het liberaal oppositielid. Geen staaltje van goed financieel beheer, vindt de oppositie en dus rijst er twijfel over de haalbaarheid van deze begroting in evenwicht van 852,6 miljoen euro. Aan enkele ingeschreven inkomsten, zoals die uit de parkeerboetes, wordt getwijfeld. 'De vraag is natuurlijk of dit niet louter een cosmetisch evenwicht is dan wel een reëel begrotingsevenwicht', gaat CD&V-gemeenteraadslid Bianca Debaets verder. Oppositielid Vanden Borre stelt het zelfs nog straffer: 'Ik vrees voor de rand van het faillissement, want lenen kost ook geld.' Beursgebouw en BiertempelEen oplopende investering die nog steeds de wenkbrauwen doet fronsen bij de oppositie van MR is de 43 miljoen die volgens hen naar de renovatie van het Beursgebouw en de creatie van een Biertempel gaat. 'Dit zijn geen investeringen voor de inwoners, maar wel voor de culturele en toeristische ambities van de burgemeester', vindt MR-gemeenteraadslid David Weytsman. Ook bij PTB-PVDA zijn ze niet opgezet met deze investering. 'Dat project draagt niets bij aan de noden van de Brusselaars', vervolgt Mathilde El Bakri, fractieleidster van PTB-PVDA. Al zagen ze bij de extreemlinkse partij ook enkele lichtpunten in de begroting. Zo zijn ze erg tevreden met de voortzetting van het budget voor de renovatie en isolatie van sociale woningen en de aanval op de leegstand in de stad. In de verdere investering in de personeelskosten kan PTB-PVDA zich als enige oppositiepartij wel vinden, maar dat moet dan wel tegemoet worden gegaan met 'een verbetering van de werkomstandigheden. Denk maar aan de stakingen waarbij het personeel buiten aan het administratief centrum stond', aldus El-Bakri. In totaal stijgen de begrote uitgaven in 2020 met 2,3 procent ten opzichte van de begroting van 2019. Net zoals in de voorgaande jaren, omvatten de uitgaven voor personeel net niet de helft van het budget, ofwel meer dan 400 miljoen euro. De stad Brussel is zo met 9.000 werknemers de tweede grootste werkgever van het Brussels gewest. 'Moeten we wel de tweede grootste werkgever in Brussel zijn?', vraagt Weytsman zich af. De liberaal had veel liever investeringen gezien in de handel in de buitenwijken van het stadscentrum. 'Er is geen enkel commerciële investering, terwijl de handelaars in Neder-Over-Heembeek, Laken en de Marollen het moeilijk hebben door een gebrek aan investeringen en aan een slechte bereikbaarheid.' Voor Didier Wauters van CDH hadden de werkingskosten, die met vier miljoen stijgen, ook beter bekeken kunnen worden, en dat ten voordele van de participatie in de stad Brussel. 'Een besparing hier had ten voordele kunnen zijn van de Brusselaars. Zo hadden we voor elke van de acht wijk al een miljoen euro kunnen voorzien voor de oprichting van hun wijkraden. Terwijl dit er nu maar één zal zijn', besluit Wauters.