In 'Rise of the Robots' zet futurist Martin Ford de lezer een tijdje op het verkeerde been door een Amerikaanse president te citeren over de drastische gevolgen en uitdagingen van automatisering en robotisering op de Amerikaanse arbeidsmarkt. 'Er is geen magische oplossing, om zelfs maar stil te staan zullen we zeer snel moeten bewegen.' En, zo gaat hij even later verder: 'We hebben een combinatie van oudere werknemers die hun jobs hebben verloren omwille van de opkomst van nieuwe technologieën en jongere werknemers met te weinig beroepsvaardigheden. We moeten inzetten op het reskillen van werknemers, want het probleem gaat zichzelf niet oplossen.'

De president die de Martin Ford hier citeert is niet Bill Clinton, George W. Bush of Barack Obama, maar niemand minder dan president John F. Kennedy die zich in 1963 reeds zorgen maakte over de impact van automatisering op de Amerikaanse arbeidsmarkt. Het punt van de auteur is duidelijk, doemberichten over automatisering en disruptie op de arbeidsmarkt door nieuwe technologieën is van alle tijden. Paniek is overbodig want we hebben in het Westen steevast de schokgolven die nieuwe technologieën veroorzaakten op de arbeidsmarkt tijdig kunnen capteren.

Als we onze samenleving willen klaarstomen voor de arbeidsmarkt van morgen moeten we nú in actie komen.

Iets dichter bij huis wijst Agoria, de belangenbehartiger van de Belgische technologiesector, er graag op dat de huidige automatiseringsgolf net voor meer opportuniteiten zorgt. In haar veel geciteerde 'Shaping the Future of Work'-studie maakt de technologiefederatie zelfs gewag van 864.000 nieuwe jobs tegen 2030 tegenover 235.000 jobs die weggeautomatiseerd zouden worden. Voor elke job die verdwijnt zouden er 4 nieuwe jobs gecreëerd worden. Ook het McKinsey & Company Global Institute benadrukt in haar jaarlijkse rapporten de opportuniteiten die automatisering met zich meebrengt. De komende jaren zullen geheel nieuwe industrieën over heel Europa ontstaan die miljoenen nieuwe jobs zullen creëren.

Dat deze digitale disruptie niet alleen grote voordelen met zich meebrengt, spreekt voor zich. De afgelopen jaren werden we om de oren geslagen met allerhande berichten over grote herstructureringen binnen het Belgische bedrijfsleven. Zo kondigde ING in 2016 aan dat het tegen 2021 meer dan 3.000 banen in ons land zou schrappen en honderden nieuwe werknemers met digitale profielen zou aanwerven. Een gelijkaardig verhaal hoorden we onlangs bij Proximus en BNP Paribas, die respectievelijk 1.900 en 2.200 banen schrappen om te kunnen investeren in een digitale omwenteling. Het is een verhaal dat we de komende jaren nog vaak zullen horen. Bedrijven die een groot deel van hun personeel afvloeien en op zoek gaan naar werknemers met de benodigde digitale competenties.

We moeten nu meer dan ooit inzetten op een verregaande alliantie tussen industrie, bedrijfsleven, onderwijs, werkgevers- en werknemersorganisaties gestoeld op het Zwitserse en Duitse model van duaal leren. Waar leerlingen reeds tijdens hun schoolloopbaan praktijkervaring opdoen op de werkvloer. Daarnaast moeten we ook digitale innovatieve leerplatformen uitbouwen waar zowel leerlingen, studenten en werknemers continu hun digitale vaardigheden kunnen bijscholen. Deze vaardigheden zouden gecertificeerd worden door het Belgische onderwijs en erkend worden door werkgevers en industrie.

Bovendien kan de overheid het zogenaamde levenslang leren aanmoedigen door bepaalde stimulansen in te bouwen bij het vergaren van pensioenrechten. Zo zouden werknemers die gedurende hun loopbaantraject verschillende aanvullende opleidingen volgden voor specifieke knelpuntberoepen en digitale profielen waarvoor een nijpend tekort bestaat op de Belgische arbeidsmarkt recht hebben op extra toelages bovenop hun basispensioen. De meerkost voor de sociale zekerheid die dit met zich zou meebrengen zou opgevangen worden door de extra opbrengsten van al deze nieuwe ingevulde vacatures.

De Vierde Industriële Revolutie hoeft ons dus geen al te grote zorgen te baren, mits we tijdig investeren in het reskillen en upskillen van onze huidige arbeidskrachten én het curriculum in het secundair en hoger onderwijs bijschaven. De kloof tussen de vaardigheden die de onderwijssystemen in West-Europa studenten bijbrengen en de vaardigheden die ze op de arbeidsmarkt van morgen nodig hebben wordt steeds groter. Willen we als land de uitdagingen die de doorgedreven automatisering, robotisering en digitalisering van de werkplek met zich meebrengen in een succes omzetten, moeten we ons dringend tenietdoen van enkele conservatieve reflexen binnen gevestigde instituten en voluit inzetten op de digitale transformatie van ons onderwijs en arbeidsmarkt.