Polen gaf een kwart van deze vergunningen, zo'n 724.000, gevolgd door Duitsland (460.000 of 16 pct), Spanje (320.000 of 11 pct), Frankrijk (285.000 of 10 pct), Italië (176.000 of 6 pct) en Tsjechië (117.000 of 4 pct). In verhouding tot het aantal inwoners per land, was Malta het meest vrijgevig met 42 verblijfsvergunningen per 1.000 inwoners. Daarna volgen Cyprus (26 per 1.000), Polen (19 per 1.000), Slovenië (15 per 1.000) en Luxemburg (14 per 1.000). België gaf 5 verblijfsvergunningen per 1.000 inwoners, terwijl het Europees gemiddelde 7 is. Meer dan 25 procent (757.000) van de vergunningen gingen naar Oekraïners. De meerderheid (80 pct) daarvan werd uitgegeven door Polen. De top drie wordt aangevuld door Marokkanen (133.000 vergunningen) en Indiërs (131.000). In totaal werd 41 procent van de in de EU verleende vergunningen gegeven om werkgerelateerde redenen, 27 procent om gezinsredenen, 14 procent voor onderwijs en 18 procent om andere redenen, zoals internationale bescherming of erkenning van de vluchtelingenstatus. Bijna 9 op de 10 Oekraïners en 6 of de 10 Wit-Russen kregen de vergunning om professionele redenen, terwijl in 59 procent van de gevallen Marokkaanse staatsburgers die om gezinsredenen kregen. Zo'n 40 procent van de Chinezen kreeg een verblijfsvergunning voor onderwijs, net zoals 37 procent van de Amerikanen. Bijna 65 procent van de Syriërs kreeg dan weer een verblijfsvergunning in het kader van de erkenning van hun vluchtelingenstatuut. (Belga)

Polen gaf een kwart van deze vergunningen, zo'n 724.000, gevolgd door Duitsland (460.000 of 16 pct), Spanje (320.000 of 11 pct), Frankrijk (285.000 of 10 pct), Italië (176.000 of 6 pct) en Tsjechië (117.000 of 4 pct). In verhouding tot het aantal inwoners per land, was Malta het meest vrijgevig met 42 verblijfsvergunningen per 1.000 inwoners. Daarna volgen Cyprus (26 per 1.000), Polen (19 per 1.000), Slovenië (15 per 1.000) en Luxemburg (14 per 1.000). België gaf 5 verblijfsvergunningen per 1.000 inwoners, terwijl het Europees gemiddelde 7 is. Meer dan 25 procent (757.000) van de vergunningen gingen naar Oekraïners. De meerderheid (80 pct) daarvan werd uitgegeven door Polen. De top drie wordt aangevuld door Marokkanen (133.000 vergunningen) en Indiërs (131.000). In totaal werd 41 procent van de in de EU verleende vergunningen gegeven om werkgerelateerde redenen, 27 procent om gezinsredenen, 14 procent voor onderwijs en 18 procent om andere redenen, zoals internationale bescherming of erkenning van de vluchtelingenstatus. Bijna 9 op de 10 Oekraïners en 6 of de 10 Wit-Russen kregen de vergunning om professionele redenen, terwijl in 59 procent van de gevallen Marokkaanse staatsburgers die om gezinsredenen kregen. Zo'n 40 procent van de Chinezen kreeg een verblijfsvergunning voor onderwijs, net zoals 37 procent van de Amerikanen. Bijna 65 procent van de Syriërs kreeg dan weer een verblijfsvergunning in het kader van de erkenning van hun vluchtelingenstatuut. (Belga)