Nee, Bob Kabamba heeft geen reisplannen voor Kinshasa. De aanleiding ligt anders voor de hand. Op dinsdag 30 juni viert de Democratische Republiek Congo zestig jaar onafhankelijkheid. Zo'n feestje mag een hoogleraar internationale politiek met specialiteit Centraal-Afrika niet missen. Zeker niet als hij in Congo is geboren maar in België werd opgeleid. Kabamba, onder meer gespecialiseerd in transities na conflicten, doceert afwisselend aan de Universiteit van Luik en meerdere universiteiten in zijn geboorteland.
...

Nee, Bob Kabamba heeft geen reisplannen voor Kinshasa. De aanleiding ligt anders voor de hand. Op dinsdag 30 juni viert de Democratische Republiek Congo zestig jaar onafhankelijkheid. Zo'n feestje mag een hoogleraar internationale politiek met specialiteit Centraal-Afrika niet missen. Zeker niet als hij in Congo is geboren maar in België werd opgeleid. Kabamba, onder meer gespecialiseerd in transities na conflicten, doceert afwisselend aan de Universiteit van Luik en meerdere universiteiten in zijn geboorteland. Helaas, er gaan vooralsnog geen lijnvluchten richting Congo. Bovendien heeft president Félix Tshisekedi vanwege de pandemie alle publieke festiviteiten geannuleerd. Geen militair defilé dus op de Boulevard du 30 juin in Kinshasa, zoals bij de viering van tien jaar geleden, die Kabamba wél bijwoonde. Toch is er een andere reden waarom hij zijn drukke agenda eind juni niet heeft geblokkeerd, ook niet toen 'covid-19' nog klonk als de titel van een spionagethriller. 'De toestand van het land nodigt niet bepaald uit tot vieren', legt hij uit in zijn appartement in Cointe in Luik. Was dat anders bij de cinquantenaire, de viering van vijftig jaar onafhankelijkheid? Bob Kabamba: De stemming was compleet verschillend. In 2010 heerste er in Congo een voorzichtig optimisme over de toekomst. Met goede redenen: de prijzen van koper en andere grondstoffen piekten, waardoor de overheid veel middelen incasseerde om een beleid te financieren. Er was zelfs ruimte om het minimumloon voor ambtenaren en leerkrachten op te trekken. De veiligheidssituatie was niet zo belabberd als vandaag, er waren beduidend minder mensen op de vlucht. Die staat van genade heeft enkele jaren geduurd, gespreid over het einde van de eerste en het begin van de tweede termijn van president Joseph Kabila. Als je uitzoomt, stel je vast hoe uitzonderlijk die periode was. Of het nu Zaïre of Congo werd genoemd, sinds begin jaren zeventig vertoont het land een onafgebroken dalende curve waarin slechts één knik te bespeuren valt. Die positieve onderbreking heeft tot 2015 geduurd, het begin van wat in Congo le glissement wordt genoemd, een tijd van politieke chaos waarin Kabila en zijn entourage zich op allerlei slinkse manieren aan de macht vastklampten. Sindsdien is het alleen maar sneller bergaf gegaan, Congo zit nu dieper dan ooit te voren. Dat is een strenge analyse voor Félix Tshisekedi, de UDPS-leider die na omstreden verkiezingen begin 2019 als president werd ingezworen. Hij bestuurt het land met een onuitgegeven coalitieregering, waarin de partij van zijn rivaal en voorganger Kabila een grote rol speelt. Hij heeft het verval niet kunnen stoppen? Kabamba: Nee, alle parameters staan op rood. De staatskas is leeg, ook al omdat de grondstoffenprijzen zijn gekelderd. Neem er de kaart van Congo bij. Ituri, Noord- en Zuid-Kivu en Tanganyka worden geteisterd door gewapende bendes. Het geweld in het oosten is veel erger dan in 2010. En intussen zijn elders nieuwe brandhaarden ontstaan: in West-Kasai en recent nog in de omgeving van Matadi, waar de religieuze sekte Bundu dia Kongo zich met machetes tegen inwijkelingen keert. Valt dat de president aan te wrijven? Kabamba: Dat zou niet eerlijk zijn, want Tshisekedi heeft van zijn voorganger een rampzalige toestand geërfd. Maar het is nu wel duidelijk dat hij te zwak is om de negatieve spiraal te stoppen. Pijnlijk voor een president die tijdens de campagne dure beloftes heeft gedaan. Aan steun van de internationale gemeenschap ontbreekt het niet. De dubieuze verkiezingsuitslag werd in naam van de stabiliteit en de pragmatiek snel doorgeslikt. Dat het IMF en de Wereldbank na Tshisekedi's bezoek aan Washington snel kredietlijnen openden om de lege staatskas aan te vullen, wijst erop dat hij ook de Amerikanen achter zich heeft. Maar ik vrees dat de internationale gemeenschap, België inbegrepen, zich verkijkt op de politieke situatie in Congo. Hoezo? Kabamba: We blijven uitgaan van de oude schema's: de president is oppermachtig, hij is de instantie om zaken mee te doen. Zo ging het onder Mobutu en onder Joseph Kabila zodra die tegen alle scepsis in zijn greep op de macht had gevestigd. Aan Tshisekedi wordt dezelfde macht en dezelfde rol toegeschreven, maar de waarheid is dat hij als president heel zwak staat: cruciale hefbomen zijn nog altijd in handen van Kabila. Na anderhalf jaar, bijna in de helft van zijn termijn, heeft hij nog niets kunnen realiseren. Het volk mort almaar luider, zelfs Tshisekedi's eigen achterban wordt ongeduldig. Covid-19 helpt natuurlijk niet. Van de 52 grote mijnbouwbedrijven in Congo zijn er liefst 48 in Chinese handen. Die hebben allemaal maandenlang stilgelegen, waardoor duizenden arbeiders en ingenieurs zonder inkomen vielen. Het toeval wil dat er in de entourage van de president heel wat slachtoffers zijn gevallen. Twee ooms van vaderskant en verschillende medewerkers zijn aan corona gestorven. Allemaal waren het Luba, zoals de president zelf, allemaal vertrouwelingen die vaak in Europa vertoefden. Dat leidt in Kinshasa, de roddelhoofdstad van Afrika, tot een kwalijk gerucht: de Luba hebben het virus uit Europa geïmporteerd. Er valt trouwens heel wat te roddelen en te speculeren, dezer dagen, want er is ook nog een gigantisch corruptieschandaal losgebarsten. Stel je voor, Vital Kamerhe, de kabinetschef van Tshisekedi, een absoluut zwaargewicht in de Congolese politiek, zit al twee maanden in voorhechtenis in Makala, de beruchte gevangenis van Kinshasa. Er is 50 miljoen dollar uit de schatkist verdwenen, geld bestemd voor de bouw van prefabwoningen. Kamerhe schreeuwt zijn onschuld uit, en beweert dat hij alle betaalopdrachten met medeweten van de president heeft ondertekend. Heel Congo zit op het puntje van zijn stoel: wist Tshisekedi ervan of niet? Gaat het om een manoeuvre van Kabila, die nog altijd het justitieapparaat controleert? Het gonst in Kinshasa van de complottheorieën. Kortom, het wordt een verjaardagsfeest in mineur. Toch deze 'wat als?'-vraag: stel dat er geen pandemie zou heersen, had koning Filip dan op 30 juni aanwezig moeten zijn in Kinshasa? Kabamba: Nee, daarvoor is de politieke situatie te troebel. Wie zou hij daar moeten ontmoeten? Koning of minister, van hoge Belgische gezanten wordt in Congo altijd verwacht dat ze de kerk in het midden houden. De koning kan zich niet beperken tot een tête-à-tête met Tshisekedi. In 2010 is zijn vader twee nachten gebleven. In die korte tijd heeft koning Albert buiten president Kabila ook vertegenwoordigers van de société civile, traditionele chefs en Belgische expats ontmoet. Zo'n scenario is in de huidige omstandigheden ondenkbaar. Hij hoeft niet naar Kinshasa te vliegen om een oude eis in te willigen. Is deze verjaardag geen prima gelegenheid om namens België en de koninklijke familie excuses aan te bieden voor de wantoestanden in Congo-Vrijstaat van Leopold II en in Belgisch-Congo? Het politieke draagvlak daarvoor groeit, zelfs CD&V-voorzitter Joachim Coens wil excuses van Laken voor de gruwelen die onder Leopold II werden gepleegd... Kabamba: Het Congolese volk heeft recht op excuses, maar ik vind het geen goed idee dat de koning er nu mee uit de lucht komt vallen. Bij zo'n belangrijke stap is improvisatie uit den boze. Excuses moeten voorafgegaan worden door een proces. Over de wantoestanden in Belgisch-Congo en over de rol van Leopold II in de Congo-Vrijstaat valt nog veel te ontdekken. Heel wat archieven, onder meer die van het koninklijk paleis, zijn nog altijd niet grondig doorzocht. Op welke manier profiteerde Leopold II van de privéconcessies die van Congo-Vrijstaat het walhalla van het wilde kapitalisme maakten? Dat moet allemaal nog grondiger bestudeerd worden. Waarom zetten we geen onderzoekscommissie aan het werk, zoals de commissie die de moord op Patrice Lumumba (de eerste democratisch verkozen Congolese premier, nvdr.) onderzocht? Die heeft uitstekend werk geleverd, met geloofwaardige excuses van de Belgische regering als eindresultaat. Dat lijkt me een geknipte opdracht voor onze senatoren, die hebben anders toch weinig omhanden. Na zo'n proces kan niemand nog de kop in het zand steken. Op dat moment, wanneer België de realiteit van zijn koloniale verleden onder ogen ziet, is het tijd voor een gebaar van de koning. Het Congolese volk heeft recht op doorleefde excuses. Intussen is in eigen land een koloniale beeldenstorm losgebarsten, vooral standbeelden van Leopold II krijgen het hard te verduren. Hoe staat u tegenover de hele Decolonize-beweging die getrokken wordt door jonge Belgen met Afrikaanse roots? Kabamba: Ik heb er gemengde gevoelens bij. Hopelijk kunnen we het elan, merkwaardig genoeg aangezwengeld door politiegeweld tegen Afro-Amerikanen in de Verenigde Staten, verzilveren. Misschien ontstaat daardoor het momentum om werk te maken van een onderzoekscommissie of een nationaal debat over het koloniale verleden. Maar standbeelden van hun sokkel trekken of met verf bekladden? Daar pas ik voor, dat haalt niks uit. Het is niet omdat je in Brussel een ruiterstandbeeld met rode verf besmeurt, dat er ook maar een jota verandert aan de geschiedenis van Congo-Vrijstaat. Uiteraard niet, maar die beelden staan er wel als eerbetoon aan Leopold II en andere koloniale pioniers. Precies die apologie jaagt Decolonize-activisten in de gordijnen. Begrijpelijk, toch? Kabamba:(zucht) Die beelden ergeren me niet. En weet u waarom? Omdat ik de context ken waarin ze passen. Dat is het probleem met heel wat van die jonge activisten. Ze zijn hier opgegroeid en naar school geweest, ze weten meer over de Romeinse periode en de Bourgondische middeleeuwen dan over de geschiedenis van Congo. Vergelijkingen tussen Leopold II en Hitler, dat slaat toch nergens op? Leopold II had geen genocidaire ideologie, maar hij was wel het gezicht van een systeem van ongebreidelde, kapitalistische exploitatie zonder enig menselijk opzicht, een door winsthonger gedreven regime waarin het leven van de Congolezen van geen tel was. Maakt hem dat minder of meer abject dan Hitler? Dat is het punt niet, de vergelijking loopt mank. Ik vind die hele monumentenstrijd vooral tijdverlies. Laten we die energie stoppen in publieksvoorlichting en beter geschiedenisonderwijs met aandacht voor het koloniale verleden. Alleen zo kunnen we de mentaliteit veranderen. Hoe kijkt u zelf naar Leopold II? Kabamba: Als politoloog kan ik niet naast zijn genie kijken. Il faut le faire, als kleine koning van een petieterig landje de soevereiniteit over zo'n onmetelijk gebied verwerven. Het is fascinerend hoe sluw en strategisch doordacht hij daarbij te werk is gegaan. Eerst verzekert hij zich van de steun van Duitsland, daarna weet hij zo te manoeuvreren dat de Engelsen hem de controle over het hart van Afrika gunnen. Niet in de vorm van een kolonie, maar als een onafhankelijke staat die hij als dubbelmonarch mag leiden. Ook dat is verbluffend: hoe hij voortdurend van pet verwisselt. In Congo-Vrijstaat kon hij doen wat hij wilde, maar in België moest hij rekening houden met regering en parlement. Toch is hij er tot drie keer toe in geslaagd van België een staatslening los te peuteren om te voorkomen dat zijn koloniale onderneming failliet ging. Die leningen betaalde hij nooit terug, tot hij zich verplicht zag Congo-Vrijstaat aan België over te laten. Maar zelfs die transactie, bezegeld kort voor zijn dood, wist hij helemaal naar zijn hand te zetten. Het meest winstgevende deel reserveerde hij als kroondomein voor zichzelf en zijn nazaten, een meesterzet waar de koninklijke familie tot op vandaag haar rijkdom aan dankt. Door een morele bril bekeken ziet het er heel anders uit. Voor de Congolezen was het regime van Leopold II een gruwel. Toch kan ik niet naast de historische realiteit kijken: Congo dankt zijn bestaan aan hem en het Belgische kolonialisme. Congolezen reageren boos als je dat hardop zegt, maar het is de waarheid. Zonder Leopold II en de Belgen was dat stuk van Centraal-Afrika in een rist kleine rijkjes uit elkaar gevallen, zoals de Balkan. 30 juni 1960 zal voor altijd de dag van de twee speeches blijven. Na de van paternalisme druipende toespraak door koning Boudewijn leverde premier Patrice Lumumba een vlammende repliek op het Belgische kolonialisme. Heeft die vaak als opruiend bestempelde toespraak bijgedragen tot de chaos die amper twee dagen later losbrak en tot de val van Lumumba zou leiden? Kabamba: Nee, die chaos zou hoe dan ook zijn losgebroken, dat zat ingebakken in de aanloop naar de onafhankelijkheid. De Belgen en Congolezen reisden naar hetzelfde station, maar op verschillende sporen. Neem nu de fameuze rondetafel van januari-februari in Brussel. Joseph Kasavubu en Patrice Lumumba, de voornaamste leiders aan Congolese kant, hadden zich voorbereid op harde onderhandelingen over de voorwaarden voor een gefaseerde transitie. Maar nog voor de debatten goed en wel begonnen waren, kregen ze tot hun stomme verbazing de onafhankelijkheid zonder voorwaarden in de schoot geworpen. Alleen over de datum bestond onenigheid. De Belgen stelden 1 juli voor, maar dat was voor de Congolezen onaanvaardbaar: 1 juli was de oprichtingsdatum van Congo-Vrijstaat, een te pijnlijke referentie. Het gevolg: na die eerste rondetafel zijn alle leiders naar huis gevlogen om de verkiezingen voor te bereiden, zonder de modaliteiten van de onafhankelijkheid te bespreken. Ze trokken op campagne met nationalistische slogans en onrealistische beloftes over de materiële voordelen die het spoedige vertrek van les blancs zou opleveren. De Belgen van hun kant koesterden heel andere verwachtingen. De onafhankelijkheid was vooral een cosmetische operatie, het lag helemaal niet in de bedoeling hun greep op Congo te lossen, al helemaal niet op de Congolese economie. Iedereen kent het zinnetje waarmee generaal Émile Janssens de Force Publique, het koloniale leger, aan het muiten kreeg: ' Avant indépendance = après indépendance'. Dat was de brandende lucifer, maar het buskruit lag klaar. Lumumba's speech behoort tot de canon van de internationale dekolonisatiebeweging. Raakt die tekst u als Congolese intellectueel? Kabamba: O ja, ik word er ieder keer emotioneel van. Lumumba kreeg bij het schrijven hulp van Belgische communisten uit zijn entourage. Toch was het helemaal zijn tekst, hij heeft er nog aan zitten sleutelen terwijl koning Boudewijn aan het speechen was. De toon was scherp, zeker, maar zijn woorden waren perfect gekozen. Indrukwekkend, als je bedenkt dat Lumumba een autodidact was. Als icoon staat hij op dezelfde hoogte als Che Guevara.