'2016 zal altijd het jaar blijven waarin ik ben aangerand', schreef ze me. En ik wist niet goed hoe ik daarop moest reageren. Welke woorden schrijf je aan een vrouw in wier lijf en ziel is ingebroken? Hoe kun je haar ervan overtuigen dat het voorbij is? Niet wellicht. Het is ook niet voorbij. 2016 was het jaar waarin pijnlijk duidelijk werd dat glazen plafonds en plakkerige vloeren nog altijd niet de smartelijkste problemen van westerse vrouwen zijn. Integendeel.
...

'2016 zal altijd het jaar blijven waarin ik ben aangerand', schreef ze me. En ik wist niet goed hoe ik daarop moest reageren. Welke woorden schrijf je aan een vrouw in wier lijf en ziel is ingebroken? Hoe kun je haar ervan overtuigen dat het voorbij is? Niet wellicht. Het is ook niet voorbij. 2016 was het jaar waarin pijnlijk duidelijk werd dat glazen plafonds en plakkerige vloeren nog altijd niet de smartelijkste problemen van westerse vrouwen zijn. Integendeel.En niet alleen omdat miljoenen mannen én vrouwen in de Verenigde Staten hebben gestemd op een kutgrijpende presidentskandidaat (de Nederlandse vertaling klinkt inderdaad grover dan het Engelse origineel, maar daar komt het dus wel op neer), die vindt dat vrouwen niet zo hysterisch moeten doen. De toon werd al veel eerder gezet. Op nieuwjaarsnacht al, toen tientallen vrouwen in Keulen door groepen mannen werden aangerand. De daders waren zogenaamd buitenlanders die het kapot maakten voor blanke mannen die wél respect voor vrouwen hebben. Maar het waren die respectvolle westerse mannen die een paar weken later in het Nederlandse Spijkenisse een duidelijk boodschap hadden voor vrouwen die er tegen een bezoek van Geert Wilders protesteerden. 'Daar moet een piemel in!' scandeerden ze uit volle borst.En toen was het jaar zich nog maar aan het warmlopen en was de Gentse radiopresentator die tijdens een uitzending en passant een vrouw had verkracht nog niet vrijgesproken. Toen waren we nog geen dertig jaar terug in de tijd gegooid door een rechter die er wel begrip voor kon opbrengen dat de man de signalen van zijn slachtoffer verkeerd had geïnterpreteerd. Zou de engerd die Knack Weekend-columniste Wided Bouchrika tijdens de zomer in een Gents park aanrandde ook ziende blind zijn geweest? Bouchrika schreef er een column over, lokte beschaafde verontwaardiging uit en werd dan weer vergeten. Misverstandje, zand erover. Maar zij werd tenminste éven gehoord, in tegenstelling tot die duizenden andere meisjes en vrouwen die het afgelopen jaar tegen hun wil werden gestreeld, betast of gepenetreerd. In een park, op straat, in de auto, in hun slaapkamer, op het toilet van een café, in een natuurreservaat. Door daders die ze heel goed kenden, die ze net hadden ontmoet of die plots tevoorschijn sprongen. Mannen van alle rangen en standen: een provincieraadslid, een scheikundeprofessor, een turnleraar. Om er maar een paar te noemen. De meeste slachtoffers gingen niet eens naar de politie. Omdat ze bang waren dat ze niet geloofd of scheef bekeken zouden worden, omdat ze dachten dat ze toch nooit gerechtigheid zouden krijgen vooral. Niet zo ver gezocht: onlangs bleek dat de helft van de verkrachtingszaken nog altijd wordt geseponeerd - ondanks de overtuigende inspanningen van sommige ziekenhuizen en politiekorpsen. Net zoals er nog altijd intelligente, hoogopgeleide mannen en vrouwen zijn die de neiging hebben om aanrandingen te bagatelliseren. Uiteindelijk waren ze er zelf niet bij, heet het dan. En ook (nog steeds): als je zo'n frivool jurkje draagt, vráág je er toch om? Slut shaming en victim blaming zijn louter nieuwe termen voor een belegen, onuitroeibare redenering. 'Ik ben blij dat hij geen meisje is', merkte een kennis op toen hij me onlangs vertelde dat zijn zoon op oudejaar voor het eerst naar een fuif mag. 'Ik zou geen moment op mijn gemak zijn met een dochter. Je weet hoe hitsig tienerjongens kunnen zijn.' Toen ik hem vroeg of hij al met zijn zoon had gepraat over de gevaren van het verleidingsspel, bleef het even stil. 'Of ik hem condooms heb gegeven, bedoel je?' vroeg hij toen. Een mens zou zin krijgen om zo iemand heel even hardhandig in het kruis te knijpen. Gelukkig zijn wij daar in het Westen veel te beschaafd voor.