De jongste weken kan je er niet naast kijken: Koning Voetbal is overal. Ik moet eerlijk bekennen dat er aan mij geen groot voetbalminnaar verloren gegaan is. Wat me wel intrigeert, is de kracht die elke ploeg vertoont. Samen zijn ze sterker dan de optelsom van elf individuen, dankzij hun samenspel, de gedeelde regels en het vertrouwen in de uitgekiende strategie. Voetbalanalogieën zijn een open deur intrappen en vaak erg gevaarlijk in de politiek. Maar ik waag me eraan voor die andere elf waar ik wel warm voor loop: de elfde juli. Onze Vlaamse feestdag.

11 juli, een historisch feest voor de toekomst.

De voorbije anderhalf jaar was onze Vlaamse ploeg aan de bank gekluisterd door de pandemie. Nu het ergste achter de rug lijkt, is het tijd voor een blik op de toekomst. Laten we deze elfde juli aangrijpen om de strategie van onze ploeg scherp te stellen en te bepalen welke doelen we voorop moeten stellen om te scoren als Vlaamse natie.

De Vlaamse feestdag vieren is geen stuiptrekking van een uitstervende Vlaamse beweging. Het is niet louter nostalgisch vlaggengezwaai, gevierd door romantische zielen in korte broeken die met de hand op het hart de Vlaamse Leeuw meebrullen. Het is het feest van onze identiteit, van wie we zijn als ploeg, van de normen en waarden die we delen. Het is een herinnering aan een ver verleden dat de fundamenten gelegd heeft voor waar we vandaag staan. We zijn een bescheiden volk, dat siert. Maar dit jaar is het ook een feest van onze verwezenlijkingen: de snelheid waarmee de Vlaming zich liet vaccineren, de veerkracht van onze ondernemers en het doorzettingsvermogen van ons team.

Tegelijk is de feestdag van onze identiteit een kompas. Hij wijst ons de weg en toont de bestemming waar we naartoe moeten navigeren in deze tumultueuze tijden. Samen als één ploeg werken we elke dag opnieuw aan de welvaart van die 6,6 miljoen Vlamingen. Iedereen draagt bij opdat we die welvaart kunnen aanwenden om onze samenleving sterker te maken en niemand achter te laten.

Onze Waalse buren kiezen bijna dagelijks een ander pad naar de toekomst. Dat is hun goed recht: elke ploeg heeft recht op haar eigen strategie.

Eén team, één natie?

Tegelijk nemen we ook de kordate keuze om afscheid te nemen van diegenen die bewust beslissen om een andere koers te varen. Onze Waalse buren kiezen bijna dagelijks een ander pad naar de toekomst. Dat is hun goed recht: elke ploeg heeft recht op haar eigen strategie. Maar als de helft van de spelers de ene kant uitkijkt, terwijl de andere helft doodleuk de bal de andere richting uittrapt, kan je dan over één team, één natie spreken?

We moeten elke dag verder werk maken van de grootsheid waartoe we in staat zijn als Vlamingen. Als minister van Onroerend Erfgoed kom ik dagelijks in contact met het beste wat onze voorouders hebben voortgebracht. Van kathedralen tot burchten, van verfijnde glas-in-lood-ramen tot uitgekiende stoominstallaties, allen zijn ze stille getuigen van het vernuft van onze Vlaamse voorouders. Die zaken zijn er niet gekomen door individualisme, maar door samenwerking en een gemeenschappelijk doel. We hebben in het verleden meermaals getoond wat we kunnen verwezenlijken als één groep.

De inzichten en geopolitieke verhoudingen zijn dan misschien veranderd - we bouwen ons geen plekje meer in de hemel en we moeten geen burchten meer oprichten om ons te beschermen tegen vijandige buren. Maar het doel blijft hetzelfde: we willen een goede toekomst voor onszelf en voor wie na ons komt.

En Vlaanderen heeft daar de perfecte voedingsbodem voor. We hebben de slimste koppen en de meest innovatieve bedrijven. Onze ondernemers én werknemers zijn overal gegeerd. Niet moeilijk: de Vlaming trekt zijn plan en doet wat nodig is. We zijn trouw gebleven aan onze wortels in het mercantilisme en hebben een open vizier op de wereld.

Ondanks die positie als mondiale koploper blijft de Vlaming trouw aan zijn oorsprong. De Vlaming wil thuiskomen in zijn dorp, stad, straat, gemeenschap. Met de voeten stevig op de grond, maar met de blik op de toekomst.

De jongste weken kan je er niet naast kijken: Koning Voetbal is overal. Ik moet eerlijk bekennen dat er aan mij geen groot voetbalminnaar verloren gegaan is. Wat me wel intrigeert, is de kracht die elke ploeg vertoont. Samen zijn ze sterker dan de optelsom van elf individuen, dankzij hun samenspel, de gedeelde regels en het vertrouwen in de uitgekiende strategie. Voetbalanalogieën zijn een open deur intrappen en vaak erg gevaarlijk in de politiek. Maar ik waag me eraan voor die andere elf waar ik wel warm voor loop: de elfde juli. Onze Vlaamse feestdag. De voorbije anderhalf jaar was onze Vlaamse ploeg aan de bank gekluisterd door de pandemie. Nu het ergste achter de rug lijkt, is het tijd voor een blik op de toekomst. Laten we deze elfde juli aangrijpen om de strategie van onze ploeg scherp te stellen en te bepalen welke doelen we voorop moeten stellen om te scoren als Vlaamse natie. De Vlaamse feestdag vieren is geen stuiptrekking van een uitstervende Vlaamse beweging. Het is niet louter nostalgisch vlaggengezwaai, gevierd door romantische zielen in korte broeken die met de hand op het hart de Vlaamse Leeuw meebrullen. Het is het feest van onze identiteit, van wie we zijn als ploeg, van de normen en waarden die we delen. Het is een herinnering aan een ver verleden dat de fundamenten gelegd heeft voor waar we vandaag staan. We zijn een bescheiden volk, dat siert. Maar dit jaar is het ook een feest van onze verwezenlijkingen: de snelheid waarmee de Vlaming zich liet vaccineren, de veerkracht van onze ondernemers en het doorzettingsvermogen van ons team.Tegelijk is de feestdag van onze identiteit een kompas. Hij wijst ons de weg en toont de bestemming waar we naartoe moeten navigeren in deze tumultueuze tijden. Samen als één ploeg werken we elke dag opnieuw aan de welvaart van die 6,6 miljoen Vlamingen. Iedereen draagt bij opdat we die welvaart kunnen aanwenden om onze samenleving sterker te maken en niemand achter te laten. Tegelijk nemen we ook de kordate keuze om afscheid te nemen van diegenen die bewust beslissen om een andere koers te varen. Onze Waalse buren kiezen bijna dagelijks een ander pad naar de toekomst. Dat is hun goed recht: elke ploeg heeft recht op haar eigen strategie. Maar als de helft van de spelers de ene kant uitkijkt, terwijl de andere helft doodleuk de bal de andere richting uittrapt, kan je dan over één team, één natie spreken? We moeten elke dag verder werk maken van de grootsheid waartoe we in staat zijn als Vlamingen. Als minister van Onroerend Erfgoed kom ik dagelijks in contact met het beste wat onze voorouders hebben voortgebracht. Van kathedralen tot burchten, van verfijnde glas-in-lood-ramen tot uitgekiende stoominstallaties, allen zijn ze stille getuigen van het vernuft van onze Vlaamse voorouders. Die zaken zijn er niet gekomen door individualisme, maar door samenwerking en een gemeenschappelijk doel. We hebben in het verleden meermaals getoond wat we kunnen verwezenlijken als één groep.De inzichten en geopolitieke verhoudingen zijn dan misschien veranderd - we bouwen ons geen plekje meer in de hemel en we moeten geen burchten meer oprichten om ons te beschermen tegen vijandige buren. Maar het doel blijft hetzelfde: we willen een goede toekomst voor onszelf en voor wie na ons komt. En Vlaanderen heeft daar de perfecte voedingsbodem voor. We hebben de slimste koppen en de meest innovatieve bedrijven. Onze ondernemers én werknemers zijn overal gegeerd. Niet moeilijk: de Vlaming trekt zijn plan en doet wat nodig is. We zijn trouw gebleven aan onze wortels in het mercantilisme en hebben een open vizier op de wereld. Ondanks die positie als mondiale koploper blijft de Vlaming trouw aan zijn oorsprong. De Vlaming wil thuiskomen in zijn dorp, stad, straat, gemeenschap. Met de voeten stevig op de grond, maar met de blik op de toekomst.