Wanneer we de cijfers vergelijken met vorig jaar (2020) valt wel een groei (+7,3%) op te tekenen, maar deze vergelijking houdt geen steek omdat die periode werd gekenmerkt door een harde lockdown waardoor de meeste garages en verkooppunten gesloten waren. 2019 is daarom een meer relevante maatstaf om te vergelijken.

Binnen de autosector horen we dat deze aanhoudende malaise te wijten is aan een combinatie van drie factoren. Om te beginnen heerst er momenteel een nijpend tekort aan chips en halfgeleiders waardoor hoogtechnologische producten niet kunnen worden geassembleerd. Dit probleem speelt ook in andere sectoren, maar is er minder uitgesproken.

Verder haalt de autosector aan dat de economische naweeën van de covid-19 crisis zich nog steeds laten voelen en ook het wegvallen van het autosalon van Brussel zou de dramatische cijfers deels verklaren.

Het ziet er echter naar uit dat er nog meer aan de hand is, omdat niet-automotive sectoren minder lijden onder het chiptekort en vooral sneller opveren nu de beperkende sanitaire maatregelen grotendeels zijn opgeheven. Het zijn vooral particuliere kopers die hun aankoop uitstellen of zelfs afstellen. Heel wat particulieren hebben immers de inruilwaarde van hun huidig voertuig zien kelderen onder invloed van fiscale maatregelen en de komst van lage emissie zones, waardoor minder kapitaalkrachtige kopers niet langer de middelen hebben om een nieuwe wagen te kopen.

Bovendien horen we bij tal van potentiële kopers dat steeds meer merken hun modellen met een goedkopere motorisatie (lees: een basisversie met klassieke benzinemotor) niet langer kunnen of willen leveren. Constructeurs moeten immers de 95 gram-norm halen (gemiddelde CO2-emissie over alle verkochte voertuigen) om Europese boetes te voorkomen. Daarom adviseren ze de consument vaak een model met een lagere CO2-uitstoot (hybride, elektrisch,...) maar die zijn vaak te duur voor de particuliere koper. Die laatste wijkt daarom steeds vaker uit naar de groeiende tweedehandsmarkt waar auto's te koop zijn die onmiddellijk leverbaar zijn en bovendien beter passen bij hun budget én hun gebruiksprofiel.

Wanneer we de cijfers vergelijken met vorig jaar (2020) valt wel een groei (+7,3%) op te tekenen, maar deze vergelijking houdt geen steek omdat die periode werd gekenmerkt door een harde lockdown waardoor de meeste garages en verkooppunten gesloten waren. 2019 is daarom een meer relevante maatstaf om te vergelijken. Binnen de autosector horen we dat deze aanhoudende malaise te wijten is aan een combinatie van drie factoren. Om te beginnen heerst er momenteel een nijpend tekort aan chips en halfgeleiders waardoor hoogtechnologische producten niet kunnen worden geassembleerd. Dit probleem speelt ook in andere sectoren, maar is er minder uitgesproken. Verder haalt de autosector aan dat de economische naweeën van de covid-19 crisis zich nog steeds laten voelen en ook het wegvallen van het autosalon van Brussel zou de dramatische cijfers deels verklaren. Het ziet er echter naar uit dat er nog meer aan de hand is, omdat niet-automotive sectoren minder lijden onder het chiptekort en vooral sneller opveren nu de beperkende sanitaire maatregelen grotendeels zijn opgeheven. Het zijn vooral particuliere kopers die hun aankoop uitstellen of zelfs afstellen. Heel wat particulieren hebben immers de inruilwaarde van hun huidig voertuig zien kelderen onder invloed van fiscale maatregelen en de komst van lage emissie zones, waardoor minder kapitaalkrachtige kopers niet langer de middelen hebben om een nieuwe wagen te kopen. Bovendien horen we bij tal van potentiële kopers dat steeds meer merken hun modellen met een goedkopere motorisatie (lees: een basisversie met klassieke benzinemotor) niet langer kunnen of willen leveren. Constructeurs moeten immers de 95 gram-norm halen (gemiddelde CO2-emissie over alle verkochte voertuigen) om Europese boetes te voorkomen. Daarom adviseren ze de consument vaak een model met een lagere CO2-uitstoot (hybride, elektrisch,...) maar die zijn vaak te duur voor de particuliere koper. Die laatste wijkt daarom steeds vaker uit naar de groeiende tweedehandsmarkt waar auto's te koop zijn die onmiddellijk leverbaar zijn en bovendien beter passen bij hun budget én hun gebruiksprofiel.