Koen Meulenaere
Koen Meulenaere Van 1991 tot 2012 de satiricus van Knack

De Kroonraad van Knack bestaat uit Mark Eyskens, Paul Muys, Jacques Rogge en Etienne Vermeersch. Hij wordt geraadpleegd over uitzonderlijke omstandigheden.

Mijnheer Rogge, laten we voor één keer de sport vooraan plaatsen. In Nederland wil de voetbalbond het voetbal via een eigen betaalkanaal uitzenden. Een kontrakt van 18 miljard frank voor zeven jaar. Is er een limiet voor dit soort bedragen ?

JACQUES ROGGE : Ik ben toevallig rechtstreeks betrokken geweest bij de onderhandelingen over de televisierechten van de Olympische Spelen tot en met 2008. Die zijn verkocht voor tweeënveertig miljard frank. Een fenomenaal bedrag, maar het is de markt die die prijzen bepaalt. En het einde is nog niet in zicht. Sport van dit gehalte is voor de televisie nog altijd het spektakel dat het grootst mogelijke publiek boeit. Mensen van twintig tot zeg maar zestig jaar, die een maximale koopkracht hebben. De ideale doelgroep voor al wie met marketing en reclame bezig is.

In Nederland wil de voetbalbond mee in het nieuwe sportkanaal stappen. Overweegt het Internationaal Olympisch Comité (IOC) zoiets ?

ROGGE : Neen, maar ik volg wat in Nederland gebeurt met de meeste aandacht. In het IOC hebben we ooit met het idee gespeeld, maar je verliest intellectuele en morele vrijheid als je tegelijkertijd het spel beheert en de verslaggeving erover produceert. Dan verzeil je in dubieuze toestanden waarin het commerciële absolute voorrang krijgt en waarbij je qua programmatie te veel compromissen moet sluiten. Een gevaar dat ons nu al bedreigt. Ik heb als voorziter van het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité (BOIC) even overwogen om als participant in VTM te stappen, maar na advies te hebben ingewonnen heb ik dat plan laten varen. Je bent best niet rechter en partij. De Europese wetgeving is terzake trouwens nogal streng.

Er bestaat een voorbeeld met News Corporation van de groep Murdoch. Die heeft de exclusieve rechten van het Australische en Engelse rugby en bepaalt alles wat er in die wereld gebeurt. Wie naar welke ploeg mag getransfereerd worden, op welke dag en op welk uur de wedstrijden plaatshebben, de kleuren waarin gespeeld wordt, de samenstelling van de ploegen… zo ver mogen wij het nooit laten komen.

Het gaat in Nederland om betaaltelevisie. Wordt dat de toekomst van de sportverslaggeving ?

ROGGE : Als het voetbal verder gaat op die weg, vrees ik dat het de verliezende partij wordt. Op korte termijn zal het veel geld binnenhalen van de betaalstations, maar ik ben er niet van overtuigd dat de kijker wil betalen voor voetbal op televisie. Zeker niet nu hij verwend geweest is met een overaanbod aan gratis voetbal op alle open netten. Wat tot de vicieuze cirkel heeft geleid waarin het is aanbeland. De toeschouwers blijven weg uit de stadions omdat ze het thuis veel comfortabeler en veel beter zien. De clubs moeten dus hun inkomsten elders zoeken. Dus nog meer voetbal op televisie en nog minder toeschouwers. Financieel hoeft dat geen probleem te zijn. Als je genoeg betaald wordt door televisie en sponsors, kan je je veroorloven om voor een leeg huis te spelen. Maar in de sport heb je de participatie van het publiek nodig, dat is een essentieel onderdeel. Televisie dat de mensen weghoudt van de wedstrijden is contraproductief. Het is een moeilijk probleem, we moeten een subtiel evenwicht vinden tussen sport en televisie.

Als die betaalstations niet genoeg kijkers halen, haken de sponsors af. En op de duur de tv-stations zelf.

ROGGE : Inderdaad. Voor sponsors is betaaltelevisie een ramp, want er zijn veel minder kijkers dan op de open netten. Nu, in het voetbal is de financiële inbreng van de sponsors minder doorslaggevend dan in andere sporten. Het IOC wil met de open netten blijven samenwerken, omdat het succes van de Olympische Spelen juist gebaseerd is op het feit dat iedereen in de hele wereld ze gratis kan bekijken.

De Belgische sport heeft een goede beurt gemaakt met het wereldrecord van Frederik Deburghgraeve en de successen van Frank Vandenbroucke. Individuele sporters kunnen ook vanuit België nog altijd naar de internationale top doorstoten.

ROGGE : Oh, maar Belgische ploegen kunnen dat ook. Kijk maar naar de Rode Duivels tussen Rome ’80 en Mexico ’86. Het is een kwestie van conjunctuur. Voor een ploegsport is de grote moeilijkheid dat je tien tot twintig spelers van internationaal niveau op hetzelfde ogenblik bij elkaar moet zien te krijgen. Wij hebben altijd individuele topsporters gehad : in atletiek, zwemmen, wielrennen, judo, motorcross… noem maar op. Maar er was te weinig continuïteit. Dat is de ziekte van onze sport. Wij kunnen de generaties niet aflossen. Uitzondering gemaakt voor judo en zwemmen, die niet toevallig een goede structuur en een moderne trainingsomkadering kennen. Het zijn ook de hardste sporten, waarvoor je het hardst moet werken.

In de internationale sport hadden we het duel tussen Gary Kasparov en Deep Blue. Door Kasparov met 4-2 gewonnen. Wat wekt het meest verwondering : dat de computer een partij won, of dat Kasparov de match won ?

ROGGE : Een erg interessant onderwerp. Ik heb vrienden die goed thuis zijn in de schaaksport en sommigen van hen de meest cynischen misschien vermoeden dat Kasparov opzettelijk die eerste partij heeft verloren, om de belangstelling voor de kamp aan te zwengelen.

Dat Kaparov won, lijkt mij logisch. De computer heeft geen zin voor psychologie. Hij kan per seconde misschien honderd miljoen zetten berekenen, hij kan vijftien tot twintig zetten vooruit denken, maar hij kan geen tactiek analyseren. Hij kan geen schijnmaneuver van een echt onderscheiden. Naar kenners mij vertellen, denkt Kasparov tot veertig zetten vooruit, en hij ontwikkelt een offensief. De computer is alleen reactief. Hij antwoordt altijd op een zet van de tegenstander en kan geen eigen strategie opzetten. Maar vroeg of laat vermoed ik dat de berekeningsmogelijkheden zodanig groot zullen worden dat de mens zal verliezen.

Op politiek gebied heeft een enquête in ?De Huisarts” het debat over euthanasie nog maar eens doen oplaaien.

ROGGE : Het positieve van de enquête is dat het grote publiek wordt duidelijk gemaakt dat euthanasie in de praktijk veel vaker wordt toegepast dan sommigen denken. Meer dan negentig procent van de ondervraagde artsen is al geconfronteerd met de vraag naar passieve euthanasie. Meer dan tachtig procent neemt ze in overweging. Meer dan veertig procent is geconfronteerd met de vraag om actieve euthanasie. Het gaat hier dus duidelijk om een problematiek die niet zomaar in de doofpot kan gestoken worden.

Euthanasie is wettelijk verboden. Moet die wet gewijzigd worden ?

ROGGE : Ik vind dat aan euthanasie geen wet moet te pas komen. In Nederland is er wel een, maar die is bijzonder beperkend, vrij ingewikkeld en zeer bureaucratisch. En bovendien valt het principe van de bestraffing van euthanasie niet weg. Er wordt enkel verschoning gegeven voor welbepaalde gevallen die aan adviesorganen zijn voorgelegd.

Ik vind dat euthanasie een zaak moet blijven van het geweten van de arts en het respect voor de patiënt. Ik ben me bewust van het gevaar : er zijn geen normen, er is geen toezicht. Toch kunnen we de individuele gevallen niet met wetten en categorieën regelen. De geneeskunde is zo gevarieerd, en dat geldt zeker voor de dood, dat je ze niet kan categoriseren. Het moet het recht zijn van elke patiënt om levensbeëindiging te vragen, en het recht van elke arts om te oordelen of hij daaraan gevolg mag geven. Tegenstanders van euthanasie zeggen : je kan alles oplossen met palliatieve zorgen, maar dat is niet waar. Er zijn een behoorlijk aantal pathologieën die je met de beste palliatieve zorgen toch niet kan verzachten.

Bent u ook tegenstander van de abortuswet ?

ROGGE : Nee, van de abortuswetgeving ben ik voorstander. Die heeft tenminste één groot voordeel : ze stelt een einde aan de clandestiene abortussen door een stel kwakzalvers die het leven van menige vrouw in gevaar hebben gebracht. Voor euthanasie, die toch alleen maar door artsen wordt toegepast, geldt dat argument niet.

U bent tegen een wet, bent u ook tegen een politiek debat over euthanasie ?

ROGGE : Nee, ik vind dat zo een debat moet gevoerd worden. De wetgever zou heel sereen moeten discussiëren over de vraag of hij zich met dit thema moet bezig houden. Het regeerakkoord stelt dat ethische kwesties als deze niet aan de orde komen, maar ze kunnen ze niet blijven voor zich uit schuiven. Het is een actueel probleem dat zich steeds nadrukkelijker zal stellen, omdat de mensen mondiger worden en een beter inzicht krijgen in wat medisch mogelijk is en wat niet. Ik vind dus wel dat de wetgever zich daarover moet bezinnen, maar niet dat hij alles in regels moet vastleggen.

Premier Dehaene is op bezoek in Zuidoost-Azië. Hij bezoekt Singapore, Vietnam en Thailand. U bent zelf meermaals in Singapore geweest.

ROGGE : Een zeer merkwaardig land. Singapore is een vroegere Britse kolonie. Een bijzonder klein maar rijk land, met vooral ingeweken Chinezen, dat zich bij de onafhankelijkheid heeft voorgenomen om het Monaco van Zuidoost-Azië te worden. Singapore kent een sterk presidentieel regime, om niet te zeggen : het is bijna een politiestaat. Er heerst een maximale veiligheid. Je kan je auto er rustig open laten, je kan om vier uur ’s nachts overal op straat wandelen zonder enig gevaar op criminaliteit. Maar o wee als je een papiertje op de grond gooit, dan riskeer je de cel. De wegen zijn er onberispelijk proper. De economie is zeer efficiënt georganiseerd. Singapore is een financieel centrum en een groot elektronica-producent. De mensen werken er keihard. Maar ik denk dat dat alles ten koste gaat van de levensvreugde. Het is geen land waarin wij met onze Vlaamse of Belgische geaardheid gelukkig zouden zijn.

Dehaene komt in een streek waar de economie volop groeit.

ROGGE : Dat is een algemeen kenmerk van Zuidoost-Azië. Het zijn landen, toch degene waar de Chinese invloed groot is, waar de bevolking een ontzettende werkkracht heeft. De mensen hebben ook allemaal zeer veel cultuur en het collectieve primeert op het individualistische. Iedereen laat zich meenemen in dezelfde richting. Daardoor kan je offers vragen die bij ons niet aanvaard worden. Het is bovendien een samenleving waarin de familiebanden ontzettend sterk zijn. De familie is de sociale zekerheid. Ouderen worden thuis verzorgd, vereerd zelfs, door hun kinderen en kleinkinderen.

Een duur systeem van collectieve sociale zekerheid is daar onbestaande. Dat is één van de redenen waarom de loonkost veel lager is dan bij ons. Zij hebben geen problemen van pensioenen of van ziekteverzekering. De kinderen zorgen voor de ouderen. Dat levert wel een demografisch probleem op. Over geboortebeperking moet je niet praten want de sociale zekerheid verhoogt met het aantal kinderen. Als je het ontbreken van dat systeem, waaraan wij ons blauw betalen, koppelt aan hun arbeidskracht en hun zin voor collectiviteit, is het niet te verwonderen dat zij ons op economisch gebied voorbijsteken.

Bij hen bestaat ook niet de klassieke dualiteit tussen kapitaal en proletariaat. Zij kennen geen vakbonden. Ik zeg niet dat dat beter is, maar het verklaart de verschillende snelheden. Zuidoost-Azië is een economisch wonder, en ik zou niet eens durven zeggen dat dat gepaard gaat met een sociale ramp. Er zijn natuurlijk de bekende excessen, kinderarbeid en dergelijke, maar die familieband vangt veel op. Bij ons is die helaas een beetje verdwenen.

Laatste thema deze week : de verrassende winst van Pat Buchanan bij de Republikeinse voorverkiezing in New Hampshire. Is het mogelijk dat hij Bob Dole achter zich houdt ?

ROGGE : Dat zou me toch sterk verbazen. Ik denk dat Buchanan zijn maximum nu al bereikt heeft. En mocht Dole het niet halen, dan geloof ik meer in Lamar Alexander, die als gematigde kandidaat wel eens de steun van het bedrijfsleven zou kunnen krijgen. Maar wie het ook wordt, ik zie hem toch niet winnen tegen Bill Clinton. Zeker niet omdat de presidentsverkiezingen meer rond de persoon dan rond het politiek programma draaien. De Congresverkiezingen van twee jaar geleden zijn dus geen aanwijzing.

De Republikeinen lijken mij op de dool. Ik sta er versteld van dat ze geen sterkere persoonlijkheden naar voren kunnen schuiven voor een presidentsverkiezing. Amerikaanse vrienden hebben mij uitgelegd dat dat komt door het ultrapuriteins systeem in de States. Elke kandidaat wordt door honderden journalisten van zijn geboorte af aan tot in de details gescreend. Het kleinste schandaal pluizen ze uit. Heeft hij een buitenechtelijke relatie gehad ? Heeft hij een schoonmaakster in het zwart betaald ? Hoeveel verkeersboetes heeft hij gehad ? Werkelijk alles wordt uitgebuit. En dat schrikt zeer veel bekwame en getalenteerde mensen af. Die willen zich niet op die manier laten verscheuren.

Koen Meulenaere

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content