Vrije Tribune
Vrije Tribune
Knack.be geeft hier een forum aan columnisten en gastbloggers
Opinie

30/06/16 om 13:20 - Bijgewerkt om 13:20

'Om als dierenarts succesvol te zijn, heb je veel meer nodig dan liefde voor dieren'

Sarne De Vliegher van de UGent is geen voorstander van een traditioneel ingangsexamen voor de opleiding diergeneeskunde 'want dat selecteert vooral op intelligentie en te weinig op aanleg om het later als praktijkdierenarts te maken én vol te houden'.

'Om als dierenarts succesvol te zijn, heb je veel meer nodig dan liefde voor dieren'

© iStock

Twee weken terug leek De Standaard met de scherpe kop "Je moet al een kalf zijn om dierenarts te worden" het startschot te geven van een (broodnodige) ontradingscampagne: studeer geen diergeneeskunde! Aanleiding voor het artikel was een pertinente vraag van Ann Brusseel (Open VLD) in de commissie onderwijs van het Vlaams Parlement aan minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V).

Zowel de opleiding diergeneeskunde als het diergeneeskundige beroep kreunen al vele jaren onder een teveel aan studenten diergeneeskunde en een overschot aan praktijkdierenartsen. Dat de opleiding tot dierenarts ook heel duur is terwijl heel veel jonge dierenartsen na enkele jaren diep ontgoocheld het beroep de rug toekeren maakt duidelijk dat één en ander moet veranderen. De menselijke en economische schade is al lang veel te groot. Meer dan een niet-bindende oriëntatieproef lijkt minister Crevits echter niet te willen organiseren. Gezien de keuze om diergeneeskunde te studeren veeleer emotioneel is ingegeven, zal dat weinig zoden aan de dijk brengen. Niet-geslaagde studenten zullen het slechte resultaat naast zich neerleggen en toch de studie aanvatten. Ze zien tenslotte graag dieren...

In Wallonië kent men al jaren hetzelfde probleem: grote groepen studenten maken de opleiding aan de faculteit in Luik bijna onmogelijk en het teveel aan dierenartsen zet grote druk op de bestaande praktijken. Het Waals parlement lijkt echter bereid om maatregelen te treffen: na het eerste jaar van de opleiding zal straks vermoedelijk slechts een bepaald contingent toegelaten worden tot het tweede jaar. Je kan dat bezwaarlijk een mooie oplossing vinden maar vermoedelijk wil men kool en geit sparen door voldoende studenten aan de opleiding te laten starten en zo de financiering van de faculteit diergeneeskunde niet aan te tasten. Het goede nieuws is alvast dat de politieke wil bestaat om een contingentering in te voeren.

Het juiste DNA

Het Noord-Amerikaanse model lijkt mij een betere inspiratiebron: bepaal in goed overleg hoeveel dierenartsen je moet afleveren (rekening houdend met verschillen in noden tussen gezelschapsdieren en nutsdieren) en selecteer de juiste studenten om dit contingent te vullen. Doe dat niet met een traditioneel ingangsexamen want dat selecteert vooral op intelligentie en te weinig op aanleg om het later als praktijkdierenarts te maken én vol te houden. Doe dat wél op basis van een mix van de resultaten in de vooropleiding (de academische competenties) én niet-academische competenties (aanleg, gedrag, motivatie), te kwantificeren via interviews en psychologische tests.

Een aanpak die er voor zorgt dat je een vast aantal studenten met hoge slaagkansen en het juiste DNA om als praktijkdierenarts succesvol te zijn (en dat vergt veel meer dan liefde voor dieren), tot de dure opleiding toelaat, is verdedigbaar. Het zorgt ervoor dat belastinggeld efficiënt gebruikt wordt, houdt de kwaliteit van de opleiding op peil, reduceert het aantal studenten dat tijdens de opleiding afvalt én beperkt het aantal jonge dierenartsen dat zijn jeugddroom kapot ziet spatten na afstuderen. Als daarnaast ruimte gelaten wordt voor studenten die via de opleiding diergeneeskunde ook b.v. een wetenschappelijke carrière ambiëren én men de minimale financiële enveloppe van de faculteit diergeneeskunde behoudt, kan eindelijk een oplossing gevonden voor een probleem dat al jaren bestaat.

Een slimme contingentering die er voor zorgt dat een beroepsgroep zich beter in zijn vel voelt, daar zullen de diergezondheid, het dierenwelzijn én de volksgezondheid direct en indirect wel bij varen.

Sarne De Vliegher is professor Diergeneeskundig recht, deontologie en praktijkmanagement aan de Faculteit diergeneeskunde van de UGent en voorzitter Nederlandstalige Gewestelijke Raad van de Orde der Dierenartsen.

Onze partners