VS: verdachte werd in 2014 door vader als 'terrorist' aangegeven

21/09/16 om 01:09 - Bijgewerkt om 03:01

Nadat zijn vader in 2014 aan de FBI had gesignaleerd dat hij zijn zoon ervan verdacht een terrorist te zijn, heeft de Amerikaanse politie wekenlang Ahmad Khan Rahami onderzocht. De verdenking werd echter niet bevestigd en Rahami kwam niet op een terreurlijst terecht.

VS: verdachte werd in 2014 door vader als 'terrorist' aangegeven

Ahmad Khan Rahami, 28, in de foto die de procureur na zijn arrestatie heeft vrijgegeven © REUTERS

Dat meldt The New York Times en de FBI bevestigt dat er een dergelijk onderzoek is geweest.

Ahmad Khan Rahami werd maandag aan schouder en been verwond en gearresteerd na een schietpartij met de politie, waarbij ook twee agenten verwondingen opliepen.

Hij werd sinds zaterdag gezocht nadat hij volgens beveiligingsbeelden in de buurt van twee hogedrukpannen gevuld met metaalbollen en schrapnel vertoefde, die zaterdag in de wijk Chelsea in Manhattan, New York, waren achtergelaten. Een van die pannen kwam via een telefoonmechanisme tot ontploffing en maakte 29 gewonden. De andere panbom werd onschadelijk gemaakt voor ze ontplofte (mogelijk, oppert The Daily Beast, omdat daklozen het mechanisme onklaar hadden gemaakt toen ze het blits uitziend pakket in handen hadden genomen). Op de niet ontplofte bom werden vingerafdrukken en DNA van Rahami teruggevonden.

Eerder zaterdag was in de staat New Jersey een pijpbom ontploft net voor deelnemers aan een militaire loop aan de plaats zouden voorbijkomen. En nog in New Jersey werd een rugzak met meerdere niet bommen teruggevonden, die bij onderzoek door een robot ontploften.

Of al die bommen tot de 28-jarige Rahami kunnen teruggevoerd worden, en of hij daarbij alleen handelde, moet het onderzoek nog uitwijzen, maar intussen komen wel meer details vrij over zijn leven.

Hij werd maandag in beschuldiging gesteld voor meervoudige poging tot moord tegen politieagenten, en daar kwam dinsdag nog het gebruik van massavernietigingswapens bij.

'Kuffar doden'

Na een familieruzie, waarbij Ahmad een broer neerstak (volgens The New York Times, concurrent The Washington Post heeft het over een zus), contacteerde zijn vader tot twee keer toe de FBI. Dat gebeurde midden 2014.

In gesprek met de Times gaf vader Mohammad Rahami uitleg.

"Twee jaar geleden ging ik naar de FBI omdat mijn zoon het echt slecht stelde, oké? Maar ze controleren bijna 2 maanden, ze zeggen: 'Hij is oké, hij is clean, hij is geen terrorist'. Ik zeg oké. Nu zeggen dat hij een terrorist is. Ik zeg oké".

De FBI bevestigde dat onderzoek, "gebaseerd op commentaar van zijn vader". "De FBI bekeek de databanken, raadpleegde andere agentschapschappen en voerde meerdere interviews uit. Geen daarvan wees op banden met terrorisme".

De Times gaat ervan uit dat Ahmad Rahami toen niet werd ondervraagd.

Hij werd dat wel na reizen in Pakistan en Afghanistan, maar ook die leverden geen dusdanige verdenking op dat Rahami op een lijst met terreurverdachten werd geplaatst.

Nadat hij eerder een kind had met een schoolvriendin, huwde Ahmad in de Pakistaanse stad Quetta. Hoewel dat niet onmiddellijk lukte, konden zijn echtgenote en hun kind toch naar de VS komen. Op dit ogenblik vertoeven ze, bericht CNN, in de Verenigde Arabische Emiraten, waar de vrouw volgens de nieuwszender "meewerkt met het onderzoek".

Ahmad Khan Rahami werd geboren in Afghanistan en kwam als kind aan in de Verenigde Staten, waar hij genaturaliseerd werd. Volgens vrienden was hij eerst "heel Amerikaans", geïnteresseerd in rapmuziek en motoren. Dat veranderde na reizen die hem volgens de New York Times herhaaldelijk en langdurig in Afghanistan en Pakistan brachten en kortere tijd in Ankara, Turkije. Hij veranderde door die reizen van uiterlijk, en sloot zich af voor zijn vroegere vrienden - getuigen zij.

In een van Rahami's zakken werd na zijn arrestatie een met een kogel doorboord, bebloed schrijfboekje aangetroffen waarin hij het had over "het doden van kuffar" (ongelovigen), en waarin hij, nog altijd volgens The New York Times, lof had voor Anwar al-Awlaki, de propagandaspecialist van Al-Qaeda, die bij een drone-aanval in Jemen om het leven kwam, en voor de militair die enkele jaren geleden in Fort Hood een bloedbad aanrichtte.

Onze partners