Ferguson: zware rellen na een onbestrafte dood Michael Brown

25/11/14 om 08:05 - Bijgewerkt om 08:05

Een vreemde dag in de Amerikaanse stad Ferguson eindigde met brandstichting en plundering. Het buiten vervolging stellen van agent Darren Wilson, logisch voor de Grand Jury, werd door de medestanders van slachtoffer Michael Brown als een kaakslag beschouwd.

Ferguson: zware rellen na een onbestrafte dood Michael Brown

Een manifestant steekt afval in brand © Reuters

Het besluit van de Grand Jury, een volksjury die zich sinds 20 augustus over de zaak had gebogen, was verwacht, maar werd aan het eind toch weer in twijfel getrokken. Dat de jury, die bestond uit 9 blanken en 3 zwarten, al sinds vrijdag over de zaak delibereerde, leek erop te wijzen dat een vervolging van de blanke agent Darren Wilson wegens doodslag of moord toch tot de mogelijkheden behoorde. Uiteindelijk stelde de jury de agent buiten vervolging.

Een aantal van de felste getuigen tegen hem waren blijkbaar door de lijkschouwing onbetrouwbaar geworden. Ze hadden het gehad over schoten in de rug, en zo was het niet gegaan, daar waren de lijkschouwers het over eens.

De Grand Jury volgde het relaas van de agent, die verklaarde dat hij doodsbang was van de agressieve jongeman Michael Brown, die een kop groter was dan hij en misschien dubbel zoveel woog. Brown had hem twee harde klappen in het gezicht gegeven, de deur van de politieauto tegen hem dichtgeslagen. Hij had Brown dan verwond, maar nadat deze eerst leek te vertrekken, kwam hij ineens terug op Wilson afgestormd. Toen hij op 2,4 tot 3 meter genaderd was, vuurde Wilson de fatale schoten af - onder meer in het gezicht. De autopsie zou deze versie bevestigen.

Escalatie

Nadat de Grand Jury haar besluit had genomen, mocht ze naar huis. Waarom de procureur de bekendmaking uitstelde tot na valavond is niet bekend, maar dat uitstel wordt algemeen bekritiseerd. Het duister stimuleert rellen.

Het eerste gevoelen na de bekendmaking, bij manifestanten die aan het politiebureau van Ferguson waren bijeengekomen, was treurnis. De moeder van Michael Brown werd het te veel. Ze werd weggebracht.

De familie verstuurde een verzoenende, zij het dieptrieste boodschap. 'We zijn diep ontgoocheld dat de moordenaar van ons kind niet zal geconfronteerd worden met de gevolgen van zijn daden. We begrijpen dat vele anderen onze pijn delen, maar we vragen dat jullie die frustratie gebruiken om een positieve verandering te veroorzaken. We moeten samenwerken om het systeem te repareren dat toestond dat dit gebeurde. Laten we maken dat politiemensen voortaan een camera bij zich dragen. We vragen nederig dat jullie vreedzaam protesteren. Geweld als reactie op geweld lost niets op. Laten we niet zomaar lawaai maken, laten we een verschil maken.'

Deze boodschap, en ook een tussenkomst van president Obama, konden niet beletten dat het snel tot incidenten kwam. Politieauto's waren het eerste doelwit. Een auto werd omgekieperd. Een andere auto werd in brand gestoken. En nog een.

De politie, die tot dan relatief (naar normen van Ferguson) discreet was gebleven, schoot traangas en nepkogels af.

Korte tijd later escaleerde het. Manifestanten begonnen winkelruiten in te slaan en de inboedel te vernietigen. Later werd er geplunderd, nog later werden gebouwen in brand gestoken. Er waren ook schoten te horen, en de brandweer, die zou beschoten zijn, kwam niet langer tussen, vluchtte zelfs weg met achterlating van materiaal.

Achtergrond

Toen Brown op 9 augustus werd doodgeschoten, leek het een perfect voorbeeld van politieracisme. Getuigen verklaarden dat de 18-jarige zijn armen in de lucht had, toen hij werd neergeschoten. Sommigen verklaarden dat hij in de rug werd geschoten. Dat laatste wordt nu door de autopsie tegengesproken. Het eerste werd door de Grand Jury niet geaccepteerd.

In een stadje dat ongeveer tweederde zwart is, zijn de politie en het stadsbestuur grotendeels wit. De politie viseert systematisch zwarte burgers, blijkt uit de statistieken. Als er betwistingen waren, werd nooit of te nimmer een agent gestraft of berispt. De familie en de medestanders van Brown dachten dat het nu ook zo zou gaan.

Maar later werd het verhaal genuanceerder. Brown bleek minuten voor zijn dood sigaren gestolen te hebben, door een winkelbediende te stompen en te overbluffen (deze winkel werd tijdens de voorbije nacht geplunderd). Hij gedroeg zich daar agressief en zou ook zo te keer gegaan zijn tegen politieagent Darren Wilson, toen die hem aanmaande niet langer in het midden van de straat te lopen. Brown zou hem uitgedaagd hebben, uitgescholden hebben, gestompt hebben.

De Grand Jury heeft deze versie gevolgd, terwijl de manifestanten grotendeels vasthielden aan de eerdere versie - met een racistische agent die een ongewapende jongeman doodde. En daarna met een witte procureur die via de grotendeels witte Grand Jury een vrijspraak voor de agent forceerde.

De Grand Jury had op basis van andere getuigenissen een andere conclusie kunnen trekken, zeggen experten. En of de agressie van de jongeman moest leiden tot zijn dood, blijft natuurlijk de vraag. Trof de agent echt helemaal geen schuld? vragen gematigde bewoners van Ferguson zich af. "Blijft een zwart leven echt minder waard?" zo vroeg een manifestant.

Door de rellen, die volgens alle commentatoren het werk zijn van lokale jongeren, en niet van agitatoren, kan er weer van onderwerp worden veranderd.

Lees meer over:

Onze partners