Arne Schollaert (Oxfam)
Arne Schollaert (Oxfam)
Arne Schollaert is hoofd Politiek Beleid en Ontwikkeling bij Oxfam-wereldwinkels.
Opinie

02/11/13 om 09:12 - Bijgewerkt om 09:13

'48 verkrachtingen per uur in Congo: en niemand doet wat'

De internationale gemeenschap kijkt cynisch toe op de humanitaire ramp in Oost-Congo. Ook de media gaan niet vrijuit, vindt Arne Schollaert (Oxfam-Wereldwinkels).

'48 verkrachtingen per uur in Congo: en niemand doet wat'

Vrouwen in Congo © Reuters

"Uiteraard meneer Schollaert, ik begrijp best dat u dit pertinent vindt, en gelooft u me, persoonlijk ben ik het met u eens, maar uw opiniestuk heeft gewoon niet voldoende nieuwswaarde. Ik krijg dit niet verkocht op de redactie. Het spijt me."

De Democratische Republiek Congo. "Just the tip of the iceberg", zo kwalificeert de speciale VN-vertegenwoordigster voor seksueel geweld in conflict de bevinding dat in onze voormalige kolonie Zaïre per uur zo'n 48 verkrachtingen plaats vinden. De gegevens komen van onderzoekers aan de Amerikaanse Stony Brook University. Per uur. Acht-en-veer-tig vrouwen, kinderen en mannen. Tipje van de ijsberg.

"Niet voldoende nieuwswaarde." Dat klopt natuurlijk, de brandende nieuwswaarde van een humanitaire ramp die tussen augustus 1998 en juli 2007 naar schatting 5.4 miljoen mensenlevens kostte, en waar sindsdien 'slechts' periodiek opflakkeringen zijn met enkele tien- tot honderdtallen slachtoffers, neemt niet toe naarmate ze langer duurt. Inderdaad, laat om het even wat, dus ook een humanitaire ramp, lang genoeg aanslepen, en de nieuwswaarde verdwijnt. En laat ons toch ook de (media)moeheid niet vergeten. Een zware werkdag, voor het slapen gaan nog even het nieuws. Hm, ja, wie zit er op zo'n moment wél te wachten op alweer een somber verslag over alweer ellende in het hartje van Afrika? Toch?

Ultieme capitulatie

Ook nu nog, vandaag, worden 48 mensen per uur in hun diepste zijn gekrenkt. Honderdduizenden tot miljoenen Congolese vrouwen (en mannen), gaande van peuters tot overgrootmoeders, die bij brutale aanvallen het slachtoffer werden van groepsverkrachtingen, penetraties met messen, geweren en tal van andere scherpe voorwerpen. De details bespaar ik u. Dat het mensonwaardig en -onterend is, zal u in ruil graag van me aannemen. Mensen worden zowel inwendig als uitwendig vernietigd achtergelaten. En gegeven het maatschappelijke stigma dat daar steevast bij hoort, zijn de cijfers naar alle waarschijnlijkheid een onderschatting. Mediamoeheid. Hm.

Maar, zo toont nieuw onderzoek, er is ook hoopgevend nieuws. Grootschalig onderzoek in het Oosten van Congo, uitgevoerd door een heel erg degelijke Amerikaanse universiteit en medegefinancierd door de Verenigde Naties, toont aan dat er een behoorlijk doeltreffende therapie ontwikkeld werd, die slachtoffers van een verkrachting toelaat om beter om te gaan met de daaruit voortvloeiende mentale en emotionele littekens. Het leren rationaliseren, blijkt een cruciaal aspect van de therapie te zijn: slachtoffers hebben veelal de neiging om minstens ten dele de schuld bij zichzelf te leggen. Een raam vergeten te sluiten, alleen rondgelopen, oogcontact gemaakt met de dader(s). Die twijfels, dat zelfculpabiliseren wegwerken, helpt voor een betere of herintegratie in de gemeenschap. Hoopgevend heet dat.

Of horen we dit eigenlijk niet gewoon cynisch te vinden? Het doet me denken aan het verkeersbord dat, onder andere, de autosnelweg van Gent naar Kortrijk siert, met als opschrift 'Wegdek in slechte staat'. Het is de ultieme capitulatie van de gemeenschap: we weten dat het niet deugt, maar we geven op. We uiten zelfs de intentie niet meer om eraan te verhelpen. De situatie zal dus nog wel even dezelfde blijven, maar laten we toch de ergste symptomen van het euvel vermijden. Daarom, let op: het wegdek is in slechte staat. Dat kunnen we toch niet ernstig menen?

Delen

48 verkrachtingen per uur in Congo: en niemand doet wat

Een kleine steen

Blijven we als internationale gemeenschap echt het hoofd afwenden? De ogen sluiten? Wat zich in Oost-Congo afspeelt, is deze eeuw, maar eigenlijk ook alle voorgaande, onwaardig. De houding van de internationale gemeenschap is dat echter ook. Een conflict, zeker van dergelijke schaal, is altijd multidimensioneel. Maar de internationale vraag naar ertsen die noodzakelijk zijn voor onze smartphones en tablets buiten beschouwing laten, is minstens hypocriet. Het is intussen al schandalig veel te laat, maar beter ... u weet wel. Het wordt dus hoog tijd dat de internationale gemeenschap niet alleen officieel haar rol in dit conflict erkent, maar ook haar verantwoordelijkheid neemt. En zwaaien met mediamoeheid of gebrek aan nieuwswaarde draagt, laten we eerlijk zijn, daar niet toe bij.

Hoe klein ook, wij trachten alvast wel een steen te verleggen. Door bijvoorbeeld van de koffieteelt opnieuw een bron van inkomen in de regio te helpen maken, verkleint Oxfam-Wereldwinkels alvast de aantrekkingskracht van de lokroep van de strijd - met een kalasjnikov als vrijbrief tot plunderbuit. Een steen in de dam tegen ronselende krijgsheren, want ook de jonge Congolees verkiest een eerbaar en vredig bestaan boven de gruwel van een burgeroorlog. En laat ons vooral de macht van het getal niet onderschatten: als genoeg kelen luid genoeg roepen, dan zijn beleidsmakers niet eigenwijs genoeg om die schreeuw te negeren. Bovendien, beste media, beter dan wie ook weten jullie dat nieuwswaarde iets is dat jullie zelf (kunnen) creëren. Verzuim alsjeblieft niet langer schuldig.

Of we kunnen natuurlijk ook nog even wachten, want dan viert deze tragedie haar 20ste verjaardag. Misschien zien jullie er dan wel weer een stukje nieuwswaarde in.

Onze partners