Dirk Draulans
Dirk Draulans
Redacteur bij Knack
Opinie

09/03/15 om 06:47 - Bijgewerkt op 10/03/15 om 11:00

'Wanneer gaan de boeren beseffen dat ze niet langer almachtig zijn?'

Het wordt hoog tijd dat de landbouwsector beseft dat hij niet langer almachtig is in het bepalen van wat er met onze natuur mag gebeuren.

'Wanneer gaan de boeren beseffen dat ze niet langer almachtig zijn?'

© Reuters

Lees ook de reactie van Boerenbond-voorzitter Piet Vanthemsche:

'Wanneer gaan journalisten beseffen dat ze niet almachtig zijn?'

We moeten er geen doekjes om doen: als er één maatschappelijke sector een desastreuze invloed op onze leefomgeving heeft gehad, is het de landbouw. Grootschalige ontbossing en ontwatering, monoculturen, pesticiden en andere vervuilers: ze zijn nefast geweest voor de natuur in onze dichtbevolkte regio.

Vroeger was daar weinig aandacht voor, want de boeren zorgden voor ons voedsel. Maar de jongste decennia is voeding iets van de supermarkt geworden, en krijgt de schaarse natuur die ons nog rest een maatschappelijke meerwaarde, onder impuls van goed georganiseerde verenigingen en een mentaliteitswijziging die wordt geïnspireerd door het feit dat natuur een essentiële component van de weekendbeleving van veel mensen is geworden. Wetenschappers hameren op de economische waarde van natuur, die niet langer wordt beschouwd als iets dat uitsluitend geld kost.

Delen

'Wanneer gaan de boeren beseffen dat ze niet langer almachtig zijn?'

Omdat druk op de open ruimte in dichtbevolkte regio's zelden automatisch in het voordeel van natuur uitdraait, heeft de Europese Commissie maatregelen genomen om wat rest zo goed mogelijk te beheren. Zo ontstond het begrip 'instandhoudingsdoelstellingen', ruw samengevat de vertaling van Europese natuurbeschermingsrichtlijnen in Vlaamse wetgeving. Het betekent dat Vlaamse natuurwaarden niet nog erger mogen worden aangetast dan al het geval is.

De Boerenbond reageerde als door een wesp gestoken. In september 2012 luidde het in zijn ledenblad Boer & Tuinder dat 'de sterkste schouders de zwaarste lasten' moesten dragen, wat impliceerde dat 'de meeste natuurwaarden op natuurgronden moeten worden gerealiseerd'. Helaas besefte de bond onvoldoende dat natuur kan worden aangetast door factoren die van buitenaf komen, zoals besmetting met stikstofelementen afkomstig van landbouwbedrijven. Implementatie van de richtlijnen betekent concreet dat meer dan honderd Vlaamse veeteeltbedrijven moeten verdwijnen omdat ze te vervuilend zijn voor natuur in hun buurt. Nog eens bijna vijftienhonderd moeten hun veestapel terugdringen om binnen de normen te blijven.

Groene jongens met oogkleppen

Voor de Boerenbond kan dat niet. Voor de Boerenbond mag aandacht voor de natuur alleen vrijblijvend zijn, bijvoorbeeld respect voor wilde bloemen op akkerkanten of voor broedende vogels in bepaalde weidegebieden. Een persbericht dat boerenorganisaties rondstuurden naar aanleiding van een actie van boeren in de Vlaamse Ardennen bij het begin van het wielerseizoen, verbloemde het gevoel niet. 'Onze maatschappij vernietigt zijn eigen landschap', heet het in de aanhef, wat correct is, maar de daders zijn volgens de boerenorganisaties niet de boeren, wel 'extreme groene jongens met oogkleppen die zweven en elke realiteitszin of relativiteitszin verloren hebben'. Vlaanderen moet de juiste weg kiezen om natuur en economie te verzoenen, 'met gezond boerenverstand', en 'zonder toe te geven aan de destructieve campagne van de groene beweging die blijkbaar diep geïnfiltreerd zit in het beleid'. Dat laatste is een verrassende stelling, want natuurbeschermers zijn er net van overtuigd dat alvast het Vlaamse beleid gedomineerd wordt door de CD&V die vooral de boerenbelangen behartigt, waardoor de landbouwsector in het debat systematisch boven haar vrij laag soortelijk gewicht uitstijgt.

Ik kan begrip opbrengen voor de onrust van de getroffen boerengezinnen. Ik spreek af en toe boeren die een onzekere toekomst voor hun bedrijf zien, en dat is erg. Het is gemakkelijker om over een dossier te oordelen als je geen rechtstreeks contact met de sociale gevolgen hebt. Maar dat betekent niet dat een sector die decennialang zo goed als ongehinderd een oorlog tegen onze natuur kon voeren, nu ineens de schuld voor een maatschappelijke catastrofe in de schoenen moet schuiven van mensen die net begaan zijn met het leefbaar houden van hun omgeving, leefbaar voor iedereen, niet alleen voor de boeren.

Vervuiler krijgt geld

'Wanneer gaan de boeren beseffen dat ze niet langer almachtig zijn?'

© istock

De boeren voelen aan hun water dat de goede oude tijd van 'doen wat we willen met de natuur rond ons bedrijf' voorbij is. Daarom dringen ze aan op wat ze 'flankerende maatregelen' noemen, wat concreet wil zeggen dat ze 'correcte vergoedingen' vragen voor de getroffen bedrijven. Daar is iets voor te zeggen, maar zo introduceer je natuurlijk het gegeven dat de vervuiler geld krijgt.

De beperking van de bedrijfsvoering van een aantal bedrijven lijkt een haalbare kaart, in het licht van het feit dat het vleesverbruik van de gemiddelde Belg substantieel daalt, maar dat de Vlaamse vleesproductie desondanks toeneemt, als gevolg van een stijging van de export. Het wordt tijd dat de Boerenbond zich beraadt over de kwestie of de heilige koe van de ononderbroken economische groei in zijn sector niet aan herziening toe is.

Hoe diepgeworteld de afkeer van de doorsnee landbouwer voor belangrijke natuurwaarden is, blijkt tenslotte uit een recent bericht in Boer & Tuinder, waarin iemand zijn beklag doet over het feit dat 'samen met de natuur ook de roofdieren oprukken', waardoor de schade op veebedrijven 'sterk toeneemt'. De koepel van Europese landbouworganisaties trok zich al terug uit het overleg met de Europese Commissie, omdat ze vindt dat onvoldoende met haar argumenten wordt rekening gehouden.

In plaats van verheugd te zijn dat dieren als beren en wolven zich beter lijken in te passen in een door de mens gedomineerd landschap dan de boeren zelf, moet er weer een conflict van worden gemaakt, en moet er weer over vergoedingen worden geëmmerd. Wanneer gaan de boeren beseffen dat ze niet langer almachtig zijn in het naar hun hand zetten van ons landschap, en dat ze rekening moeten houden met de belangen van andere landschapsgebruikers, andere mensen en andere dieren? Het zou hun geloofwaardigheid in het debat ten goede komen.

Lees meer over:

Onze partners