Linda De Boeck
Linda De Boeck
Directeur Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie (VIGeZ) vzw
Opinie

06/09/14 om 14:27 - Bijgewerkt om 14:27

'Voedingspiramide' nog niet op de schop

Complex, achterhaald, op maat van de landbouwindustrie, ... de actieve voedingsdriehoek heeft de afgelopen dagen heel wat naar het hoofd geslingerd gekregen. En dat is jammer. Zeker omdat niemand nog door de bomen het bos ziet als het over gezonde voeding gaat.

'Voedingspiramide' nog niet op de schop

De voedselpiramide, zoals de op de website van het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie is terug te vinden. © /

Nochtans is de actieve voedingsdriehoek niet plots uit de lucht gevallen. Het voedingsmodel bestaat 15 jaar en is gebaseerd op aanbevelingen van de Hoge Gezondheidsraad en de Wereldgezondheidsorganisatie, die de ontwikkelingen in de voedingswereld op de voet volgen. De Hoge Gezondheidsraad zegt hoeveel gram vetten of milligram vitamine D we dagelijks nodig hebben, de actieve voedingsdriehoek vertaalt dit naar concrete hoeveelheden van voedingsproducten zoals groenen en fruit, graanproducten, vlees, ... Telkens de Hoge Gezondheidsraad de Belgische voedingsaanbevelingen herziet, wordt de praktische vertaling ervan in de actieve voedingsdriehoek hieraan getoetst en indien nodig aangepast. De voorbije 15 jaar is dit al 3 keer gebeurd: in 2000, 2004 en 2012.

"We leven niet in een vacuüm"

Dat laatste gebeurt niet door 1 persoon, of 1 organisatie, maar door een groep van 24 experts met hoofdzakelijk vertegenwoordigers van de opleiding voedings- en dieetkunde (7 hogescholen in Vlaanderen), academische experts op het vlak van voeding en gezondheid en gezondheidsorganisaties. Het klopt dat ook 1 vertegenwoordiger van NICE (voedingsinformatiecel van de VLAM) en 1 vertegenwoordiger van Fevia (Federatie van de Voedingsindustrie) deel uitmaken van deze groep, maar we leven dan ook niet in vacuüm. We willen voorkomen dat onze adviezen botsen met de haalbaarheid van onze voedselvoorzieningen of met aspecten van duurzaamheid. Het doel van hun betrokkenheid is onze adviezen mee uitdragen en te vertalen naar de praktijk, bijvoorbeeld door het zout- of suikergehalte in hun producten te verlagen.

We zijn ook niet naïef en er ons van bewust dat deze organisaties economische belangen hebben. Maar hun mening en aanwezigheid weegt niet op tegen de ruime vertegenwoordiging van gezondheidsexpert in de groep. Stellen dat deze 2 organisaties de voedingsaanbevelingen van de voedingsdriehoek mee bepalen, is dan ook compleet nonsens.

Voeding is niet zwart-wit

Het probleem met communiceren over gezonde voeding is dat het niet gemakkelijk is om een visueel model op te stellen dat enerzijds eenvoudig en gemakkelijk te begrijpen is, en anderzijds genuanceerd én wetenschappelijk correct is. In het buitenland worden tal van andere vormen gebruikt: van een cirkel of een bord tot een trap. Toch heeft elk van deze voorstellingen zijn beperkingen. Er is niet zoiets als dé ideale voorstelling.

Neem nu het voorbeeld van de graanproducten (als belangrijkste bron van koolhydraten), een van de lagen van de driehoek die vandaag door sommigen fel gecontesteerd wordt. Het verhaal over koolhydraten is niet zwart-wit: bewerkte graanproducten zoals wit brood, witte pasta, koeken, ... hebben inderdaad weinig meerwaarde in onze voeding. Maar dat geldt bijvoorbeeld niet voor graanproducten in hun onbewerkte en/of volkoren vorm, zoals volkoren brood of bruine rijst. Naast koolhydraten bevatten ze ook belangrijke voedingsstoffen zoals voedingsvezels, mineralen en vitaminen.

Voor vetrijke voedingsproducten geldt een gelijkaardige redenering: vetten zijn essentieel in een gezonde voeding, maar niet om het even welke soort.

Binnen elke laag van de voedingsdriehoek wordt daarom nog een onderscheid gemaakt tussen producten die de voorkeur genieten (zoals volkoren brood), 2e keuze-producten (zoals wit brood) en producten die in de restgroep worden ondergebracht (zoals croissants). Het is quasi onmogelijk om deze nuances op een duidelijke manier weer te geven zonder dat het onoverzichtelijk wordt. Daarom zijn er bijkomende informatiedocumenten zoals een handboek en 'fiches' voor de professionele gezondheidswerker beschikbaar die alles meer in detail uitleggen, en daarnaast een boek en folders voor het algemene publiek.

Voldoende consensus is nodig

Nog een kritiek op de voedingsdriehoek is dat het voedingsproducten zou aanraden die niet nodig en zelfs ongezond zijn, zoals melk. Het klopt dat hier in de wetenschappelijke wereld discussie over is, maar er is geen consensus die eenduidig zegt dat een melkconsumptie zoals de driehoek aanbeveelt, de gezondheid negatief beïnvloedt. De voedingswereld is voortdurend in beweging. Zolang hierover geen voldoende consensus bestaat, zal melk niet uit de actieve voedingsdriehoek geschrapt worden. En dat geldt voor alle voedingsproducten: één of enkele studies die iets anders beweren dan tot dan toe werd aangenomen is onvoldoende bewijskracht om het roer radicaal om te gooien.

En nu?

De Hoge Gezondheidsraad werkt in 2015 aan een herziening van de aanbevelingen voor gezonde voeding. Zodra deze beschikbaar zijn, zal het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie (VIGeZ) zoals steeds in samenspraak met de voedingsexperts uit de Vlaamse universiteiten en hoge scholen de vertaalslag maken naar een model en adviezen die én wetenschappelijk correct, én eenvoudig te begrijpen zijn.

Hoe moet het nu verder? Tot de nieuwe aanbevelingen blijft de actieve voedingsdriehoek nog even ongewijzigd. Gelukkig bestaat er 1 grondregel waarover iedereen het wel eens is: eet met mate en varieer, kies zo veel mogelijk voor onbewerkte producten zoals groenten en fruit, en beweeg voldoende.

Onze partners