Eerstgeborenen en benjamins: De strijd om ouderlijke aandacht

24/10/13 om 14:23 - Bijgewerkt om 15:41

Broers en zussen en de plaats die we innemen in het gezin hebben een impact op onze persoonlijkheid en intelligentie. Elk kind wil zijn eigen niche verwerven in het gezin.

Eerstgeborenen en benjamins: De strijd om ouderlijke aandacht

Broers en zussen © Thinkstock

'De invloed van geboortevolgorde, vooral op iemands persoonlijkheid en intelligentie, is door de jaren heen uitvoerig bestudeerd', zegt psycholoog Bernd Carette van de Universiteit Gent. Hij deed onderzoek naar de impact van de geboortevolgorde op prestatiemotivatie. 'Dat er een impact is, staat buiten kijf. De oorsprong daarvan is te zoeken in fundamentele evolutionaire principes. Maar daarnaast bestaat er ook altruïsme. Hoe meer genetische gelijkheid er is tussen mensen, hoe altruïstischer ze zich opstellen. Broers en zussen komen met andere woorden voor elkaar op in de buitenwereld. Maar binnen het gezin strijden ze om de ouderlijke aandacht. Ze proberen die aandacht te maximaliseren door elk een niche te bezetten in het gezin, en dat heeft zijn invloed op onder andere hun persoonlijkheid.'

Surrogaatouder of rebel?

'Oudste kinderen kiezen ervoor het gedrag van hun ouders te kopiëren om zo goedkeuring te krijgen. Vaak gaan ze zich opstellen als een soort surrogaatouder voor het kind achter zich en vertonen ze vrij volwassen gedrag; ze worden dan ook omringd door volwassenen. Eerstgeborenen zijn door de band doorzetters die heel consciëntieus zijn, ze nemen hun verantwoordelijkheid op en gaan georganiseerd te werk. Ze volgen de regels. Daarnaast zijn ze in emotioneel opzicht iets minder stabiel: ze vertonen meer neurotische trekjes dan later geborenen.'

Delen

Eerstgeborenen zijn door de band doorzetters, die heel consciëntieus zijn

De kinderen die volgen moeten een andere manier zoeken om de aandacht van de ouders te trekken, zegt Carette. 'En dat vatten ze heel letterlijk op. De benjamins zijn degenen die iets nieuws proberen. Ze zijn niet bang om de betreden paden te verlaten en gaan door voor de rebel van de familie. Ze zijn vaak warm, extravert en hebben goed ontwikkelde sociale vaardigheden: het is voor hen belangrijk dat andere mensen hen graag mogen, want zo proberen ze ook een niche voor zichzelf in het gezin te scheppen.'

Delen

Middelste kinderen zijn sterke onderhandelaars

Volgens Carette hebben de middelste kinderen misschien wel de moeilijkste positie. 'Zij vallen tussen wal en schip. Deze kinderen gaan door voor sterke onderhandelaars. Ze kennen de positie van de underdog en zijn dan ook goed in empathie. Ze zijn de expert in de aanpasbaarheid binnen het gezin en gaan wisselende coalities aan met oudere of jongere gezinsleden, naargelang van de omstandigheden. Omdat ze zon moeilijke positie binnen het gezin hebben, is voor de middelste kinderen de peer-group extra belangrijk. Ze gaan vaak ook sneller het huis uit.'

Hoe ouder, hoe slimmer

De geboortevolgorde heeft ook invloed op de intelligentie. Uit een onderzoek in Noorwegen bij meer dan 60.000 gezinnen blijkt dat oudste kinderen 2 tot 3 intelligentiepunten slimmer zijn dan het volgende broertje of zusje, en die trend zet zich door naar volgende kinderen. Oudste kinderen hebben de neiging om op te treden als surrogaatouder voor broers en zussen. Dat geeft hen een voordeel, want het is bewezen dat het kunnen uitleggen van dingen een positieve invloed heeft op je functioneren.

'Natuurlijk is elke gezinsdynamiek anders en daarmee dus ook de impact die je plaats in het gezin op jou heeft', zegt Carette. 'Er zijn een aantal meetbare factoren die deze dynamiek mee bepalen, zoals de grootte van het gezin. Hoe meer kinderen er in een gezin zijn, hoe minder aandacht ze krijgen van de ouders. Ik heb mijn onderzoek vooral toegespitst op gezinnen met twee kinderen, omdat daar de verschillen tussen oudste en jongste zich het duidelijkst aftekenen. Als er meer kinderen zijn, dan kan een tweede kind bijvoorbeeld ook trekken van een eerstgeborene vertonen ten opzichte van jongere broers of zusjes. Enige kinderen vertonen veel gelijkenis met oudste kinderen, alleen minder uitgesproken. Zij worden immers minder in hun niche geduwd door volgende kinderen.'

Delen

Benjamins zijn vaak warm, extravert en hebben goed ontwikkelde sociale vaardigheden

'Ook het leeftijdsverschil speelt een rol. Zit er minder dan twee jaar verschil tussen twee kinderen, dan blijkt hun positie een minder uitgesproken impact te hebben. Wellicht omdat ze allebei min of meer in dezelfde fase van hun ontwikkeling zitten. Is er meer dan vijf jaar verschil, dan is de competitie ook veel minder, de siblings bewegen zich dan elk op een duidelijk ander ontwikkelingsniveau.'

'Uiteraard is er ook nog de factor geslacht. Een middelste kind dat bijvoorbeeld de eerste jongen is, zal het makkelijker hebben om een niche voor zichzelf te vinden dan een middelste kind dat de tweede jongen is. Meisjes zijn vaak iets gewetensvoller dan jongens. Een eerstgeboren meisje zal dat kenmerk mogelijk dus sterker vertonen dan de gemiddelde eerstgeborene. Terwijl een eerstgeboren jongen het wellicht minder sterk zal vertonen, zeker als hij gevolgd wordt door een zus die dat deel van de rol op zich neemt.'

Samengestelde gezinnen

'Er is een verschil tussen de biologische geboortevolgorde van een gezin en de functionele geboortevolgorde. Er zijn vandaag heel wat nieuw samengestelde gezinnen, wat maakt dat iemand die ooit eerst-geborene was vandaag in de praktijk een middelste kind kan zijn. Uit onderzoek blijkt dat het de functionele geboortevolgorde is die beïnvloedt. Belangrijk hierbij is uiteraard ook hoe oud de kinderen zijn op het moment dat ze in een nieuw gezin terechtkomen en hoe groot de leeftijdsverschillen zijn tussen de verschillende kinderen. Dat is een zeer interessant en actueel domein, maar in de praktijk heel moeilijk om concreet onderzoek over te doen. Elk nieuw samengesteld gezin is immers anders.'

Niet één op één

'Het is niet zo dat een werkgever beter een eerstgeborene aanneemt omdat die meer leergeoriënteerd zal zijn of beslist gewetensvoller zal werken. Er is geen één-op-één-relatie tussen die zaken. En wie wil kijken naar bijvoorbeeld prestatiemotivatie, vraagt beter rechtstreeks naar die factor. Maar onderzoek naar de impact van gezinsvolgorde kan wel zijn waarde hebben in bijvoorbeeld therapiesettings of bij carrièrecounseling, waar het kan zorgen voor meer inzicht en zelfkennis.'

Tine Bergen

Lees meer over:

Onze partners