Vrije Tribune
Vrije Tribune
Hier geven we een forum aan columnisten en gastbloggers
Opinie

06/06/18 om 20:01 - Bijgewerkt om 20:11

'Waarom we beter wegblijven van cultureel nepnieuws'

'Heiligt het doel de middelen? Misschien voor een kunstenaar of romanschrijver wel, maar gemeentebesturen, musea én journalisten blijven echt beter weg bij het cultureel nepnieuws', schrijft Remco Sleiderink.

'Waarom we beter wegblijven van cultureel nepnieuws'

Van den Vos Reynaerde - Willem die Madocke maecte © /

Schrijver Marc De Bel kondigt aan dat hij het mysterie van de Rechtvaardige Rechters zal oplossen en dat hij daarom een afspraak heeft gemaakt met de Gentse burgemeester Daniël Termont, kort voor de boekpresentatie op 15 juni in het Gentse stadhuis. Deze burgemeester speelt het spel mee en verklaart aan Het Nieuwsblad dat hij geen uitspraken mag doen over lopend onderzoek. De Bel beweert zelf dat het geen promotiestunt is maar de media twijfelen daar aan, uiteraard.

Minder argwaan was er toen enkele weken eerder in de Nederlandse gemeente Bergen op Zoom het nieuws werd gebracht dat in het eeuwenoude Markiezenhof bij verbouwingswerkzaamheden onder een vloer een boek was aangetroffen dat zo'n vier- à vijfhonderd jaar zou zijn. De gemeente en museum Het Markiezenhof brachten het nieuws immers tijdens een officiële persconferentie en de lokale Omroep Brabant maakte een reportage waarin beelden werden getoond van het ingemetselde boek. Het nieuws verspreidde zich als een lopend vuurtje en werd op Twitter bijvoorbeeld gedeeld door een conservator van Museum Meermanno in Den Haag, een specialist op het gebied van boekgeschiedenis.

Moedwillige misleiding? Inderdaad. Gemeente en museum maakten inmiddels bekend dat het een publiciteitsstunt was. Een 'metafoor' om aandacht te vragen voor een nieuwe expositie. Journalisten, burgers én wetenschappers werden doelbewust wekenlang voor de gek gehouden. En men geloofde het.

Een vergelijkbaar geval deed zich voor in de Vlaamse gemeente Diest. Vlak voor de start van het kunstenparcours De Bezetting meldde Joeri Minnart dat hij bij de installatie van zijn kunstwerk binnen het Citadel een vermolmde houten kist had aangetroffen met daarin marmeren fallussen. Deze werden wellicht tijdens de contrareformatie van beelden gehakt omdat ze aanstootgevend waren.

Ook de vondst in Diest werd ruim opgepikt door de media en zonder enige scepsis. Enkele weken geleden, op een donderdagavond, wijdde de lokale nieuwszender ROB-tv er een reportage aan en in de loop van vrijdag verscheen het nieuws in werkelijk alle Vlaamse media. Telkens met een foto van de kunstenaar met zijn kist vol fallussen. Vooral een online artikel droeg bij aan de geloofwaardigheid van het bericht: onderzoekers van de KU Leuven en de Universiteit Gent bevestigden dat er in de zestiende eeuw sprake was van een oprukkend schaamtegevoel. 'Het zou dus best interessant kunnen zijn om eens in de geschiedenis van Diest te duiken om te kijken of daar ooit een strenge geestelijke de plak heeft gezwaaid', aldus een van die historici. Het nieuws werd die vrijdag zelfs overgenomen door de Nederlandse NOS: 'Belgische kunstenaar vindt eeuwenoude stenen piemels!'

Dat de fallussen in Diest niet eeuwenoud kunnen zijn, was nochtans gemakkelijk vast te stellen. Toen ik er die vrijdag over hoorde, bekeek ik de reportage op ROB-tv, bespeurde de humoristische ondertoon en tikte vervolgens de naam van de kunstenaar in op Google. Blijkens een berichtje in Het Laatste Nieuws had hij in de zomer van 2017 al een vergelijkbare stunt uitgehaald in het stadspark in Tienen. Gekleed in werkmanskleren tekende hij met witte verf toekomstige parkeerplaatsen op het gras. Tot grote ontsteltenis van voorbijgangers.

Dat kunstenaars en romanschrijvers dergelijke streken uithalen, is te verwachten of zelfs toe te juichen. Een artiest mag de maatschappij al eens wakker schudden of prikkelen. Problematischer is het wanneer gemeentebesturen, musea en media willens en wetens gaan meewerken. Het leidt tot een maatschappij waarin burgers op den duur niets meer geloven en alles afdoen als fake news. Wat als er echt verrassend nieuws te melden is? Om een voorbeeld uit mijn eigen vakgebied te geven: wat als ooit de Middelnederlandse Madoc opduikt, het verloren gegane verhaal van de dichter van de Reynaert?

Journalisten en media hebben de taak om hun bronnen te checken. Wanneer ze moedwillig voor de gek worden gehouden, moeten ze dat aan de kaak stellen zoals Omroep Brabant heeft gedaan. De schepen voor cultuur in Bergen op Zoom werd omwille van dit voorval tot de orde geroepen. Journalisten hebben ook als taak om gemaakte fouten recht te zetten en hun publiek duidelijk te maken hoe het kon gebeuren dat ze foute informatie hebben verspreid. In het geval van de afgehakte piemels heb ik de media er zelf via een Twitterdraadje op gewezen dat dit geen echte piemels konden zijn. Veel artikelen werden daarop aangepast of bijgestuurd, al werd soms toch een opening gelaten dat het kon gaan om de waarheid. 'De kunstenaar zelf houdt bij hoog en bij laag vol dat het niet om een stunt gaat,' klonk het bijvoorbeeld soms nog de dagen na het nieuws zelf

Heiligt het doel de middelen? Misschien voor een kunstenaar of romanschrijver wel, maar gemeentebesturen, musea én journalisten blijven echt beter weg bij het cultureel nepnieuws.

Remco Sleiderink is hoogleraar Middelnederlandse letterkunde aan de Universiteit Antwerpen.

Onze partners