Svetlana Aleksijevitsj wint Duitse Vredesprijs

21/06/13 om 12:09 - Bijgewerkt om 12:09

De Wit-Russische journalistieke schrijfster Svetlana Aleksijevitsj (° 1948) is de nieuwe winnares van de Vredesprijs van de Duitse Boekhandel.

Svetlana Aleksijevitsj wint Duitse Vredesprijs

Aleksijevitsj' werk is in het Nederlandse zo goed als onvertaald. In ons taalgebied verscheen alleen 'Wij houden van Tsjernobyl' in 2006 bij Roularta Books.
De aanpak van Svetlana Aleksijevitsj is eerder journalistiek dan literair. Dat gold ook al voor de Chinese schrijver Liao Yiwu, de laureaat van vorig jaar die in Berlijn in ballingschap leeft. De jury van de Vredesprijs lijkt een dubbel oogmerk te hebben: ze bekroont geëngageerde auteurs met een onderscheiding die die schrijvers tegelijk moet beschermen tegen de willekeur van de regimes die ze bekritiseren.

In het geval van Svetlana Aleksijevitsj, die in Minsk, Wit-Rusland, woont wordt die willekeur belichaamd door president Aleksandr Loekasjenko, van wie ze nochtans beweert dat hij dichter bij het gewone volk staat dan de Russische president Vladimir Poetin, wiens verschijning haar altijd aan een 'boefje' doet denken.

Debuut in 1985

Svetlana Aleksijevitsj debuteerde in 1985, het jaar waarin Michaïl Gorbatsjov als secretaris-generaal van de Sovjet-Unie aantrad, met 'De oorlog heeft geen vrouwelijk gezicht'. Daarvoor interviewde ze heel wat Russische vrouwen die in het Rode Leger tegen Hitlers Wehrmacht streden. Omdat Aleksijevitsj in dit reportageboek vooral het ellendige gezicht van de 'grote vaderlandse oorlog' toont, wordt haar sindsdien vaak verweten dat ze een nestbevuiler is.

Sedert Loekasjenko in 1994 in Minsk aan de macht kwam, mogen de boeken van Svetlana Aleksijevitsj in Wit-Rusland niet meer verschijnen. Maar in het buitenland wist ze heel wat lezers te boeien met haar 'studies' over de ervaringen van Russische soldaten in de Afghaanse oorlog ('Zinken jongens') en de nucleaire catastrofe in Tsjernobyl 1986.

Op het puin van het socialisme

In haar boeken neemt Aleksijevitsj slechts zelden een eigen standpunt in. Ze laat mensen aan het woord die onvrijwillig door catastrofale gebeurtenissen worden meegesleept. Op dit moment werkt de laureate aan 'Second Hand Tijd - Leven op het puin van het socialisme', een reportage die over een paar maanden tegelijk in het Russisch en het Duits verschijnt. In dit rapport spreekt ze met communistische partijveteranen over de gevoelens die bij hen opkwamen tijdens en na de desintegratie van de Sovjet-Unie. Voor dit project was het voor Svetlana Aleksijevitsj een voordeel dat ze zelf in de Sovjet-Unie is opgegroeid als kind van een vader die tot zijn laatste snik in de communistische utopie bleef geloven: vlak voor zijn dood drukte haar vader de wens uit dat zijn partijboekje samen met hem begraven zou worden.

Psychologie van de daders

Svetlana Aleksijevitsj leefde tien jaar vrijwillig in Parijs, Berlijn en München. In 2012 keerde ze naar Wit-Rusland terug omdat ze de plaatsen waarover ze schrijft niet kan missen. Ze schrijft alleen in het Russisch, omdat ze het Wit-Russisch te boers en literair niet uitgerijpt vindt. Haar grote voorbeeld is de Russische schrijver Varlam Sjalamov, die in tegenstelling tot Alexander Solzjenitsyn geen enkele positieve ervaring uit het kampleven kon puren. Sjalamov was ervan overtuigd dat het kampleven zowel de slachtoffers als de daders corrumpeerde. Aleksijevitsj bewondert ook Jonathan Littells 'De welwillenden' omdat die roman een taboethema helpt begrijpen: de psychologie van de daders.

Aleksijevitsj werkt op dit moment aan twee boekprojecten. Het eerste heet 'Honderd vertellingen over de liefde' en is een boek over de ongeremdheid waarmee de Russen zich aan deze elementaire emotie overgeven: de hunkering naar een geluk dat nooit gerealiseerd wordt. Verder plant ze een boek over de ouderdom en hoe eenvoudige mensen, die niet intellectueel gewapend zijn, met de ervaring van het ouder worden omgaan.

De Vredesprijs van de Duitse Boekhandel wordt in oktober tijdens de Buchmesse in Frankfurt in de Paulskerk uitgereikt.

Piet de Moor

Onze partners