André Flahaut (PS)
André Flahaut (PS)
Minister van Staat en minister van Begroting en Ambtenarenzaken in de Franse Gemeenschapsregering
Opinie

09/09/17 om 16:56 - Bijgewerkt om 16:56

'Vervanging F-16's: waarom Vandeput het Franse aanbod ernstig moet overwegen'

Defensie moet niet meer uitgeven, maar zijn middelen beter besteden. Het aanbod om samen te werken dat Frankrijk ons doet voor de vervanging van de F-16's, biedt een unieke gelegenheid, vindt oud-minister André Flahaut (PS). 'Want klassieke conflicten verliezen steeds meer terrein tegenover asymmetrische oorlogen en de strijd tegen terrorisme.'

'Vervanging F-16's: waarom Vandeput het Franse aanbod ernstig moet overwegen'

Minister van Defensie Steven Vandeput (N-VA) © Image Globe

In de huidige strategische context hebben de federale regering en de deelstaten er alle belang bij om samen het partnerschap dat Frankrijk in de marge van de Europese bijeenkomst in Tallinn heeft aangeboden, ernstig te onderzoeken. De Franse constructeur Dassault trok zijn Rafale-gevechtsvliegtuigen donderdagavond op de valreep terug uit de officiële competitie van mogelijke vervangers van de Belgische F-16's. De Franse regering deed in plaats daarvan een voorstel aan minister van Defensie Steven Vandeput (N-VA) voor een nauwere militaire samenwerking, waarbij beide partners samen Rafale-vliegtuigen zouden kopen.

Naast de vervanging van de oude F-16's door Rafales van Dassault opent het voorstel van de Franse regering nieuwe perspectieven, niet alleen voor de Belgische defensie, maar ook voor Europa. De gestructureerde samenwerking die wordt aangeboden gaat verder dan de levering van gevechtsvliegtuigen. Ze biedt ook aan om de ontwikkeling en de wederzijdse verbetering te delen van 'technische capaciteiten' betreffende operaties, vorming en ondersteuning. Florence Parly, de Franse Minister van Defensie, wijst ook op de 'mogelijkheden voor industriële en technische samenwerking' voor de bedrijven van onze beide landen die door een dergelijk partnerschap zouden worden gevoed.

Nu het Verenigd Koninkrijk, dat de Europese veiligheids- en defensiepolitiek vaak heeft afgeremd, onderhandelt over de terugtrekking uit de Europese Unie, dringt zich voor de acteurs van het Verenigd Europa meer dan ooit een herdefinitie op van het Europees militair en strategisch landschap. Hier ligt zonder twijfel een kans om de Europese defensie weer vlot te trekken: efficiënter, coherenter en leesbaarder. De inzet is belangrijk in de context van de brexit en de Amerikaanse president Donald Trump. Het Franse voorstel voor een partnerschap vormt in dit opzicht een mijlpaal en een opportuniteit.

Delen

Vervanging F-16's: waarom Vandeput het Franse aanbod ernstig moet overwegen

Nu Frankrijk en Duitsland zoeken om de Europese samenwerking op defensievlak nieuw leven in te blazen door ze naar andere landen uit te breiden (Italië en Spanje) zou het Franse aanbod - dat ook voor Luxemburg zou kunnen open staan - een unieke gelegenheid kunnen vormen om aan die relance deel te nemen. Voor alle duidelijkheid: ik zie de Europese defensie die ik wens, als complementair aan de NAVO en niet als een vorm van concurrentie. Het gaat om onze gemeenschappelijke veiligheid. In die optiek past onze samenwerking.

De kosten delen, samen aan vorming doen en synergiën op alle domeinen zoeken is op vlak van defensie de meest efficiënte weg. We moeten onze middelen beter besteden, niet meer uitgeven. Zo kunnen we aantal sociale prioriteiten invullen die aansluiten bij de noden van deze tijd en de uitdagingen voor de toekomst, zoals de strijd tegen armoede. Armoede is overigens vaak op internationaal vlak net een bron van onveiligheid en instabiliteit.

Er vallen dan ook vragen te stellen bij de noodzaak voor ons land om zo'n talrijke vloot aan gevechtsvliegtuigen aan te kopen. Zou het niet wijzer zijn om ons vastberaden in te schrijven in een stevige Europese aanpak met integratie en samenwerking als hoekstenen? Dat hebben we in de regering-Verhofstadt gedaan bij de vervanging van de C-130 Hercules-toestellen door te kiezen voor een Europees project, de Airbus A400 Atlas.

Die aanpak is op dit ogenblik des te pertinenter, nu klassieke conflicten steeds meer terrein verliezen tegenover asymmetrische oorlogen et strijd tegen terrorisme. Moeten we ons immers niet veel meer toespitsen op conflictpreventie, inlichtingen en de strijd tegen alle vormen van trafieken (drugs-, wapen- en mensenhandel), die heel vaak via maritieme weg gaan? Daar ligt misschien de toekomst. Beter elektronisch uitgeruste inlichtingsdiensten en investeren in gewapende drones zullen wellicht de klassieke gevechtsvliegtuigen in de toekomst naar de achtergrond verwijzen.

Het ambitieuze partnerschap dat Frankrijk ons voorstelt, biedt uitzonderlijke kansen aan onze bedrijven, nieuwe perspectieven voor de tewerkstelling in onze contreien. Bovendien zou zo'n samenwerking de strategische autonomie van Europa tegenover de Verenigde Staten binnen de NAVO versterken.

De federale regering moet het algemeen belang van België en van alle regio's tot inzet van haar politiek maken. Daarnaast is het van het grootste belang dat onze regering werkt aan het versterken van Europa in alle dimensies, door concrete acties en niet enkel in bevlogen toespraken.

Onze partners