Vrije Tribune
Vrije Tribune
Knack.be geeft hier een forum aan columnisten en gastbloggers
Opinie

04/09/15 om 11:21 - Bijgewerkt om 11:21

'U staat steeds vaker in de file: hoog tijd voor realisatie van missing links op Vlaams wegennet'

'Files mogen dan wel een goede graadmeter zijn voor de economische activiteit, op termijn zijn ze nefast voor de economie', schrijven Annick De Ridder, Inez De Coninck en Cieltje Van Achter van N-VA. Ze pleiten voor een versterkte samenwerking tussen de verschillende overheden.

'U staat steeds vaker in de file: hoog tijd voor realisatie van missing links op Vlaams wegennet'

© Belga

Het nieuwe onderzoek van het Amerikaanse verkeersinformatiebedrijf Inrix drukte ons nog eens met de neus op de feiten. België blijft de filekampioen van Noord-Amerika en Europa, met Brussel en Antwerpen afgetekend in de top vijf. Niet echt een podiumplaats om trots op te zijn.

We rijden ons vast

Cynici zullen dat een goede zaak vinden. Meer files betekent immers dat we weer aanknopen met economische groei. In 2014 steeg het verkeersvolume op de weg met 2 à 3% tegenover 2013, bij een groei van 1,1%. Niet onlogisch dus dat files toenemen. Nu de vakantiemaanden achter ons liggen, zijn ze alweer een dagelijkse beproeving voor de vele pendelaars.

Delen

'U staat steeds vaker in de file: hoog tijd voor realisatie van missing links op Vlaams wegennet'

Files mogen dan wel een goede graadmeter zijn voor de economische activiteit, op termijn zijn ze nefast voor de economie. Steden die steeds moeilijker bereikbaar zijn voor werknemers en bedrijven zijn een pak minder interessant. Uit onderzoek van SD Worx blijkt dat 90% van de Belgische bedrijven klaagt over moeilijke bereikbaarheid. Bijna de helft (46%) zegt moeilijk bereikbaar te zijn met de auto vanwege files. In Brussel is dat zelfs 75%. Voor bedrijven met een problematische ontsluiting is een verhuizing een niet ondenkbeeldige stap. De OESO becijferde eerder dat de files ons land dagelijks maar liefst 1 miljoen euro kosten, dat zijn dus honderden miljoenen euro's per jaar.

Delen

'Verplaatsingen op de weg zijn een belangrijke hoeksteen van ons mobiliteitssysteem. In de toekomst zal dit niet anders zijn.'

Dat het fileprobleem aangepakt dient te worden is zonneklaar. We moeten erop toezien dat we de economie draaiende houden en de groei stimuleren, terwijl we tegelijkertijd de nadelige effecten op onze leefomgeving beperken.

Een belangrijk vertrekpunt is dat de verplaatsingen over de weg een belangrijke hoeksteen vormen van ons mobiliteitssysteem. In de toekomst zal dit niet anders zijn. Binnen die optiek blijven gerichte, congestieverlichtende investeringen en de realisatie van belangrijke missing links op ons Vlaamse wegennet noodzakelijk (Oosterweel om er maar één te noemen). Ook een slimmere verkeerssturing met het oog op een betere benutting van de wegcapaciteit kan het probleem substantieel verlichten.

Overstap van de wagen naar andere vervoersmiddelen stimuleren

Maar uiteraard is er ruimte voor verschuiving. We moeten de overstap van de wagen naar andere vervoersmiddelen stimuleren. Nu is de Vlaming voor zijn / haar volledige traject vaak aangewezen op de wagen. Daarom willen wij met N-VA inzetten op ketenmobiliteit. Dit betekent dat je het de reizigers makkelijker maakt verschillende vervoersmiddelen (openbaar vervoer/wagen /fiets /...) te gebruiken tijdens één traject.

Dit doen we eerst en vooral door trein, tram, metro en bus beter op elkaar af te stemmen. Zo beperk je de totale reistijd, wat het openbaar vervoer voor de reiziger interessanter maakt. Vandaag zien we maar al te vaak de trein vertrekken net op het moment dat de bus aankomt. Ketenmobiliteit houdt ook in dat we de verschillende ticketsystemen integreren. Met één vervoersbewijs stapt een reiziger dan over van bijvoorbeeld de bus op de trein. We moeten goede mobiliteitsknooppunten uitbouwen met veilige fietsenstallingen en comfortabele parkings dicht bij onze woonkernen. Op die knooppunten moet de overstap van het ene op het andere vervoersmiddel vlot, veilig en comfortabel kunnen gebeuren.

Zo zien wij de toekomst van het openbaar vervoer. Niet langer óf de wagen, óf de fiets, óf trein/tram/metro/bus, maar een verstandig combibeleid.

Delen

'We moeten uitkomen bij een systeem waarbij verschillende vervoersmodi elkaar aanvullen en versterken'

Ook de transportsector en het vrachtvervoer vragen een zogeheten 'modal shift'. We moeten uitkomen bij een systeem waar de verschillende vervoersmodi (weg, spoor en binnenvaart) elkaar aanvullen en versterken. Voor het vrachtvervoer per spoor of waterweg blijft heel wat potentieel onbenut. Bovendien neemt neemt het aandeel vrachtwagens over de weg elk jaar sterker toe dan het aantal personenwagens. Het zal dan ook cruciaal zijn verder te investeren in onze water- en spoornetwerken. De Vlaamse regering trekt resoluut deze kaart, en investeert gericht in onze waterwegen. Maar even belangrijk is de aansluiting via spoor op de ons omliggende regio's. De ingebruikname van de IJzeren Rijn is een verdragsrechtelijk recht van de Vlamingen. Toch zijn we na vele jaren bakkeleien nog steeds in blijde verwachting van een definitieve doorbraak.

Delen

'De grote toename van investeringen in openbaar vervoer tijdens het laatste decennium hebben er niet toe geleid dat relatief meer mensen gebruik gingen maken van het openbaar vervoer.'

Wat het personenvervoer betreft heeft de grote toename van investeringen in openbaar vervoer tijdens het laatste decennium (op Vlaams niveau x3) er niet toe geleid dat relatief meer mensen gebruik gingen maken van het openbaar vervoer. Het aandeel van het openbaar vervoer in het totale verplaatsingsgedrag van de Vlaming bleef quasi status quo.

Om mensen de overstap te laten maken naar openbaar vervoer moeten de vervoersmaatschappijen (NMBS/De Lijn/MIVB/TEC) hun beleid afstemmen, eerder dan elkaar tegen te werken zoals in het verleden. Dienstregelingen van De Lijn moesten vaak halsoverkop worden aangepast aan last minute gewijzigde treinuren. Anderzijds werden buslijnen ingelegd op trajecten die al door de NMBS werden bediend. Zo concurreert De Lijn met de NMBS om reizigers, terwijl beide elkaar zouden moeten aanvullen. Ongetwijfeld met een modal shift tot gevolg, maar helaas niet de verhoopte.

Gegarandeerde dienstverlening en kostenefficiëntie

De vervoersmaatschappijen zelf moeten daarbij de dienstverlening aan de reiziger vooropstellen. Het te pas en te onpas lamleggen van het openbaar vervoer, waarbij de reiziger door een minderheid van werkonwilligen gegijzeld wordt, is onaanvaardbaar. Een gegarandeerde dienstverlening, waarbij minstens de pendelaars en schoolgaande jeugd op spitsuren vervoerd kunnen worden, lijkt ons een minimum minimorum, zonder dat dit het stakingsrecht uitholt.

Daarnaast zal het zaak zijn om het openbaar vervoer kostenefficiënter te organiseren. Het aanbod moet veel beter op de reële vraag worden afgestemd. In mensentaal: de bussen, trams, metro's en treinen moeten daar rijden waar de Vlaming en Brusselaar er gebruikt van maakt. Treinen vervoeren passagiers op de hoofdassen. Bussen, trams en metro bedienen het onderliggende net. Voor Brussel moet het gewestelijk expresnet (GEN) met snelle en frequente treinen zorgen voor een vlottere verbinding met de hoofdstad. Voor die gebieden waar amper iemand de bus pakt, moeten we alternatieven zoeken. Dit betekent niet: "de mensen hun bus afpakken" zoals men ter linkerzijde verongelijkt toetert.

Dit betekent: als goede huisvader het meest gepaste en kostenefficiënte vervoersmiddel zoeken. Zoals een betaalbare taxi op afroep bijvoorbeeld. Op Vlaams niveau gaat een 'mobiliteitsregisseur' in elke regio op zoek naar het best geschikte openbaar vervoersmiddel. We zien daarbij een belangrijke rol weggelegd voor innovatieve concepten, net als voor de taxisector zelf.

Voor een vlottrekken van onze mobiliteit zullen we de handen in elkaar moeten slaan. De verschillende overheden zullen moeten samenwerken om te investeren in een afgestemd netwerk van vervoer. Een netwerk dat ten dienste staat van de Vlaming en Brusselaar, zodat die op een betaalbare, betrouwbare en veilige manier op werk, school of sportclub geraakt.

(Annick De Ridder, Vlaams Volksvertegenwoordiger, Mobiliteit en Openbare Werken

Inez De Coninck, Federaal Volksvertegenwoordiger, NMBS

Cieltje Van Achter, Brussels Volksvertegenwoordiger, Mobiliteit en Openbare Werken)

Onze partners