Topmagistrate pleit voor fijnmaziger aanpak: 'De ene Syriëstrijder is de andere niet'

17/02/16 om 06:30 - Bijgewerkt om 09:01

De Belgische topmagistrate Michèle Coninsx, voorzitster van Eurojust, pleit in een interview met Knack voor een fijnmaziger aanpak van Syriëstrijders, door ze in te delen in groepen met een lage, gemiddelde of hoge risicofactor. 'Je kunt immers niet iederéén in de gaten houden.'

Topmagistrate pleit voor andere aanpak: 'Ene Syriëstrijder is andere niet'

Michèle Coninsx © Franky Verdickt

'Jihadi's die terugkomen, horen thuis in de gevangenis', zei premier Charles Michel toen hij na de Parijse aanslagen voor het eerst het parlement toesprak. In plaats van alle terugkeerders op te sluiten, pleit Michèle Coninsx echter voor een aanpak geval per geval.

'Wanneer jongeren totaal gedegouteerd en soms zelfs getraumatiseerd uit een conflictgebied terugkomen, absoluut geen terroristische intenties hebben en evenmin betrokken waren bij rekrutering of opleidingskampen, dan vormen die geen hoge graad van gevaar', aldus Coninsx. 'Wanneer die terugkeren, hebben ze vooral behoefte aan opvang en een begripvolle omkadering. Als die terugkeerders goed opgevangen worden, vormen ze ook een uitstekende ontrading voor andere jongeren.'

Tot de tweede categorie behoren terugkeerders die wellicht iets op hun kerfstok hebben, maar waarbij dat moeilijk te bewijzen is. Ten slotte zijn er nog de hardcore terugkeerders, de veteranen die destijds ook in Afghanistan of Irak vertoefden. Coninsx: 'Met die personen mag je geen enkel risico nemen. Ze vragen alertheid.'

Lees het volledige interview met Michèle Coninsx

Coninsx weet waarover ze spreekt: ze heeft twintig jaar ervaring in de strijd tegen terrorisme en is sinds 2012 voorzitster van Eurojust, het agentschap dat de coördinatie tussen de gerechtelijke diensten van EU-lidstaten moet verbeteren in de strijd tegen georganiseerde misdaad en terrorisme.

'IS gebruikt Bitcoins'

In het interview met Knack zegt Coninsx ook dat terroristen steeds meer digitale instrumenten gebruiken. 'Dat maakt de bewijsgaring veel moeilijker', aldus Coninsx. 'Vroeger werden wapens verkocht in ruil voor cash geld. Nu gebeurt dat met virtueel geld, bitcoins bijvoorbeeld, waar ook de IS gebruik van maakt. We hebben onlangs nog specialisten uitgenodigd om een beter inzicht te verwerven in hoe je bitcoins kunt detecteren en identificeren. Hoe kun je dat geld dan in beslag nemen? Het gaat om nieuwe fenomenen, en de lidstaten beschikken niet steeds over de nodige expertise ter zake.'

Onze partners