Els Silvrants-Barclay
Els Silvrants-Barclay
Coördinator bij Contemporary Art Heritage Flanders (CAHF)
Opinie

28/09/14 om 15:53 - Bijgewerkt om 16:53

Sois beau et tais-toi: cultuur als etalage

'De nieuwe regering had al in de zomer beslist dat zijn beleid geen baat zou hebben bij een progressieve cultuursector', zegt Els Silvrants-Barclay, van Contemporary Art Heritage Flanders (CAHF), in eigen naam. 'Kunst en cultuur dienen als uithangbord, als motor voor toerisme en diplomatie, en de rest komt na afbetaling van F-16's.'

Sois beau et tais-toi: cultuur als etalage

© Belga

Afgelopen dinsdag sijpelde de informatie door, en woensdag stond alles in de krant: dat wat de rekenmachine beslist had voor de culturele sector. Deze schoot meteen in de verdediging: over het maatschappelijk belang van cultuur, over de innovatieve kracht van de kunsten welja ook voor onze economie, over de misperceptie van een sector die leeft "op de poef" daar waar net met heel weinig middelen er dubbel zo veel worden opgehaald, over het symbolisch kapitaal van een museum dat ons erfgoed koestert voor de volgende generaties.

Het non-debat dat volgde, geeft aan wat een lezing van de besparingscijfers eigenlijk al bevestigt: dat de regering met deze besparingsronde politieke en ideologische keuzes heeft gemaakt, en dat een echte analyse van het veld niet eens aan de orde was. De steunpunten maakten begin deze maand een landschapstekening op, maar er was geen tijd om deze in het kader van de besparingen te bekijken.

De culturele sector verdedigt zich de afgelopen dagen op basis van zijn interne dynamiek, waar ook kleine en middelgrote organisaties een belangrijke rol spelen en vaak met bijzonder weinig middelen internationaal hoge ogen werpen. De nieuwe regering had echter al in de zomer beslist dat zijn beleid geen baat zou hebben bij een progressieve cultuursector en zou gaan voor kunst en cultuur "Flanders, State of the Art" als etalage. Kunst en cultuur geïnstrumentaliseerd als uithangbord, als beschavingsapparaat, als motor voor toerisme en diplomatie, en de rest als achterafje wanneer de F16's en ander meubilair van de angsteconomie afbetaald zijn.

Vorm in plaats van inhoud

Deze regering kiest voor zijn grote instellingen. Grote instellingen met sterk politiek verankerde besturen, als u begrijpt wat ik bedoel. Net als deze regering verwacht ook de rest van de cultuursector veel van deze "topambassadeurs" zoals de regeerbijdrage ze benoemt. Zij beschikken immers over een enorm symbolisch kapitaal. Hoe kunnen ze dit kapitaal echter inzetten voor de rest van de cultuursector? Welke samenwerkingen zetten ze op touw? Hoe verbinden ze zich lokaal en welke expertise delen ze? Hoe wegen zij op maatschappelijk debat en bepalen ze mee de agenda van de cultuursector? Wanneer doen zij publiek uitspraak voor "hun" veld? Wat de sector verwacht van deze instellingen lijkt echter fundamenteel verschillend van de rol die deze regering voor hen lijkt te voorzien. De regeerbijdrage maakt voorzichtig gewag van de nood tot samenwerking, maar gaat verder vooral voor de vorm, in plaats van de inhoud, en laat zich gewillig drijven op nostalgie voor de natiestaat. Sois beau et tais-toi. Of spreken de grote instellingen dan toch de komende dagen? Als zij zich niet willen laten instrumentaliseren, in ruil voor een of andere infrastructuursubsidie of een andere belofte, zal dit absoluut noodzakelijk zijn. Ook het kunsten- en erfgoedveld heeft nu nood aan "zijn" grote instellingen.

Rekenmachinepragmatiek

Ik betreur het dat deze regering en zijn nieuwe cultuurminister nu reeds de hakbijl hebben bovengehaald en bestaande engagementen hebben opengebroken zonder de tijd te nemen om de ecologie van deze cultuursector eerst grondig te bestuderen. Ze hadden er ook voor kunnen kiezen, in het licht van hun zelfverklaarde ambitie om transparant, rationeel en efficiënt aan politiek te willen doen, om deze keuzes geïnformeerd en weldoordacht te willen maken in het kader van de volgende subsidierondes. Zo merk ik op dat deze regering in zijn verklaringen de mond vol heeft van internationale zichtbaarheid, maar vervolgens laat men zich vangen aan het cliché dat groter per definitie zichtbaarder is. Dat schaalvergroting per definitie meer impact genereert. Een grondige lezing van het Vlaamse cultuurlandschap had nochtans mooi het tegendeel bewezen.

Men heeft zich integendeel zeer selectief laten informeren en cultuur op snelheid in het ideologisch keurslijf ingepast dat ook andere beleidsbeslissingen grotendeels heeft bepaald. Met deze besparingsronde toont de regering dat zijn zogenaamde rekenmachinepragmatiek dus even ideologisch gekleurd en politiek gemotiveerd is als de oude politieke cultuur die zij nochtans zo hard hekelt.

Lees meer over:

Onze partners