Moslim en homo: elke dag een beetje meer tolerantie

05/07/12 om 12:24 - Bijgewerkt om 12:24

"Homofobie bij moslimjongeren daalt wel degelijk", reageert Saïd Al Nasser van de Brusselse LGBT-organisatie Merhaba op het onderzoek van de KUL.

Moslim en homo: elke dag een beetje meer tolerantie

© Reuters

Volgens het onderzoek van de Katholieke Universiteit Leuven (KUL) geeft 1 op 5 moslimjongeren aan homoseksuelen te willen vermijden. "Enkel nadruk leggen op die parameter geeft een vertekend beeld van de realiteit", vindt Saïd Al Nasser, een van de oprichters van de Brusselse LGBT (Lesbian, Gay, Bisexual and Transgender)-organisatie Merhaba en zelf homo. De belangrijkste conclusie die volgens hem getrokken kan worden uit het onderzoek is dat homofobie in het algemeen wel degelijk afneemt bij moslimjongeren.

Saïd Al Nasser: 'Nood aan totaalbeeld'

Dat ene resultaat - een op vijf moslimjongeren weigert contact met holebi's - is opvallend. Vooral de stijging - bijna 2% - van het aantal jongeren dat die houding aangaf, geeft reden tot nadenken. Al Nasser spreekt het resultaat niet tegen, maar roept wel op tot nuancering. "Als ondanks dat resultaat, het totaalbeeld aangeeft dat homofobie bij moslimjongeren daalt, dan moeten de andere parameters duidelijk wel verbeterd zijn", zegt hij. "Het is niet correct juist die parameter uit te vergroten, terwijl het totaalbeeld positief is."

In het werkveld merkt Al Nasser die positieve trend alvast. "Er is steeds meer bereidheid vanuit de allochtone gemeenschap om de dialoog aan te gaan", zegt hij. "Enkele jaren geleden kwam nog geen enkele moslimorganisatie naar onze debatten of conferenties, nu wel." Hij geeft ook aan dat ondertussen verschillende allochtone koepels actief samenwerken met Merhaba.

Saïd Al Nasser: 'Te veel nadruk op religie'

Al Nasser is ook van mening dat er al te vaak enkel tussen islam en homofobie de link gelegd wordt. Er is volgens hem zeker een verband tussen religie en een negatieve houding tegenover homoseksuelen, maar "dat geldt dan ook voor de katholieken." Religie is een parameter, terwijl het maatschappelijke debat veel ruimer is dan enkel een godsdienst. Bovendien vindt Al Nasser het ook niet correct dat de maatschappij het over moslimjongeren heeft als een homogeen blok. "De allochtone gemeenschap is een som van individuen en er is niet één soort moslim", preciseert hij.

Wat het onderzoek niet vertelt, is hoe de joodse en de protestantse gemeenschap tegenover holebi's staan. "Die groepen waren te weinig vertegenwoordigd in de steekproef van het onderzoek", legt Ruth Dassonneville, een doctoraatstudente aan de KUL die meewerkte aan het onderzoek, uit. "Bijgevolg kon de studie geen conclusies formuleren over die godsdiensten." Dit gebrek aan gegevens over de twee religies doet het onderzoek natuurlijk aan waarde inboeten.

Saïd Al Nasser: 'Discriminatie in haar geheel aanpakken'

Volgens Al Nasser is er dus al een positieve evolutie bezig binnen de allochtone gemeenschap, al is het met kleine pasjes. "We moeten vooral de dialoog blijven aangaan en openheid blijven creëren", zegt hij. "De moslimjongeren nu in de verdediging duwen, is geen oplossing." Hij pleit ook om de discriminatie in haar totaliteit aan te pakken, zoals discriminatie van vrouwen, van werknemers en van holebi's.

Momenteel zitten de moslimjongeren gevangen in een vicieuze cirkel. "Als reactie op de discriminatie die ze zelf ervaren, klampen ze zich vast aan hun eigen identiteit", legt Al Nasser uit. "Elke soort discriminatie moet hard aangepakt worden, pas dan doorbreken we die vicieuze cirkel."

Preventie is de basis voor een verdere afname van homofobie. "Anders blijft discriminatie leiden tot verrotting van de maatschappij, tot die uiteindelijk onleefbaar is voor iedereen", besluit Al Nasser. (GM)

Merhaba begon vorige maand aan haar nieuwe campagne tegen alle soorten discriminatie: 'Discriminatie: je weet waar het begint, maar niet waar het eindigt'.

Meer informatie over de organisatie:

Merhaba vzw / asbl Kolenmarktstraat 42

1000 Brussel

www.merhaba.be

Onze partners