Bieke Verlinden (SP.A)
Bieke Verlinden (SP.A)
SP.A-Schepen van Sociale Zaken, Werk en Studentenzaken in Leuven
Opinie

18/12/14 om 14:55 - Bijgewerkt om 14:54

'Is er altijd een verband tussen hard werken en veel verdienen?'

'Het is misschien verrassend voor iemand als mevrouw Rutten, maar vele gezinnen uit de middenklasse leven slechts drie loonstrookjes verwijderd van de totale afgrond', SP.A-Schepen Bieke Verlinden hekelt de besparingen op kinderopvang. 'De kwetsbaren draaien op om de rest te ontzien.'

'Is er altijd een verband tussen hard werken en veel verdienen?'

© .

Terwijl de regering haar besparingen voorstelt als enige redmiddel om de toekomst van ons allen te verzekeren, ondergraaft ze in eenzelfde beweging de kansen voor velen van de huidige generatie. Daarbij wordt heel selectief te werk gegaan, zo bewees Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten opnieuw in De Tijd. Sussend en overtuigd van de goede zaak verkondigde ze dat 'alleen voor de allerlaagste inkomens kinderopvang duurder zal worden.' Haar motivatie: '1 euro betalen per dag voor kinderopvang is toch niet meer realistisch in deze tijd'.

Het laagste tarief bedraagt in werkelijkheid 1,56 euro en niet 1 euro. Het is een detail dat Rutten misschien ontgaat, maar niet de mensen die dit bedrag ophoesten. Per maand betekent het verschil 11 euro. Voor heel veel mensen is dat geen schamel bedrag.

Realiteit

Laten we naar de cijfers kijken. Staat de liberale leading lady er voldoende bij stil dat er alleenstaande ouders zijn die keihard - en bovendien voltijds - werken voor 1.250 euro netto per maand? Papa's en/of mama's die, in combinatie met een kinderbijslag van 106 euro, dus moeten rondkomen met 1.356 euro per maand. Kleine families die 400 euro overhouden om van te leven. U leest het goed, om van te leven. Want dat is wat overblijft na aftrek van het huurgeld (reken maar op een minimum van 650 euro) en de facturen van gas, elektriciteit, water, telefonie, internet en vaste kosten aan familiale en brandverzekering. Die som moet dus dienen voor de aankoop van eten, waspoeder, maandverband en af en toe een nieuw paar schoenen of een warme muts. In een maand van 31 dagen betekent dat een dagbudget van 13,09 euro. Voor die groep is die 1,56 euro weldegelijk een grote kost, want na een maand bijna een dagbudget.

Om deze groep de toegang tot kinderopvang te bieden, werden die laagste tarieven nu net in het leven geroepen. Die worden nu, omdat sommigen ze niet 'realistisch' vinden, opgetrokken naar 5 euro per dag.

Bovendien ontgaat het dit beleid al even goed dat het voor veel andere ouders niet evident is om het hoofd boven water te houden. Zelfs zij die vandaag het hoogste tarief in de kinderopvang betalen, leven de laatste dagen van de maand vaak op wat er gelukkig nog in de diepvries zit. Het leven is duur en dat voelen we (bijna) allemaal. Maar waarom zoekt men de oplossing voor die financiële druk enkel in het optrekken van de laagste tarieven?

Nutteloze besparing

Als mevrouw Rutten deze verhoging verdedigt vanuit een besparingslogica, is de coherentie ver zoek. Dat je er met dergelijke maatregelen niet naast kunt kijken dat de meest kwetsbaren opdraaien om de rest te ontzien, is daarenboven niet alles. Heeft iemand zich al afgevraagd wat die fameuze besparing eigenlijk oplevert? Een habbekrats natuurlijk, peanuts in verhouding tot het totale kostenplaatje voor kinderopvang. De dooddoener is steeds dat er hard bespaard moet worden voor de toekomst van onze kinderen. De vraag is: zo hard zelfs dat kinderopvang voor de allerlaagste inkomens echt onbetaalbaar zal worden? Voor een regering die prat gaat op haar 'efficiëntiewinsten' is deze maatregel een slag in het water.

Is het dan zo vreemd dat je gaat vermoeden dat er een perverse logica schuilt in dit soort ingrepen? Dat het beleid kinderopvang enkel toegankelijk wil maken voor zij die het kunnen betalen? Dat is niet alleen onrechtvaardig, maar kost de maatschappij op termijn ook gigantisch veel geld. Iedereen weet dat investeren in kinderopvang op alle vlakken rendeert. Bijna iedereen.

Harder werken

Met deze en andere maatregelen brengt de regering slechts één boodschap: iedereen moet wat harder werken en bijdragen tot de inspanningen. Alsof er een vanzelfsprekende correlatie bestaat tussen hard werken en veel verdienen. Wat doe je dan met de groeiende groep van de 'working poor': zij die elke dag keihard werken, geen belastingen kunnen ontwijken en heel hun leven gevangen zitten in een kader waarin 2.000 euro het maximum is dat ze ooit maandelijks op hun rekening zullen gestort krijgen?

Zij klagen niet en koesteren enkel realistische dromen. Maar het is wel deze groep die het hardst getroffen wordt door de besparingsfactuur. Het zijn diezelfde mensen die het openbaar vervoer gebruiken en ook daar de besparing moeten ophoesten, terwijl anderen geen cent extra moeten uitgeven voor het gebruik van hun bedrijfswagen. Dat de overheid 4,1 miljard euro subsidies geeft aan bedrijfswagens en het openbaar vervoer het moet stellen met 2,4 miljard euro, verergert dus niet alleen het fileprobleem, het zorgt ook voor een verdere verarming van diegenen die het al niet breed hebben.

Het is misschien verrassend voor iemand als mevrouw Rutten, maar vele gezinnen uit de middenklasse leven slechts drie loonstrookjes verwijderd van de totale afgrond. En het enige waar de regering hen mee wil sussen, is een (belasting)truc: de verrekening van de verhoging van de forfaitaire beroepskostenaftrek met het nettoloon in januari. Dat het regeerakkoord ook heel wat verminderingen van aftrekposten vermeldt (onder andere voor pensioensparen of de woonbonus), daar horen we niet veel over. Die truc, in combinatie met de verminderingen, doet het voordeel voor velen totaal verdampen. En dan moeten de rechtstreekse facturen van alle besparingen nog komen. Toch blijft de regering fier herhalen 'dat iedereen erop vooruit gaat, want de nettolonen zullen stijgen.'

Peperdure boemerang

De evolutie waarbij basisdienstverlening zoals kinderopvang als een luxe wordt beschouwd, is zorgwekkend. James Heckman, Nobelprijswinnaar Economie, heeft aangetoond dat investeren in de allerkleinsten 40 procent goedkoper is dan te moeten bijsturen in latere levensfases. Achteraf corrigeren vergt meer geld en levert minder op, met alle gevolgen van dien voor de maatschappij en de arbeidsmarkt. Het mag duidelijk zijn dat deze beslissing als een peperdure boemerang zal terugkomen.

Wil de overheid kinderopvang als een van haar belangrijkste kerntaken beschouwen, dan moet er fundamenteel gesleuteld worden aan het systeem. De tarieven moeten eenvoudiger en meer op maat van alle gebruikers. Maar daar heeft de regering geen oren naar. Ze gaat de discussie uit de weg door zich te verstoppen achter besparingen die stoer klinken, maar in werkelijkheid kwetsbare mensen raken en zo goed als niets opleveren.

Onze partners