Fouad Gandoul
Fouad Gandoul
Politicoloog, secretaris van Empowering Belgian Muslims vzw en regioverantwoordelijke ACV-Limburg
Opinie

21/09/13 om 08:40 - Bijgewerkt om 14:00

'Hoog tijd dat vakbondsleiders werkelijkheid onder ogen durven zien'

Met het radicale voorstel om hoofddoeken te bannen in Brusselse openbare diensten lossen de betrokken vakbonden helemaal niets op, zeg secretaris Fouad Gandoul van Empowering Belgian Muslims vzw. Wel integendeel.

'Hoog tijd dat vakbondsleiders werkelijkheid onder ogen durven zien'

© Belga

E pluribus unum (vert. 'Uit velen één'). Het adagium van de Verenigde Staten zou ingekerfd moeten worden boven elke deur van vakbondsleiders in dit land om hen te herinneren aan hun maatschappelijke rol en vooral hun emancipatorische voorgeschiedenis. De toenemende diversiteit lijkt zelfs heel wat vakbondsleiders te verrassen en doet hen grijpen naar populistische pasklare antwoorden.

Met het radicale voorstel om hoofddoeken te bannen in Brusselse openbare diensten lossen de betrokken vakbonden helemaal niets op. Wel integendeel. Het dwingt onrechtstreeks tal van talentvolle jonge hoofddoekdragende dames om hun focus te verengen tot de privé-arbeidsmarkt waar de bereidheid om allochtoon talent aan te nemen beduidend lager ligt. Het dwingt hen tot een ongewilde marginalisering. Het kost onze maatschappij een schat aan potentieel en talenten. Een kostbaar potentieel waar we, gelet op de vergrijzing die hand in hand gaat met de toenemende diversifiëring, een hoge tol voor betalen indien het onbenut blijft omwille van instincten en fobieën. Het wordt echt hoog tijd dat de hoeders van de sociale vrede hun verantwoordelijkheid nemen en de werkelijkheid onder ogen durven zien. Er is geen ontkomen aan de toekomst. De essentie van leiderschap is vooruitzien en de toekomst van morgen vandaag voorbereiden. Die toekomst ziet er in Brussel bijzonder kosmopolitisch uit.

Volgens Frederic Vermeulen moeten vakbondsleiders de tijd nemen om eens rond te lopen in Londen en de diversiteit in de openbare sector daar gadeslaan als inspiratiebron. Ik onderschrijf zijn standpunt volledig. Voor de vakbondsleiders die geen tijd hebben om de British way of life te gaan ontdekken raad ik aan om eens een degelijk boek vast te pakken. Zo leert Francis Fukuyama ons dat vooral bij sociale groepen die lang gediscrimineerd zijn, de erkenning van hun culturele identiteit een belangrijke politieke eis wordt. Een proces dat nu bezig is in Brussel en Antwerpen. Daarnaast leert Thucydides ons dat een beschaving barbaarsheid kan onderdrukken, maar nooit kan uitwissen. Dus hoe geavanceerder een maatschappij in sociaal en economisch opzicht is, des te noodzakelijker het is dat haar leiders inzien dat ze feilbaar en kwetsbaar is. Het is de ultieme verdediging tegen rampspoed.

België bevindt zich tussen twee systemen die elkaar kruisen; het Angelsaksisch liberaal democratisch model dat open staat voor religie en dat de geloofsbeleving van het individu beschouwt als een primair recht en het Frans model dat, trouw aan diens revolutionaire traditie, de laïciteit hoog in het vaandel draagt en alle uitingen van geloof in de publieke sfeer beperkt. De hoofddoekaffaire is daar een mooi voorbeeld van. Getolereerd in Engeland verbannen in Frankrijk. Nochtans zijn beide landen bakermatten van de moderne democratie. De Belgische maatschappij heeft net als de rest van Europa de ideologische storm van mei '68 meegemaakt. Een begrijpelijke reactie tegen een maatschappij waar de grip van de katholieke kerk op de maatschappij verstikkend was, waar de druk van de clerus omnipresent was en waar onvrijheid van geweten een kwelling was voor niet-gelovigen. De erfenis van de Verlichting, de gewijzigde rol van de vrouw in de maatschappij, de wetenschappelijke vooruitgang en de invloed van het existentialisme als filosofische stroming versnelden de leegloop van de kerk. Baby en badwater moesten eraan geloven. Zoveel jaren later bevinden we ons in een maatschappij die in de omgekeerde zin in onevenwicht verkeert. Ik pleit daarom voor wat Jurgen Habermas zo eloquent de post-seculiere samenleving noemt waarin de culturele en religieuze diversiteit de burgermaatschappij constant vernieuwt en versterkt. Een maatschappijmodel waarin democratie meer dan ooit hoog in het vaandel wordt gedragen maar waar de vlag eindelijk ook de lading dekt.

Een laatste tip is het werk van de vermaarde Harvard socioloog Robert Putnam die stelde dat een samenleving veel makkelijker de voordelen van immigratie zal ondervinden en de uitdagingen overwinnen als het migratiebeleid focust op de reconstructie van de etnische identiteit van de burgers. Een belangrijk punt in dat verhaal is dus dat de godsdienst niet langer een sociale scheidslijn vormt, terwijl die wel belangrijk blijft voor de identiteit. Met andere woorden: je kunt de multiculturele uitdaging beter niet aangaan door allochtonen zoals autochtonen te maken, maar door te werken aan een nieuw en breder concept van 'WIJ'. Dat gebeurt allereerst door een tolerantie van verschillen die groeit door interactie op de werkvloer, in het onderwijs en in de vrijetijdsbesteding. De captains of society kunnen een belangrijke rol spelen in maatschappelijke vernieuwing door aan etnische sociale innovatie te doen.

Uiteindelijk is het in het belang van ons allen, en in dat van onze welvaartstaat in het bijzonder, dat we naar elkaar toegroeien in plaats van ons door menselijke instincten uit elkaar te laten uiteen drijven. Meer dan ooit moeten we leren uit velen één worden.

Lees meer over:

Onze partners