Maarten Boudry
Maarten Boudry
Wetenschapsfilosoof
Opinie

24/10/17 om 13:45 - Bijgewerkt om 14:50

'Als we de drijfveren van geweldplegers willen begrijpen, moeten we de mythe van het Kwaad verlaten'

'Mijn essay wordt hier gerecupereerd voor politieke doeleinden waar het helemaal niets mee te maken heeft', schrijft filosoof Maarten Boudry nu de discussie die begon met een vergelijking tussen het nazisme en het jihadisme ook de Franse krant Le Monde heeft bereikt.

'Als we de drijfveren van geweldplegers willen begrijpen, moeten we de mythe van het Kwaad verlaten'

© Thinkstock

Begin april dit jaar verscheen van mijn hand een Nederlands essay waarin ik de mythe van het 'zinloos geweld' doorprik. Geweld is zelden zinloos, zo betoogde ik, maar bijna altijd gedreven door rationele motieven en drijfveren. Geweldplegers slaan niet blind en willekeurig toe, en ze plegen niet zomaar geweld om het geweld zelf. Naarmate geweld 'zinvoller' is, wordt het zelfs gevaarlijker. Als iemand door ideologische waanbeelden wordt bevangen, kan hij met de beste bedoelingen gruweldaden plegen.

Delen

'Als we de drijfveren van geweldplegers willen begrijpen, moeten we de mythe van het Kwaad verlaten'

Maanden lang kraaide geen haan naar mijn essay. Maar toen ik in de nasleep van het geweld in de Amerikaanse stad Charlottesville een paragraaf via Twitter verspreidde, brak een storm van protest los, die nu zelfs de pagina's van Le Monde heeft gehaald. Ik werd beschuldigd van negationisme, geschiedvervalsing en vergoelijking van de Holocaust. Le Monde beschrijft mij als 'réputé proche de droite Trumpienne', en verwijst naar anonieme critici volgens wie mijn werkelijke bedoeling erin bestaat om de Vlaamse collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog te vergoelijken. Dat is twee keer van de pot gerukt: ik heb mijn hekel voor Trump al talloze malen laten blijken, en ik heb geen enkele affiniteit met het Vlaams nationalisme, laat staan met de schandvlek van de collaboratiebeweging. Mijn essay wordt hier gerecupereerd voor politieke doeleinden waar het helemaal niets mee te maken heeft.

Waarover gaat het dan wel? In de gewraakte passage leg ik een merkwaardig verschil bloot tussen de gruweldaden van het nazisme en het jihadisme. De Nazi's waren bijzonder discreet over hun gruweldaden, die ze omsluierden met allerlei eufemismen. De Holocaust was 'höchst geheime Reichssache', dus top secret. De fanatici van IS daarentegen pronken openlijk met hun gruweldaden, en verspreiden fraaie videomontages van hun massa-executies en folteringen via hun officiële mediakanaal. Dat is alsof de nazi-propagandaminister Joseph Goebbels een gestileerde en sadistische film van de gaskamers zou gedraaid hebben, om die vervolgens trots naar de Britse BBC te versturen. Dat is gewoon ondenkbaar.

Vanwaar dat verschil? Mijn hypothese wijst op een verschil in ideologische drijfveren. De ideologie van de Islamitische Staat is religieus en apocalyptisch: jihadisten geloven dat de wereld binnenkort zal vergaan. De bedoeling van hun exhibitionistische en extreme geweld is om een militaire confrontatie met de hele wereld uit te lokken, die volgens hen zal uitmonden in een apocalyptische eindstrijd nabij het dorpje Dabiq. Binnen die logica kan terreur als propaganda dienen. Bovendien bevat het jihadisme een directe ideologische motivatie tot foltering: ongelovigen zullen toch voor eeuwig geroosterd worden in de hel, door de "barmhartige" God. Waarom nog wachten? Waarom hen geen voorsmaakje geven?

Delen

Geweldplegers zijn niet intrinsieke boosaardig, maar menen vaak dat ze het goede doen.

Die ideologie verschilt van het nazisme. In tegenstelling tot IS, hadden de nazi's een toekomst hier op aarde om aan te denken: een Europa onder heerschappij van het nationaalsocialisme, en een vredesverdrag met het Verenigd Koninkrijk. De Nazi's wilden geen smet op het blazoen van hun Duizendjarige Rijk, en ze beseften dat er geen publiek draagvlak bestond voor systematische genocide. Binnen hun ideologie was de oplossing van de 'Judenfrage' een onplezierige maar noodzakelijke klus, die vooral snel en efficiënte wijze diende uitgevoerd te worden. Niets op mee te pronken, maar om discreet af te handelen.

Ook wat betreft dit inhoudelijke betoog slaat Le Monde de bal mis. Dat ik het jihadisme als het 'absolute kwaad' zou beschouwen, nog 'absoluter' dan het nazisme, is het exacte tegendeel van wat ik schrijf. Mijn essay doorprikt net de opvatting dat er iets als een absoluut Kwaad zou bestaan, en ik verwerp dat concept volledig. Geweldplegers zijn niet intrinsieke boosaardig, maar menen vaak dat ze het goede doen. De mythe van het Pure Kwaad, zoals de psycholoog Roy Baumeister ze noemt, wortelt in onze morele intuïties over daders en slachtoffers, maar ze verhindert inzicht in de motieven van geweldplegers.

Om een rangschikking van gruweldaden is het me helemaal niet te doen, en ik schrijf nergens dat het nazisme minder 'erg' is dan het jihadisme. Ik wil enkel de verschillen tussen beide ideologieën begrijpen. Zowel de gruweldaden van het nazisme als die van het jihadisme hebben een interne logica, en worden aangedreven door ideologische waanbeelden. Maar de ideologieën zijn niet identiek aan elkaar, en daarom inspireren ze verschillende vormen van geweldpleging, telkens 'zinvol' binnen het eigen denkkader. Als we die drijfveren van geweldplegers willen begrijpen, dan moeten we de mythe van het Kwaad verlaten. En een rationeel debat voeren.

Onze partners