23 landen akkoord met strengere begrotingsdiscipline

09/12/11 om 09:20 - Bijgewerkt om 09:20

(Belga) De zeventien landen van de eurozone en zes andere EU-lidstaten hebben een akkoord gesloten over een strengere begrotingsdiscipline. Op die manier hopen de staats- en regeringsleiders van de betrokken landen om de euro overeind te houden. Om de dringendste noden te ledigen, krijgen de crisislanden via het internationaal muntfonds (IMF) 200 miljard euro extra. Pogingen om een akkoord te sluiten met alle 27 lidstaten, strandden op te hoge Britse eisen.

Om de aanslepende schuldencrisis het hoofd te bieden zochten de staats- en regeringsleiders naar manieren om de financiële markten gerust te stellen. Frankrijk en Duitsland drongen er op aan om via een verdragswijziging strengere begrotingsregels op te leggen aan alle 27 EU-lidstaten. Maar Groot-Brittannië lag dwars. De Britse premier David Cameron eiste een uitzondering op de regels rond financiële regulering. De Britten vrezen voor een negatieve impact op hun financiële sector. Na een nacht onderhandelen besloten de eurolanden dan maar om een eigen akkoord te sluiten, waarbij andere EU-lidstaten zich zouden kunnen aansluiten. Zes landen doen dat meteen. Eurolanden die hun tekort niet onder de drie procent van het bbp houden, zullen daarvoor automatisch gestraft worden. Om een rem te zetten op verdere schuldopbouw, moeten ze een begrotingsevenwicht, een maximaal structureel begrotingstekort van 0,5%, in het eigen (grond-)wettelijk systeem inschrijven. Als extra verdediging tegen speculatie beslisten de eurolanden en andere EU-landen om 200 miljard euro extra middelen te pompen in het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Het muntfonds kan die middelen in noodlijdende eurolanden stoppen. Het Europese noodfonds moet midden 2012, een half jaar sneller dan voorzien, operationeel zijn. (MVL)

Onze partners