Maxim De Cuyper (KVC Westerlo): ‘Soms passeerde ik al eens in de drive-in bij McDonald’s’

Maxim De Cuyper: 'Ik heb vorige zomer aan Vincent Mannaert verteld dat ik nog een jaar eerste klasse nodig had vooraleer terug te keren naar Club Brugge. Hij gaf mij gelijk.’ © Getty
Matthias Stockmans
Matthias Stockmans Redacteur van Sport/Voetbalmagazine en Knack Focus.

Club Brugge wilde hem deze winter al vervroegd terughalen en Nacer Chadli ziet in hem zijn opvolger bij de Rode Duivels. Op zijn 22ste is Maxim De Cuyper, de flegmatieke linksback die drie jaar geleden zijn profdebuut maakte tegen Manchester United, helemaal aan de oppervlakte gekomen. Bij Westerlo leerde De Cuyper zich te verzorgen als een prof.

Maxim De Cuyper was, samen met zijn club KVC Westerlo, dit seizoen een van de revelaties in de Jupiler Pro League. Het jeugdproduct van Club Brugge speelt eigenlijk al twee jaar de pannen van het dak in de Kempen. Vorig seizoen was de door Club uitgeleende linksachter een belangrijke pion in de Westelse ploeg die promotie afdwong naar eerste klasse en het voorbije seizoen heeft hij ook op het hoogste Belgische niveau zijn meerwaarde bewezen met zijn offensieve bevliegingen, stijlvolle dribbels, afgemeten voorzetten en secure strafschoppen. Zo doopte voetbalcommentator Filip Joos hem ‘de João Cancelo van de Kempen’, naar analogie met de offensieve wingback van Bayern München.

Voor Westerlo is het seizoen ten einde: in play-off 2 spelen de Kemphanen alleen nog de rol van scherprechter, met zaterdag een thuiswedstrijd tegen Standard. Ook De Cuyper zelf mag al aan volgend seizoen beginnen te denken: in de zomer keert hij terug naar Club.

Je bent een echte kustjongen, geboren en getogen in Knokke. Wat doen de stille Kempen met een zeemens?

De Cuyper:‘Ik ben niet zo verknocht aan de zee, dat valt dus mee, maar ik mis wel de zomers aan de kust: veel te beleven, leuke beachbars…. Het leven hier in Westerlo is een pakske saaier. (lacht) Op de vrije momenten probeer ik zo vaak mogelijk terug te keren om vrienden en familie te zien. Maar al bij al verliep de aanpassing vrij vlot, mede geholpen door de aanwezigheid van heel wat Vlamingen in de ploeg. Lukas Van Eenoo bijvoorbeeld, ook een West-Vlaming en de patron van de ploeg, liet me meteen naast hem zitten in de kleedkamer. Tuur (Dierckx), Kyan (Vaesen), Lukas (Van Eenoo), Thomas (Van den Keybus),… dat zijn echt vrienden geworden. We wonen vlakbij elkaar en doen veel samen.’

Heb je nog veel vrienden buiten het voetbal?

De Cuyper: ‘Absoluut. De meeste zelfs, in Knokke. Ik vind het goed dat ik hen heb. Enerzijds omdat je tegen hen soms zaken kan vertellen die je misschien niet in de voetballerij vertelt. Anderzijds omdat ze mij telkens doen beseffen dat ik een bevoorrecht leven leid. Ik vind het wel jammer dat ik nooit van het echte studentenleven heb kunnen proeven, maar ik zou het niet willen inruilen.’

Westerlo is geen buitenland, maar het is voor jou de eerste keer op eigen benen proberen staan, weg van het ouderlijke huis, in een nieuwe club.

De Cuyper: ‘Ja, en dat was in het begin toch best lastig. Ik verzorgde mezelf niet zoals het moest, inzake voeding, op tijd gaan slapen, enzoverder… Toen ben ik even met mijn hoofd tegen de muur gelopen. Mijn pa had dat snel door, hij kent me goed genoeg, en wees mij op die plichten, want ik kan nogal nonchalant zijn op dat vlak. Ik vergat soms boodschappen te doen en dan passeer je al eens in de drive-in bij McDonald’s of steek je een pizza’tje in de oven. Thuis stond het eten altijd klaar, hè. Mijn prestaties in die eerste weken bij Westerlo waren niet slecht, maar ik kon beter. Na die interventie van mijn pa heb ik een klik gemaakt en was ik echt vertrokken.’

Waaraan zag je pa dan dat je je niet verzorgde?

De Cuyper: ‘Als je me niet kent, zal je het niet opmerken, maar als ik echt fit ben, zie je dat aan hoe ik beweeg op het veld. Ik herinner me nog haarfijn de wedstrijd op Beveren, we speelden als ploeg een erg sterke partij, maar ik liep er gewoon wat bij. Daar heeft mijn pa mij toch efkes op gewezen.’

Je hele familie is zeer Club-minded, je pa ook al levenslang abonnee bij Club. Kent hij iets van het spelletje?

De Cuyper: ‘Ja hoor. Hij heeft nooit op hoog niveau gevoetbald, maar wat hij zegt klopt toch vaak en komt bijna altijd overeen met de evaluatie van de trainers. Vroeger was het bij de jeugd van Club elk jaar afwachten of ik mocht blijven, zo evident was dat niet, maar mijn pa stelde me altijd gerust.’

Gegeerd profiel

Wat dacht je toen twee zomers geleden een uitleenbeurt naar Westerlo, in tweede klasse, ter sprake kwam?

De Cuyper: ‘Ik was naar Philippe Clement gestapt op het einde van de voorbereiding bij Club en vroeg zelf om een uitleenbeurt. Ik voelde dat ik weinig speelkansen zou krijgen dat jaar. Vlak voor afsluiten van de transferdeadline kwam Westerlo op de proppen en daar waren we meteen in mee. Een Vlaamse club -hetgeen ik toch belangrijk vond-, een ploeg die voor de titel wilde spelen in 1B, een competitie die ik al kende van bij Club NXT, en het gesprek met coach Jonas De Roeck gaf me een zeer positief gevoel. De manier waarop hij voetbal ziet en de plannen die hij met mij had, spraken mij aan. Ik wist dat ik in zijn systeem, met oprukkende vleugelbacks, veel kansen zou krijgen om mij te ontwikkelen.’

Had je het gevoel dat je als jeugdproduct van Club even weg moest om daar serieuzer genomen te worden door de clubleiding?

De Cuyper: ‘Als jeugdproduct is het soms moeilijker om je te manifesteren, ja, maar de voornaamste reden was toch dat ik voelde dat ik een bijkomende stap nodig had om mij te ontwikkelen. Bij Club NXT speelde ik in 1B in een ploeg die bijna elke week verloor, dat is niet ideaal, dan liever bij Westerlo waarvan ik wist dat ze -net als Club in 1A- bovenin het klassement mee zouden strijden.’

Kon je deze zomer terug of wilde je zelf nog een jaar bij Westerlo blijven?

De Cuyper: ‘Ik heb met Vincent (Mannaert, ceo van Club) gebeld en hij vroeg aan mij om eerlijk te zijn in hoe ik het zelf aanvoelde. Toen heb ik gezegd dat ik nog een jaar eerste klasse nodig had vooraleer terug te keren naar Club Brugge. Hij gaf mij gelijk. Deze winter kon ik ook terug, maar op dat moment leek het mij voor beide partijen toch best dat ik het seizoen bij Westerlo uitdeed.’

Straf hoe jij als jonge gast onverschrokken en onbevangen in die voetbalwereld staat. Het kan immers een keiharde business zijn. Meestal laten spelers hun makelaar zulke moeilijke gesprekken voeren met managers of trainers.

De Cuyper: ‘Eerlijk zijn duurt het langst, niet? Pas op, ik vind dat ook niet vanzelfsprekend om met Vincent te bellen, maar het hoort erbij. Ik denk dat mijn opvoeding daarin mee speelt. Ik probeer gewoon zoveel mogelijk te genieten van dit bestaan als profvoetballer, want dat is wellicht weer voorbij voor je het door hebt. Ik denk dat mijn voornaamste werkpunt eerder ligt in de discipline om als profsporter te leven naast het veld.’

Je werd samen met Thomas Van den Keybus, nog een talent uit de jeugd van Club Brugge, uitgeleend aan Westerlo. Hij heeft het lastiger om zich door te zetten. Ligt dat ook aan zijn eerder timide persoonlijkheid?

De Cuyper: ‘Dat kan. Ik ken Thomas al langer, hij twijfelt meer aan zichzelf dan ik doe. Al is hij daarin al geëvolueerd. Ik leef meer van dag tot dag en zie wel wat er komt.’

Jij hebt natuurlijk ook een zeer gegeerd profiel: de linksbacks liggen niet dik gezaaid.

De Cuyper: ‘Dat besef ik. Ik voel ook dat er als linksvoetige misschien wat meer mogelijkheden liggen in het profvoetbal. Het is aan mij om die zo goed mogelijk te benutten natuurlijk.’

Ben jij gevormd als linksachter?

De Cuyper: ‘Neen, ik was bij de jeugd eerst flankaanvaller, maar rond mijn veertiende hebben ze gezegd dat ik moest leren verdedigen. In het begin was dat tegen mijn zin, maar ik beschouw het nu als een zegen, linksachter is mijn positie. Ik besef dat ik als aanvaller de versnelling mis om op hoger niveau het verschil te maken. Gelukkig mag ik hier offensief wel mijn ding doen. Al heb ik ondertussen geleerd dat ik in de eerste plaats verdediger ben, daar moet dus mijn prioriteit liggen. Al wat ik erbij doe, is bonus.’

Je deelt soms de linkerflank met Nacer Chadli. Die heeft net als jij vaak de flank afgedweild, ook bij de Rode Duivels. Wat heb je al van hem opgepikt?

De Cuyper: ‘Wanneer ik met hem op de linkerflank speel, beschouw ik dat als een cadeau. Hij weet perfect hoe je het ritme van een wedstrijd mee bepaalt en voelt aan wanneer hij moet bijspringen achterin. Hij is net als ik offensief ingesteld, maar qua positiespel is hij top. En voor onze ploeg is hij superbelangrijk door zijn rust aan de bal, daardoor krijgen wij meer ademruimte.’

Hij ziet in jou Rode Duivels-materiaal.

De Cuyper: ‘In aanloop naar het WK in Qatar zei hij zelfs tegen mij dat hij liever zou hebben dat ik mee ging, dan hijzelf. Hij vindt alleen dat ik nog wat spiermassa moet bijwinnen, maar met een paar kilo’s meer ziet hij in mij inderdaad een international. Ik speel op een positie waar de opties niet zo uitgebreid zijn in België. Ik weet ook dat de nieuwe bondscoach graag pressing speelt, met veel dynamiek en energie, dat ligt mij wel denk ik.’

Debuut tegen Man U

De voorbije jaren haalde Club Brugge verschillende linksbacks in, denk aan Ricca, Sobol en Meijer. Wat denk jij op zulke momenten?

De Cuyper: ‘Ik begreep het wel, maar leuk is dat niet. Het zijn bijkomende concurrenten hè. Maar dan probeer je op training je best te doen om toch in beeld te komen bij de trainer. Soms, wanneer ik in vorm zat, had ik het gevoel dat ik onvoldoende mijn kans kreeg in wedstrijden.’

Philippe Clement liet je wel je debuut maken in de Europa League tegen het grote Manchester United. Je was net 19 geworden en startte in de basis.

De Cuyper: ‘Klopt. Ik zat toen in een goede flow en er liepen die week ook gesprekken over een contractverlenging. Ik herinner me nog dat nadat ik mijn handtekening had gezet, Clement me vertelde dat hij enkele dagen later misschien nog een verrassing in petto had voor mij. (grijnst) Dan loop je toch enkele dagen nerveus. Maar eens op het veld gleed dat van mij af. Ik stond toen tegenover Diogo Dalot en in de terugwedstrijd tegen Aaron Wan-Bissaka. Thuis deden we het erg goed en werd het 1-1, de terugwedstrijd was een ander verhaal, daar verloren we met 5-0. Dat Deli toen na een kwartiertje al rood kreeg voor hands hielp niet echt.’

Heb je veel geleerd uit die duels?

De Cuyper: ‘Het mooiste moment was de opwarming op Old Trafford, waarbij het uitvak al lang voor de wedstrijd helemaal vol zat met onze supporters. Toen het 4-0 stond en de match al gespeeld was, heb ik wel even rondgekeken, goed beseffende: Max, geniet hiervan, dit maak je misschien nooit meer mee. Puur sportief vond ik het niveau meevallen, zeker in die thuiswedstrijd waren we de evenknie. Ik merkte wel dat die mannen fysiek sterker waren en ook sneller dachten: ze wisten al wat te doen voor ze de bal kregen, daardoor lag hun tempo hoger. Achteraf kreeg ik wel een positieve evaluatie van de coach, maar toen brak de coronapandemie uit en was het verhaal gedaan voor mij. Ik zal dus nooit weten hoe het had gelopen indien die onderbreking er niet was gekomen.’

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content