Opinie

Jonathan Holslag

‘Taiwan is voor Chinese leiders heiliger dan Oekraïne voor Rusland’

Jonathan Holslag Politoloog en publicist.
Hier staat ingevoegde content die informatie op uw apparaat wil opslaan en/of openen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.
Klik hier om dit alsnog toe te laten

Sinds het bericht kwam dat Nancy Pelosi Taiwan zou bezoeken zwoer Peking hard te zullen reageren. Tijdens een twee uur durend telefoongesprek met de Amerikaanse president Joe Biden bevestigde zijn Chinese ambtgenoot Xi Jinping dat Amerika en Taiwan de gevolgen maar moesten dragen als de voorzitter van het Huis van Afgevaardigden op haar Aziëreis een tussenstop zou maken op het eiland. ‘Zij die met vuur spelen, zullen eraan ten onder gaan.’ Er bestaat geen twijfel over de vastberadenheid van de Chinese leiders: Taiwan is voor hen heiliger dan Oekraïne voor Rusland.

Op dit moment zijn er nog geen aanwijzingen dat China zich klaarmaakt voor oorlog. De voorbije dagen zijn er via sociale media beelden gedeeld van raketoefeningen en grote konvooien militaire voertuigen. Zulke oefeningen vinden wel vaker plaats, maar het is geleden van de jaren negentig dat er in de Chinese pers zo’n harde oorlogstaal gesproken wordt over Taiwan en de VS. De vraag blijft in welke mate China klaar is voor een militair antwoord, wetende dat een incident een groter conflict kan uitlokken.

Een van de praktische problemen in het geval van een bezoek van Pelosi, is dat China beperkte middelen heeft om het luchtruim ten oosten van Taiwan te domineren, boven de Stille Oceaan. Als Pelosi vanuit Singapore over de Zuid-Chinese Zee koers zou zetten naar Taiwan, kan China daar bijvoorbeeld het luchtruim sluiten voor grote oefeningen. Maar een vlucht naar Taiwan zou ook vanuit Japan via de Stille Oceaan kunnen verlopen. Daar heeft China een beperkte aanwezigheid. Chinese gevechtsvliegtuigen hebben in recente oefeningen getoond dat ze tot daar kunnen raken, maar ondanks de nieuwe tankvliegtuigen lukt dat maar in beperkte mate. Er ligt ook geen Chinees vliegdekschip in het gebied.

Het is geleden van de jaren negentig dat er in de Chinese pers zo’n harde oorlogstaal gesproken wordt over Taiwan en de VS.

Fundamenteel blijft er ook twijfel bestaan over China’s vermogen om de strijd met Taiwan en de Verenigde Staten te winnen. China heeft tegenover Taiwan een aanzienlijk voordeel op het gebied van raketten. Het heeft zo’n 1000 ballistische raketten en 1000 kruisraketten die zich doorgaans in de kustprovincies bevinden, terwijl de Taiwanese verdedigingscapaciteit op dat vlak voorlopig beperkt is. Maar die pakweg 2000 raketten zijn onvoldoende voor een grootschalig conflict. China heeft bij de start van een grote campagne dus ook behoefte aan gevechtsvliegtuigen en die zijn kwetsbaarder.

China heeft zo’n zes brigades mariniers, goed voor zo’n 36.000 manschappen, die in het geval van een conflict snel een bruggenhoofd moeten vestigen. Zij kunnen gebruikmaken van zo’n 90 grote landingsschepen. Ook dat is eerder bescheiden en het zou een hele uitdaging zijn om die manschappen met het huidige aantal marineschepen ter plaatse te brengen. Tijdens D-Day konden de geallieerden alleen al met hun grote landingsschepen, de zogenoemde LST’s, bijna vier keer zoveel soldaten vervoeren. In een groot conflict zal China dus veel burgerschepen moeten opvorderen.

Hoewel China zich nu ruim een halve eeuw voorbereidt op een ‘hereniging’ met Taiwan, blijft het worstelen met verschillende beperkingen. Vooral in het oosten heeft het voorlopig weinig middelen om het eiland in de tang te nemen. Zelfs in het westen, in de Straat van Taiwan, zou een invasie complex blijven. Maar motivatie en offerbereidheid zijn minstens even belangrijk als de capaciteit. De komende jaren zal China enorme inspanningen leveren om de machtsbalans in zijn voordeel te doen doorslaan, terwijl Taiwan en de VS dat zullen proberen tegen te gaan. In zo’n context zal de rivaliteit snel toenemen en daarmee ook het onderlinge wantrouwen, het nationalisme en het risico op incidenten.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content