Jean-Marie Dedecker (LDD)

‘Godsdienst of religie moeten onzichtbaar blijven waar de staat optreedt met de pretentie van neutraliteit’

‘Net zoals de overheid haar neutraliteit moet handhaven in haar omgang met haar burgers, moet dit ook gebeuren in het onderwijs’, schrijft Jean-Marie Dedecker, die parallellen ziet tussen de hoofddoek bij leerkrachten en de regenboogarmbanden op het WK Voetbal.

Afgelopen week deden twee lapjes stof heel wat stof opwaaien in de media: de regenboogarmband op een voetbalveld, en de hoofddoek in de klas. Voor heel wat moslims is het eerste haram en het tweede de vlag van de islam. Voor de westerse progressieven is het eerste (terecht) een onwrikbaar symbool en het tweede een vrij te dragen stukje textiel, staal zonder symboolwaarde. Ziedaar meteen al de intellectuele en religieuze schizofrenie.

De ayatollahs van de hoofddoek zijn daarom terug op oorlogspad, Terwijl hun zusters in Iran vermoord worden omdat ze van de hijab af willen, willen sommige godvrezende dwaallichten hier de hoofddoekensoera stimuleren tot in de kinderklasjes. Groot-Moefti van de hijabbrigade tegen de wuivende haarbos is een zekere Joël De Ceulaer. De Franse feministe Laurence Rossignol, voormalig Frans minister van Families, Jeugd en Vrouwenrechten typeert dergelijke journalistieke dhimmi’s als volgt : Er zijn natuurlijk vrouwen die er zelf voor kiezen. Maar er waren ook Amerikaanse negers die voor de slavernij waren’. Rode Jöel is onze eigen woke islamitische Oom Tom. Het gemak waarmee hij zijn hypocriete fatsoen tentoonspreidt is in wezen platte vileine provocatie. Het is de man die de hoofddoek als mascotte omarmt en als stokpaardje van zijn antiracismemantra berijdt om te spuwen op alles wat geurt naar Vlaamse identiteit.

Aanleiding voor de zoveelste hoofddoekencarrousel is deze keer ons nijpend lerarentekort. Als we de 300 leerkrachten die uit de lesklokalen gehaald worden om syndicaal afgevaardigde te worden, terug aan de lessenaar zouden zetten, is al een deel van het leed verzacht. Maar dit is te simpel. Het zou volgens de identiteitsdrammers ook opgelost kunnen worden door gesluierde moslimonderwijzeressen voor de klas te zetten. Maar net zoals de overheid haar neutraliteit moet handhaven in haar omgang met haar burgers, moet dit ook gebeuren in het onderwijs.

(Lees verder onder het artikel.)

De hoogste rechtsgeleerden hebben er zich al over gebogen. In de zaak van de lerares Dahlab versus Zwitserland bevestigde het Europees Hof voor de Rechten van de mens onlangs nog dat het verbieden van de hoofddoek voor de klas geen discriminatie is (laat staan racisme), dat het niet kan worden ontkend dat het dragen ervan een bekerend effect kan hebben, en dat het moeilijk met het principe van gendergelijkheid samengaat. De levensbeschouwelijke neutraliteit van de leraar is belangrijk in de opvoeding van jongeren tot autonome volwassenen. Religieuze symbolen hebben daarbij een vrijheid belemmerend effect en stellen de loyauteit van de leraar in vraag.

Hoe groot is de religieuze druk in een gesluierd hoofd om te kiezen tussen onderricht van Darwins evolutieleer en het onwetenschappelijk creationisme? Wie zijn religieus-ideologische overtuiging belangrijker vindt dan lesgeven hoeft eigenlijk niet voor de klas te staan. Het debat wordt steeds verengd tot het zogezegd fnuiken van de identiteitsbeleving van moslima’s. Maar wat zou het lot zijn van een jood met een keppeltje en pijpenkrullen, of een boeddhist in rode pij als hij voor een klasje stond in een gemeenteschooltje in Molenbeek. Het recht op achterlijkheid is voor sommigen hardnekkiger dan het grondwettelijk recht op gelijkheid.

Met de hoofddoek-discussie in de klas gaat het in wezen om het zoveelste uitdagend religieus statement, en om het provocerend aftasten van de tolerantiedrempel tussen de verschillende culturen in onze maatschappij. De strijd van de gelovige radicaliserende moslim die de religie niet langer als een privézaak ziet, maar alle terreinen van het sociale leven tracht te veroveren, het onderwijs incluis. De lerares als rolmodel voor de bekering van onschuldige kinderzieltjes.

Dat Lieven Boeve – katholieke onderwijsgoeroe naast God – in het hoofddoekendebat een graantje tracht mee te pikken van de opleving van de islam terwijl zijn eigen kerk leegloopt, hoeft historisch gezien niemand te verwonderen. De hoofddoek is voor de CD&V zelfs een vorm van “inclusieve neutraliteit”, wat dit ook moge betekenen. Niet alleen de islam heeft immers een geschiedenis van discriminatie van de vrouw. Alle drie de woestijngodsdiensten zijn al eeuwenlang in hetzelfde bedje ziek. De katholieke kerk had in de misogyne Middeleeuwen bijvoorbeeld een even bedenkelijke relatie met de vrouw. Ze deed er zelfs tot aan de Synode in het Bourgondische Mâcon in 585 over om haar een ziel toe te kennen. In 1330 schreef de Franciscaan Alvaro Pelayo op verzoek van paus Johannes XXII nog een essay waarin hij 102 gebreken van de vrouw belichtte. Vandaag is een vrouw nog altijd niet vroom genoeg om priesteres te worden. Maar in tegenstelling tot de islam is het katholicisme meer dan 200 jaar geleden al door de Verlichting gegaan. De laïcisering en secularisering werd op het einde van de achttiende eeuw al in onze contreien ingezet. Keizerkoster Jozef II zag het geloof reeds als een private zaak en niet als die van de staat. De burger heeft verder vanaf 1960 de onderpastoor langs de achterdeur naar buiten gewerkt. Linkse moslimknuffelaars, die verdronken zijn in het bad van politiek correcte zelfverloochening, trachten nu onophoudelijk de imam via de voordeur terug binnen te loodsen in onze huizen  en de hoofddoek in onze klasjes.

Groen en Ecolo zijn met stip de knuffelpartijen van de islam. Ze steken daarbij de socialisten naar de kroon die al een paar decennia lang zijn blijven steken in inclusiviteitsgewauwel en identiteitsdenken ten koste van de werkende klasse. Vooruit-praeses Conner Rousseau pleitte vorig jaar voor verbod op de hoofddoek voor meisjes onder de 16 jaar om hen te beschermen tegen de groepsdruk, maar vindt de lerarenhoofddoek nu plots geen vorm van indoctrinatie mee. Socialistische tjevenstreken.

(Lees verder onder het artikel.)

De diversiteitskoorts van de groene progressieven is grotesk. De hoofddoek dragende allochtone vrouw wordt vertroeteld als een diversiteitspop. Om de politieke goodwill van het islamitisch surrogaatproletariaat te winnen vegen de linkse partijen onderwerpen als seksueel geweld, genderdiscriminatie en vrouwenhumiliëring in immigrantengemeenschappen van tafel. Kille electorale berekening.

Zo zag extreem-links in de migratiecrisis nog een kans om het kapitalisme een dreun te geven, een instrument in haar plan van wereldwijde bevrijding. De dhimmi’s die geloven in een Europese minder radicale vorm van de islam dwalen. Moslimfeministe Seyran Ates, auteur van het boek Der Islam braucht eine sexuelle Revolution, richtte in 2017 Berlijn een liberale moskee op waar vrouwen samen met mannen mogen bidden. Ze diende daarna dag en nacht bewaakt te worden. Ze kreeg een fatwa van het islamitisch onderzoekscentrum Dar al-Ifta al Misriyyah in Egypte, van de Al-Azhar universiteit in Caïro en van de Turkse Diyanet (Erdogans directoraat voor godsdienstzaken) want “er is niets wat religie meer corrumpeert en te gronde richt dan gemengd bidden” en “ een man kan zich in de nabijheid van een vrouw niet op God concentreren, hij kan dan alleen aan seks denken”. Erdogan heeft het jaarbudget van de Dyanet onder zijn bewind al eerder verhoogd met 320 miljoen tot 1,6 miljard euro. Zolang de westerse feministen ervan overtuigd zijn dat het opleggen van onze waarden aan de islamitische wereld een vorm van kolonialisme is, wordt hun eigen emancipatie ondermijnd.

Godsdienst of religie moeten onzichtbaar blijven waar de staat optreedt met de pretentie van neutraliteit. Met de multiculturele samenleving is ook de multireligieuze samenleving binnen geslopen. Deze kan enkel gedijen in een religieus neutrale staat. Als tolerantie betekent dat je het water van de dwaasheid bij de wijn van de wijsheid moet voegen is de rede zoek.

Maar bij de baard van de profeet, of het nu om een hoofddoek gaat in de klas of een regenboog-aanvoerdersband op een voetbalveld, de westerse dhimmi’s gaan altijd plat op hun buik  voor de discriminerende nukken van de ayatollahs van een middeleeuwse woestijngodsdienst.

Partner Content