Jean-Marie Dedecker (LDD)

‘De Lakense poppenkast heeft geen last van de inflatie’

‘Wie heeft nog zin in deze onzin’, vraagt Jean-Marie Dedecker. Hij staat stil bij de indexering van de dotaties voor het koningshuis, en de toegenomen levensduurte als gevolg van de inflatie en de energiecrisis.

Prins Laurent is gebelgd. Ali Mahmoud Hassan, voorzitter van de Libische Investeringsautoriteit beweert bedreigingen en chantageberichten ontvangen te hebben van ons koninklijk enfant terrible. Prins Woef bijt van zich af omdat hij nog 50 miljoen tegoed zou hebben uit de op 14 miljard euro begrootte roofschat van Moammar Khadaffi dat aangeslagen en opgeslagen in de bankkluizen van Euroclear ligt. De Lorre heeft met zijn groene vingers een boompje geplant in de Libische woestijn en is daarvoor nog niet betaald. Vandaar.

Onze prinselijke dierenvriend en boomknuffelaar hoeft nochtans niet aan de bedelstaf. Zijn jaarlijks zakgeld van 345.000 werd zopas nog geïndexeerd, samen met de 360.000 euro voor zijn zus Astrid en het pensioentje van 1.035.000 euro voor Albert en Paola. De Vlaamse, Waalse en federale ministers verzaakten collectief aan hun acht procent geïndexeerde loonsverhoging, maar zijn gul voor de Lakense Middeleeuwse poppenkast. Met een indexatie van 3,3 miljoen euro klokken ze nu af op 40.687.000 euro (de Civiele Lijst van 13,2 miljoen euro incluis). In onze bananenmonarchie, een La-La-Landje op steroïden, hopen al onze regenten immers op een zwaaimoment van de gekroonde handpoppen voor een ministerieel toetje of een adellijk lintje. Opgedirkte hofnarren met een haperend geheugen, het koninklijk koloniaal verleden indachtig. Prins Woef heeft wel een gat in zijn hand, maar zit er dus toch warmpjes bij in de energiebarre tijden. Volgens de pretletterbrigade van de pulpmedia tuiniert Lorre nu in een trui gebreid uit hondenhaar. Een cadeautje van ons onderdanig leibandvolkje. Het beperkt zich niet tot geitenwollen gereutel.

(Lees verder onder het artikel.)

De rest van de Saksen-Coburgjes is ook solidair met het gepeupel. Kroonprinses Elisabeth draagt nu niet alleen de oorbellen, maar ook de afdankertjes uit de garderobekast van haar Koninginmoeder Mathilde. Mama’s Louis Quatorze-meubel pulkt niet alleen uit van de Natancollecties, maar bevat ook boetekleden en afdragertjes van wijlen tante Fabi, zoals een blauw “hostiehoedje”, een relikwie van de Charismatische Beweging. Ze stond beeldig met dit snoepje, op staatsbezoek in Litouwen.

Maar wie heeft nog zin in die onzin? Het volk mort, Sire. Met 12,3% bereikt de inflatie het hoogste niveau in 50 jaar. De gewone gemiddelde spaarder, die al geleden had onder de financiële crisis en de negatieve rente, en die zijn spaardeposito’s nauwelijks vergoed zag aan 0,11%, ziet zijn resterend spaargeld nu verdampen aan het tempo van de inflatie. Wie overgestapt was naar aandelen op de beurs houdt nog tweederden van zijn inlegkapitaaltje over.

De voedselprijzen swingen de pan uit, en de energieprijzen verbranden ons salaris. De economische groei in het derde kwartaal klopt af op min 0,1% en de industriële productie vermindert met 10%. Onze handelsbalans is deficitair, interim arbeid daalt, tijdelijke werkloosheid boomt (Vlaams vloerproducent Unilin plaatste deze week nog 1.100 werknemers in TW), investeringen worden uitgesteld, en de netto-margevoet van de ondernemingen is volgens het Federaal Planbureau gedaald met 5%. Wie een eigen haard wil bouwen kijkt tegen een verhoging van de bouwgrondstoffenprijs aan van 27%. Onze absolute loonkosten liggen ondertussen terug 16% hoger dan in onze buurlanden, waardoor onze concurrentiekracht aangevreten wordt. Onze ambtenaren kregen al een viertal loonsverhogingen door de automatische indexering wegens die inflatie, maar in januari volgt die aanpassing nog voor meer dan één miljoen lonen in de privésector.

(Lees verder onder het artikel.)

Er bestaan nochtans een aantal middelen om de hollende inflatie en het vliegwiel van de loonspiraal af te zwakken. Vooreerst de indexering van de netto in plaats van de brutolonen. Aanvankelijk nog gepropageerd door de liberale Vivaldisten maar onmiddellijk afgeschoten door de linkse bellenblazers van Vooruit, de Parti Socialiste, Groen en Raouls communisten. Wat de werknemer in zijn loonzakje vindt is immers maar een derde van wat de werkgever moet ophoesten aan de overheid, van belastingen tot sociale lasten en vergoedingen. Door de niet-indexering van de belastingschalen tot begin volgend jaar passeert de staat dan nog eens extra aan de kassa. Met een eenmalige nettoloonindexering is de koopkracht van de werknemer beter af, en krijgen de ondernemingen financiële ademruimte, maar daar is moed voor nodig en politieke wil. De index is de koortsthermometer van de levensduurte. Maar laat die koortsopstoten nu hoofdzakelijk te wijten zijn aan één virus, de crimineel doorgeschoten energieprijzen die al lang over onze pijngrens heen zijn. Deze worden dan nog op een dubieuze manier opgeleukt in onze indexkorf. Het zijn immers de prijzen van de nieuwe energie- en elektriciteitscontracten die doorgerekend worden in dit mandje, terwijl niet iedereen daar last van heeft. Daarenboven rekenen de energieboeren dergelijke hoge prijzen en voorschotten aan om er zelf bankier mee te kunnen spelen en te speculeren op de gas- en elektriciteitsmarkt.

Volgens professor-econoom Koen Schoors moeten we daarom de energieprijzen niet meten met de prijzen van nieuwe contracten, maar met de prijzen die de mensen gemiddeld echt betalen. Door onze lonen sneller dan onze buurlanden aan te passen aan een overschatte inflatie creëren we een onnodige loonspiraal die onze concurrentiekracht aanvreet. We moeten daarom het effect van energieprijzen in de indexatie afvlakken met een eenvoudige en eerlijke hervorming. Maar in een verstard tweestromenland, waar de vakbonden zich nog altijd verschuilen in de loopgraven van de klassenstrijd, is elke hervorming onbespreekbaar. De kost van een staking is het geld dat anders door de werkenden verdiend zou zijn.

De centrale banken verlaagden jarenlang de rente. Ze overspoelden de financiële markten met vers gedrukt geld en enorme steunpakketten. Het idee ontstond dat geld en schulden gratis zijn, een free lunch. We vierden feest met monopolygeld en ondertussen werden de spaarders onteigend. De geschiedenis heeft geleerd dat de geldhoeveelheid verhogen per definitie inflatoir is. De klassieke methode om nu de rente te verhogen om de hollende inflatie te stoppen zou bij landen met een grote overheidsschuld – zoals onze bananenmonarchie – de pleuris doen uitbreken.

De toestand is hopeloos maar blijkbaar niet ernstig. Vivaldi speelt ondertussen voort als het kamerorkest op de Titanic. Terwijl het schip zinkt houdt het zich ledig met het verschuiven van de ligzetels op het dek. ‘We doen niets dat in de richting gaat van wat rechts Vlaanderen wil… Maar dat betekent niet dat we niets doen. Het geboorteverlof is verdubbeld, het minimumloon is gestegen en er is een kunstenaarsstatuut gecreëerd’, zei struisvogel PS-voorzitter Paul Magnette onlangs in De Tijd. Om hun zinkend schip nog maar drijvend te houden is een werkzaamheidsgraad van 80% vereist, maar deze barometer is in Wallonië zelfs gezakt tot onder de 65 procent. Vlaanderen presteert, Wallonië vegeteert.

Ons land is een transferunie gebaseerd op constante bail-outs van Franstalige overheden, betaald door het Vlaams leibandvolkje. Problemen worden verdronken in een consensus waardoor iedereen met bezwaren en frustraties achterblijft, deze gaan dan etteren tot stinkende wonden.

Partner Content