Opinie

Philippe Nys

‘Zal Hongarije opnieuw aansluiting vinden bij de liberale democratieën van het Westen?’

Philippe Nys Voorzitter van Jong VLD

Heel Europa zou de verkiezingen in Hongarije met grote aandacht moeten volgens, schrijft Philippe Nys, voorzitter van Jong VLD, die dit weekend afzakt naar Boedapest. ‘De huidige situatie belangt alles en iedereen aan die het liberalisme en de democratie een warm hart toedraagt.’

Dit weekend reizen we met Jong VLD enkele dagen af naar Boedapest. Op zondag 3 april staan de langverwachte Hongaarse parlementsverkiezingen voor de deur. Nu het voor Macron in Frankrijk een gewonnen race lijkt, zijn dit bij uitstek de belangrijkste verkiezingen in Europa dit jaar. Met 32 Jong VLD’ers zullen we er de komende dagen de campagne van de oppositie ondersteunen. Op de markten. In gesprekken met lokale burgemeesters. Op campagne met (Europese) parlementsleden. En vooral: met de mensen op straat.

Want dat is meer dan ooit cruciaal. Dit zijn historische tijden. Soms voel je het gewoon wanneer de geschiedenis kantelt. Het was voor mij een eerste keer intuïtief voelbaar toen ik als kind de televisiebeelden zag van de instortende Twin Towers. Net zoals het waarschijnlijk in 1989 voor iedereen duidelijk was dat een nieuw tijdsgewricht aan de horizon lonkte. Vandaag beleven we zonder overdrijven opnieuw zo’n moment. Met de grootste invasie op het Europees continent sinds de Tweede Wereldoorlog heeft Poetin de politieke kaarten definitief herschud.

Zal Hongarije opnieuw aansluiting vinden bij de liberale democratieën van het Westen?

Zo zien we dat we, dertig jaar na het optimisme van de Amerikaanse politicoloog Francis Fukuyama in zijn ‘The End of History’ – zowat het meest misbegrepen politiek werk van de laatste decennia -, de bestaande liberale wereldorde nooit vanzelfsprekend mogen vinden. Het is iets wat we voortdurend moeten verdedigen. Want meer en meer staat de vrije, democratische wereld onder druk.

Die problemen in liberale samenlevingen zijn niet gestart en zullen niet eindigen met Poetin. Op basis van cijfers van het Freedom House zien we dat het aantal liberale democratieën in de wereld al vijftien jaar systematisch daalt, nadat het daarvoor bijna vier decennia in de lift zat. Deze daling is niet alleen het gevolg van opkomende autoritaire staten zoals China en Rusland, maar ook door de opkomst van nationalisme en illiberalisme in gevestigde liberale democratieën zelf, zoals in de Verenigde Staten of Hongarije.

Niemand belichaamt dat beter dan Viktor Orbán. Na de val van de muur deed hij zijn intrede in de Hongaarse politiek als een overtuigde liberaal met pro-Europese opvattingen. Hij loodste Hongarije mee in de Europese Unie. Tolerantie, vrije media en respect voor liberale grondrechten waren onderdeel van zijn politiek discours.

Vergelijk dit met zijn beleid van de laatste tien jaar. Weinigen zijn zo succesvol geweest in het beknotten van de rechterlijke macht, het politiseren van rechters, het aan banden leggen van vrije media, het terugschroeven van holebi-rechten, het veranderen van de kiesregels en ga zo maar door. De liberaal werd de politicus die Hongarije propageerde als ‘illiberale staat’, als een samenleving van traditie en zuiverheid. Dat Poetin daarbij als referentiepunt gezien werd, als de zogenaamde sterke leider, heeft Orban vandaag minder graag gezegd dan bijvoorbeeld in februari, toen hij nog verzekerd werd van een goedkoop gascontract. Ook al stonden de Russische troepen al klaar voor de inval.

Toch mag ons dit niet moedeloos stemmen. Integendeel. De moedige Oekraïners laten ons vandaag zien dat vrijheid en democratie nog steeds idealen zijn waar mensen zich toe aangetrokken voelen, ja, zelfs voor willen sterven. Dit geloof is ook in de Hongaarse samenleving nog steeds aanwezig. Voor het eerst in twaalf jaar heeft Orbán écht electorale competitie. De oppositiepartijen hebben zich verenigd in een lijstverbond om samen de strijd aan te gaan. Door de gerrymandering, het versnijden van kiesdistricten en het wijzigen van de kiesregels, zal het waarschijnlijk moeilijk worden om Orbán van zijn meerderheid af te houden. Maar in de peilingen is het voor de eerste keer opnieuw een strijd zoals we die in 12 jaar niet meer gezien hebben.

Deze strijd zou heel Europa van dichtbij moeten volgen. Meer dan alleen Hongarije belangt ze alles en iedereen aan die het liberalisme en de democratie een warm hart toedraagt. Om het met de woorden van de ons pas ontvallen Madeleine Albright te zeggen: ‘Als regeringen in Europa en Amerika de opmars van het fascisme niet tegenhouden, wie dan wel?’

Als jonge liberalen kunnen we vandaag niet apathisch aan de kant staan. Dit is voor Hongarije het moment van de laatste kans. Zal men opnieuw aansluiting vinden bij de liberale democratieën van het Westen? Of glijdt men verder af in de richting van een autoritaire staat, naar het voorbeeld van Poetin? Dat is de vraag die de Hongaarse kiezers zullen moeten beantwoorden. Ik denk dat de mensen in Oekraïne het antwoord wel zouden weten.

Partner Content