Wouter Beke uren onder vuur over wantoestanden in de kinderopvang

Wouter Beke in februari 2022. © Belga

Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke heeft zich dinsdag in het Vlaams Parlement urenlang moeten verdedigen tegen forse kritiek op de wantoestanden in de kinderopvang.

Volgens de minister wordt er kordaat ingegrepen en zijn er in de week van 28 februari alleen al zes initiatieven aangepakt ‘waar er een rood knipperlicht was’. Maar zowel volgens de oppositie als volgens de eigen meerderheid is er (veel) meer nodig.

Drie uur lang vuurden parlementsleden van alle partijen in het Vlaamse halfrond kritische vragen af op minister Beke. Vragen over de wantoestanden bij ’t Sloeberhuisje in Mariakerke waar een baby is overleden na mishandeling. Vragen ook over een het feit dat een vrouw een kinderdagverblijf in Schoten mocht blijven uitbaten nadat ze veroordeeld was voor de mishandeling van kleine kinderen.

Wat het kinderdagverblijf in Schoten betreft, verwees minister Beke naar de uitspraak van de beroepsrechter. Die oordeelde dat de vrouw in kwestie nog wel deel mocht nemen aan de uitbating van het kinderdagverblijf, maar dat ze zelf geen rechtstreeks contact meer mocht hebben met de kinderen. ‘Ik vind die uitspraak ook onbegrijpelijk, maar we leven in een rechtsstaat’, merkte Beke op.

Volgens de CD&V-minister worden sinds het drama in ’t Sloeberhuisje alle problematische dossiers – in totaal een veertigtal dossiers – versneld opnieuw tegen het licht gehouden. ‘In de week van 28 februari werden 6 initiatieven met een rood knipperlicht onmiddellijk aangepakt. Het gaat om 1 schorsing uit voorzorg, 1 stopzetting uit eigen initiatief, 3 voornemens tot opheffing van de vergunning en 1 plan van aanpak dat loopt’, aldus Beke. ‘Dat zijn er evenveel als in heel 2020’, aldus Beke, die herhaalde dat hij tegen de zomer de resultaten van een audit naar de inspectie en handhaving verwacht.

Tergend trage opvolging

De kritiek op het antwoord van de minister was niet mals. ‘Hoe komt het dat dit niet eerder ernstig is genomen? Waarom moest er eerst een drama gebeuren?’, vraagt Vooruit-parlementslid Hannes Anaf zich af. Volgens Celia Groothedde (Groen) en Lise Vandecasteele (PVDA) ontbreekt het bij Beke aan een ‘sense of urgency’. Ook zij begrijpen niet waarom de minister niet eerder, bij vroeger verhalen over wantoestanden, heeft ingegrepen. Ook voor Ilse Malfroot (Vlaams Belang) voldeed de uitleg van de minister niet. Zij hekelt de ’tergend trage’ opvolging van probleemdossiers. ‘Hoeveel doden moeten er nog vallen voor er sneller wordt ingegrepen?’, aldus Malfroot.

Maar ook vanuit de eigen meerderheid klinkt er gemor. ‘In plaats van rustige vastheid is er meer actieve doortastendheid nodig’, zei N-VA-parlementslid Koen Daniëls. ‘De acties die u nu neemt en aankondigt hadden eerder al genomen moeten zijn’, aldus Daniëls. Ook Open Vld-parlementslid Freya Saeys begrijpt niet goed waarom het zo lang heeft moeten duren vooraleer de probleemdossiers worden doorgelicht. Zij vindt de beloofde audit ook onvoldoende en dringt aan op een ‘volledige doorlichting van Kind en Gezin’.

CD&V-parlementslid Katrien Schryvers richtte haar pijlen dan weer vooral op de bestaande procedures. Zo moet er volgens haar veel meer vanuit het voorzorgprincipe gehandeld worden (met preventieve schorsingen), moet het attest van goed gedrag en zeden bij het personeel en uitbaters in de kinderopvang herhaaldelijk en niet éénmalig worden opgevraagd en moet Kind en Gezin ook beter ingelicht worden door het gerecht. Momenteel wordt Kind en Gezin namelijk niet systematisch geïnformeerd wanneer een uitbater of personeelslid van een kinderdagverblijf wordt veroordeeld.

Partner Content