Uit een Amerikaans studie met muizen blijkt dat ons gedrag mogelijk wordt gedetermineerd door traumatische gebeurtenissen in vorige generaties. Dat meldt de Britse omroep BBC. Zulke gegevens worden opgeslagen in een genetisch geheugen.

Experimenten met muizen aan de Emory-universiteit in Atlanta tonen aan dat traumatische incidenten een invloed kunnen hebben op het DNA in sperma. Daardoor worden bij volgende generaties wijzigingen teweeggebracht in het gedrag en in de hersenstructuur.

Kersenbloesem

Uit een neurowetenschappelijke studie blijkt dat muizen hun aversie doorgeven aan hun nageslacht, wanneer ze worden getraind om bepaalde geuren te mijden. Een onderzoeksteam trainde muizen om de geur van kersenbloesem te vrezen. Daarna gingen wetenschappers na wat er met het sperma van de proefdieren gebeurde.

Hun resultaten tonen aan dat de DNA-sectie die de gevoeligheid voor kersenbloesemgeur veroorzaakt, daardoor actiever werd gemaakt in het muizensperma. De jongen van de muizen uit het experiment gingen de geur uit de weg, hoewel ze er tevoren nooit mee in aanraking waren gekomen. De neurowetenschappers troffen ook wijzigingen aan in de hersenstructuur van de dieren.

Angststoornissen

De resultaten van de studie zijn volgens experts nuttig voor de behandeling van angststoornissen. De wetenschappers zeggen dat hun resultaten belangrijk zijn in het onderzoek naar de invloed van omgevingsfactoren op de DNA-structuur van een individu en zijn nageslacht. (YD)

Uit een Amerikaans studie met muizen blijkt dat ons gedrag mogelijk wordt gedetermineerd door traumatische gebeurtenissen in vorige generaties. Dat meldt de Britse omroep BBC. Zulke gegevens worden opgeslagen in een genetisch geheugen.Experimenten met muizen aan de Emory-universiteit in Atlanta tonen aan dat traumatische incidenten een invloed kunnen hebben op het DNA in sperma. Daardoor worden bij volgende generaties wijzigingen teweeggebracht in het gedrag en in de hersenstructuur.Uit een neurowetenschappelijke studie blijkt dat muizen hun aversie doorgeven aan hun nageslacht, wanneer ze worden getraind om bepaalde geuren te mijden. Een onderzoeksteam trainde muizen om de geur van kersenbloesem te vrezen. Daarna gingen wetenschappers na wat er met het sperma van de proefdieren gebeurde.Hun resultaten tonen aan dat de DNA-sectie die de gevoeligheid voor kersenbloesemgeur veroorzaakt, daardoor actiever werd gemaakt in het muizensperma. De jongen van de muizen uit het experiment gingen de geur uit de weg, hoewel ze er tevoren nooit mee in aanraking waren gekomen. De neurowetenschappers troffen ook wijzigingen aan in de hersenstructuur van de dieren.De resultaten van de studie zijn volgens experts nuttig voor de behandeling van angststoornissen. De wetenschappers zeggen dat hun resultaten belangrijk zijn in het onderzoek naar de invloed van omgevingsfactoren op de DNA-structuur van een individu en zijn nageslacht. (YD)