De kans bestaat dat u aan "trypofobie" lijdt. Trypofobie is de angst en afkeer voor objecten met clusters van verschillende kleine gaatjes of scheurtjes zoals bijenkorven, sponzen en kopjes van lotuszaad. De fobie, genoemd naar het Griekse trypo voor 'perforeren of boren van gaten' en phóbos voor 'angst', wordt niet officieel erkend en is niet opgenomen in de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM), maar de angs...

De kans bestaat dat u aan "trypofobie" lijdt. Trypofobie is de angst en afkeer voor objecten met clusters van verschillende kleine gaatjes of scheurtjes zoals bijenkorven, sponzen en kopjes van lotuszaad. De fobie, genoemd naar het Griekse trypo voor 'perforeren of boren van gaten' en phóbos voor 'angst', wordt niet officieel erkend en is niet opgenomen in de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM), maar de angst is daarom niet onbestaand. Zelfs model Kendall Jenner liet weten dat ze aan de aandoening lijdt. De reacties die de trypofobie oproept, variëren van een onaangenaam gevoel tot braakneigingen, maar ook elk moment van het dagelijkse leven wordt geïmpacteerd. Patiënten leven met de voortdurende angst om geconfronteerd te worden met eender welk object met gaten, van remlichten over luchtbellen tot zelfs Zwitserse kaas en aardbeien. Vooral lotuszaad (foto) blijkt voor veel trypofoben triggers. Er is nog maar weinig onderzoek gedaan naar trypofobie, maar aangenomen wordt dat het gaat om een psychogene aandoening die dankzij het internet wijdverspreid is geraakt. Onderzoekers van de Universiteit van Essex menen in een studie dat weerzin voor gatenpatronen de angst weerspiegelt voor gevaarlijke dieren als spinnen, slangen, schorpioenen en de blauw-geringde octopus die een soortelijke tekening vertonen. Het is met andere woorden een overblijfsel van een overlevingsmechanisme van onze voorouders om gevaarlijke dieren te vermijden. Veel fobieën zijn overigens te verklaren vanuit een evolutionaire aanpassing om zichzelf als soort te beschermen.In een ander onderzoek van de Universiteit van Kent stelt postdoctoraal onderzoeker in de psychologie Tom Kupfer dat de reactie van trypofoben te verklaren is vanuit een evolutionaire neiging om ziektes te voorkomen. De mens heeft zich zodanig aangepast om mogelijk gevaarlijke pathogenen te vermijden dat hij de sensatie van 'afkeer' ontwikkeld heeft. Omdat clusters met gaatjes geassocieerd kunnen worden met besmettelijke ziektes als pokken, mazelen en tyfus en parasieten als mijten en teken, vertonen trypofoben dan ook een overdreven reactie van die afkeer op dergelijke structuren.