Er zijn mensen die altijd, maar dan ook ál-tijd te laat komen. Meestal slagen ze erin om het afgesproken uur met niet meer dan vijf of tien minuten te overschrijden, maar dat gaat doorgaans gepaard met een gehijg van jewelste en een buslading excuses die vaak heel erg aannemelijk lijken.
...

Er zijn mensen die altijd, maar dan ook ál-tijd te laat komen. Meestal slagen ze erin om het afgesproken uur met niet meer dan vijf of tien minuten te overschrijden, maar dat gaat doorgaans gepaard met een gehijg van jewelste en een buslading excuses die vaak heel erg aannemelijk lijken. Het kan voor mensen die van nature erg punctueel zijn de nodige wrevel opwekken (traagheid is niet voor niets een van de officiële katholieke zonden), maar misschien verdwijnt die ergernis als we beter begrijpen waar die chronische laattijdigheid vandaan komt? Te laat komen mag dan misschien lijken op arrogantie, de reden voor dit gedrag zou weleens het tegenovergestelde van arrogantie kunnen zijn, zo schrijft de Britse psychotherapeute Philippa Perry in The Guardian. Het zou kunnen dat deze personen geen hoge dunk van zichzelf hebben. Zo kunnen ze zich wellicht niet inbeelden dat anderen zich zouden storen aan hun afwezigheid. Wat opvalt, is dat chronische laatkomers een gemeenschappelijk persoonlijkheidskenmerk hebben: ze zijn positief ingesteld en vaak onredelijk optimistisch over hoeveel dingen ze in één dag kunnen wringen. De tijdspanne die nodig is om bijvoorbeeld van het kantoor naar het restaurant te gaan schatten ze doorgaans veel te positief in, vooral als de afgesproken locatie vlakbij is.Daaraan gekoppeld is het probleem van de planning fallacy, een theorie die in de jaren 70 werd ontwikkeld door Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman en diens medewerker Amos Tversky, waarbij mensen de tijd voor het uitvoeren van een taak minder lang inschatten dan in werkelijkheid het geval is. Te laat komen kan ook een gevolg zijn van een aversie om van activiteit te veranderen. Dat laatste is bijvoorbeeld de reden waarom sommige mensen 's morgens zo moeilijk uit hun bed raken. Iemand kan zo gefocust zijn op een klus, dat hij maar niet kan stoppen. Ook al bestaat het gevaar dat de wachtende persoon dit gedrag als egoïstisch zal bestempelen.Maar waarom is conformisme aan het punctualiteitsprincipe eigenlijk de norm? Waarom kunnen we '10 minuten te laat' niet gewoon als 'op tijd' beschouwen? En leggen we niet te veel de nadruk op een 'efficiënt tijdsgebruik'?Denk daarbij aan een oud Braziliaans verhaal over een New Yorkse businessman die een lokale visser in Brazilië de les spelt over het geheim van succes. In plaats van zijn leven te vergooien met vissen, drinken en muziek spelen met vrienden, zou de visser beter zijn visactiviteiten uitbreiden, werknemers aannemen, miljoenen verdienen en dan uiteindelijk met pensioen gaan om zijn dagen door te brengen met... vissen, drinken en muziek spelen met zijn vrienden.Misschien moet u daar eens over nadenken terwijl u weer eens wacht op iemand die te laat is.