Augustus en september zijn de maanden bij uitstek om de spectaculaire visarend bij ons te zien, die dan onderweg is van zijn noordelijke broedgebieden naar winterplekken in vooral Noordwest-Afrika. Het is een indrukwekkende roofvogel met wat 'geknakte' vleugels die onderaan overwegend lichtgekleurd zijn met opvallende bruinzwarte polsvlekken. De bovenkant is bruin, de kop wit met bruine oogstrepen.
...

Augustus en september zijn de maanden bij uitstek om de spectaculaire visarend bij ons te zien, die dan onderweg is van zijn noordelijke broedgebieden naar winterplekken in vooral Noordwest-Afrika. Het is een indrukwekkende roofvogel met wat 'geknakte' vleugels die onderaan overwegend lichtgekleurd zijn met opvallende bruinzwarte polsvlekken. De bovenkant is bruin, de kop wit met bruine oogstrepen. Wereldwijd is hij na de slechtvalk de meest verspreide roofvogel - de visarend is een kosmopoliet. Hij leeft van vis, die hij vangt door met zijn poten vooruit in het water te duiken. Daarbij kan hij volledig onder water verdwijnen. Om efficiënt te vissen, heeft hij speciale aanpassingen. Zijn vier tenen zijn even lang, wat uitzonderlijk is voor een roofvogel. Hij kan tenen naar achteren plooien, en dat geeft hem een stevigere greep op glibberige vissen. Om dezelfde reden heeft hij naaldjes aan de onderkant van zijn tenen. Hij kan zijn neusgaten afsluiten voor hij in het water verdwijnt, en hij houdt rekening met de lichtbreking aan het wateroppervlak om de positie van een vis te bepalen. De arend heeft dus veel meegekregen om succesvol te zijn. Toch kreeg hij sinds de jaren 1950 zware klappen door het massale pesticidegebruik: schadelijke stoffen drongen via de voedselketen in zijn lichaam en zijn eieren. Dat kwam boven op het eeuwenlange systematisch verdelgen van vogels en het roven van eieren uit nesten. Maar nu de schadelijkste pesticiden verboden en beschermingsmaatregelen van kracht zijn, gaat het weer beter. Bijna overal zit het bestand van de visarend in de lift. De wereldpopulatie wordt op bijna een half miljoen individuen geraamd. Nederland en België waren lang een leemte in het broedareaal van de visarend. Sinds 2016 broeden er wel enkele koppels in de Nederlandse Biesbosch, niet ver van de grens met België. Het gebied werd gekoloniseerd door vogels uit Engeland en Duitsland. Dit jaar zijn er vijf broedparen, waarvan drie succesvol. Vorig jaar brachten drie koppels elk drie jongen groot. De vogels broeden er in hoge bomen en 65 meter hoog op een hoogspanningsmast. De kunstnesten die in de regio geplaatst zijn, worden niet gebruikt. Ook in Vlaanderen staan her en der kunstnesten voor visarenden, maar meer dan drie schamele verkenningen van zo'n nest in een Limburgs vijvergebied leverde dat nog niet op. Het laatst bekende broedgeval dateert van 1946 - de vogels werden toen tijdens de nestbouw afgeschoten. In het begin van het broedseizoen probeert een mannetje een vrouwtje naar een nest te lokken door uit te pakken met zijn kwaliteiten als visser en bouwer: niet zelden hangt hij langzaam vliegend met hangende poten vol vis of nestmateriaal indruk te maken. Zodra een koppel gevormd is, wordt er druk gepaard, gemiddeld zo'n 160 keer voor de productie van 3 eieren. Dat is veel. Mogelijk is het een strategie van de man om maximale controle uit te oefenen op de bevruchting van de eieren, want ook in de visarendenwereld zijn er constant kapers op de kust. Mannetjes investeren zwaar in een relatie. Ze brengen voortdurend nestmateriaal en vis aan, terwijl hun vrouwtje het huishouden en de kinderen voor haar rekening neemt. Een taakverdeling die herkenbaar zal zijn voor velen onder ons, zeker in de oudere generaties.